<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>NL-Aid</title>
	<atom:link href="/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.nl-aid.org</link>
	<description>NL-Aid Netherlands Aid, Development Cooperation</description>
	<lastBuildDate>Wed, 24 Feb 2021 07:42:51 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=4.1.1</generator>
	<item>
		<title>Het centraal eindexamen moet anders</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/het-centraal-eindexamen-moet-anders/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/het-centraal-eindexamen-moet-anders/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 07 Jul 2018 06:27:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[CE]]></category>
		<category><![CDATA[centraal eindexamen]]></category>
		<category><![CDATA[cito]]></category>
		<category><![CDATA[correctiemodel]]></category>
		<category><![CDATA[docenten]]></category>
		<category><![CDATA[eindexamen]]></category>
		<category><![CDATA[examentraining]]></category>
		<category><![CDATA[havo]]></category>
		<category><![CDATA[kennis]]></category>
		<category><![CDATA[leerling]]></category>
		<category><![CDATA[Levende Talen]]></category>
		<category><![CDATA[OESO]]></category>
		<category><![CDATA[PISA-onderzoek]]></category>
		<category><![CDATA[uniformiteit]]></category>
		<category><![CDATA[vmbo]]></category>
		<category><![CDATA[VO-scholen]]></category>
		<category><![CDATA[voortgezet onderwijs]]></category>
		<category><![CDATA[wurgcontract]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=17309</guid>
		<description><![CDATA[Een centraal eindexamen (CE) is niet eenduidig. Neem het examen Nederlands voor het vwo. Het correctiemodel wordt vooraf door 20 docenten van Vereniging Levende Talen doorgelicht, alvorens het definitief wordt vastgesteld. Dit schooljaar vond dit CE op 17 mei plaats. Op 18 mei werd er al een aanvulling op het correctiemodel gepubliceerd, evenals op 22 [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_17328" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2018/06/Het-Centraal-Eindexamen-moet-anders.jpg" ><img class="size-medium wp-image-17328" src="/wp-content/uploads/2018/06/Het-Centraal-Eindexamen-moet-anders-300x210.jpg" alt="Eindhovens Dagblad, 5 juli 2018" width="300" height="210" /></a><p class="wp-caption-text">Eindhovens Dagblad, 5 juli 2018</p></div>
<p>Een centraal eindexamen (CE) is niet eenduidig. Neem het examen Nederlands voor het vwo. Het correctiemodel wordt vooraf door 20 docenten van Vereniging Levende Talen doorgelicht, alvorens het definitief wordt vastgesteld. Dit schooljaar vond dit CE op 17 mei plaats. Op 18 mei werd er al een aanvulling op het correctiemodel gepubliceerd, evenals op 22 mei. Die 20 docenten waren klaarblijkelijk niet afdoende. Op 23 mei organiseerde Leven Talen een landelijke examenbespreking met 60 docenten waarop op 24 mei een verslag werd uitgebracht met nieuwe aanvullingen. De secties per school steken ook nog hun koppen bij elkaar en ten slotte is een tweede corrector aan de beurt. De eerste en tweede corrector komen er niet altijd uit en soms middelen ze dan. Hoe moet een leerling een perfecte score neerzetten als al deze docenten, zonder enige druk en met zeeën van tijd, hier al niet uitkomen?</p>
<p>Er zijn meerdere argumenten waarom een CE ter discussie staat. Ten eerste neemt de hoeveelheid nieuwe informatie en wetenschappelijke theorieën jaarlijks gigantisch toe terwijl de inhoud van een CE sinds de jaren 50 redelijkerwijs gelijk is gebleven. Sinds eind jaren 60 is het vakkenpakket op VO-scholen zelfs onveranderd gebleven. Kortom, ze lopen niet in gelijke mars.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-4.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17322" src="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-4-300x87.png" alt="Examens 4" width="300" height="87" /></a>Voorts meet een CE op vakniveau hoogstens een klein deel van wat we willen dat ze meten. Evenzeer meet een CE geen sociale ontwikkeling zoals empathie, samenwerken, managen, zelfredzaamheid, ijver. Allemaal zaken die wel belangrijk zijn maar waarvoor je geen cijfers krijgt. Het CE test alleen kennis. De feitenkennis van een CE is van korte termijn, sociale ontwikkeling voor lange termijn. Ik daag eenieder uit om op papier te zetten wat hij of zij aan kennis nog weet van het CE. Een CE is gestoeld op leren, testen en vergeten.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-3.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17317" src="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-3-300x132.png" alt="Examens 3" width="300" height="132" /></a>Het meest belangrijke argument is dat een CE tegen de vrijheid van onderwijs druist. De laatste twee schooljaren zijn scholen helemaal niet bezig met het verwerven van kennis dat maatwerk is voor kinderen. Ze zijn namelijk bezig met examentraining. Dit is een enorm gemis omdat je de unieke potentie van in individuele leerling niet oogst. We vinden het kennelijk belangrijker om alle Nederlandse leerlingen in hetzelfde tijdspad als een vierkant stukje hout in een rond gaatje te wurmen. Alsof een kind op het platteland in een Gronings gehucht, een kind in het centrum van Rotterdam dat tot haar achtste op het platteland in Turkije heeft gewoond en een hoogbegaafd kind woonachtig nabij een hightechomgeving drie replica’s van elkaar zijn. Een CE gaat te zeer uit van uniformiteit en juist daardoor merk ik voornamelijk bij vmbo-leerlingen veel desinteresse in ‘leren’.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-2.png" ><img class="alignright size-full wp-image-17316" src="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-2.png" alt="Examens 2" width="269" height="188" /></a>Hoe zit dit in andere landen? De OESO voert om de drie jaar een internationaal vergelijkend onderzoek tussen leerlingenniveaus uit, het zogenaamde PISA-onderzoek. Wat opvalt is dat de Europese landen Estland en Finland sinds 2000 significant beter scoren dan Nederland op het gebied van wiskunde, wetenschap en leesvaardigheid. Finland kent geen vastgestelde einddoelen, geen cito-toetsen en geen CE’s. Estland heeft gekozen voor een mix door vijf CE’s van de achttien vakken te verplichten. In België wordt een CE door de desbetreffende vakdocent gemaakt. Kennelijk hebben andere landen argumenten gevonden dat een CE, zoals wij dat in Nederland kennen, een leerling niet per sé beter maakt.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-5.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17319" src="/wp-content/uploads/2018/06/Examens-5-300x161.png" alt="Examens 5" width="300" height="161" /></a>Ten slotte is er nog een emotioneel argument. Een leerling die op vijfhonderdste zakt (het komt voor) loopt een immens trauma op. Wat voor een leersignaal geven we hiermee door aan kinderen? Het betreft een simulatie die nimmer meer in een mensenleven terugkomt. Stel dat u een secretaresse bent en uw manager vindt dat uw telefoontechnieken niet op orde zijn. Dan zegt hij toch niet dat u uw gehele opleiding opnieuw moet doen? Nee, dan biedt hij een cursus telefoontechniek aan. Dit wordt tevens gesimuleerd op een mbo, hbo en wo. Ik heb een hbo en een wo gedaan en na een lessenreeks was er een toets en indien je een onvoldoende had dan dat deed je dit over totdat je het had. Ik heb wel eens drie jaar later een vak afgesloten. Beide opleidingen eindigde wel met een onderzoek maar nimmer met een CE. Ik hoor niemand dat daar niet neutraal en objectief getoetst zou worden. Helaas worden kinderen van 16 tot 18 worden in het VO ontzettend voor blok gezet. Een wurgcontract.</p>
<p>Moet het examen worden afgeschaft? Misschien niet. Er zijn zeker voordelen aan een CE. Echter, Finland toont aan dat een CE absoluut niet heilig is, ook al is het gehele onderwijssysteem daar anders. Maar we ploeteren wel door met CE’s die niet eenduidig zijn, zoals het vak Nederlands. Bovendien betreft de invulling van het huidige CE-systeem in mijn ogen een naoorlogs relikwie en mag het een 21e-eeuws likje verf krijgen. De jaren 50 hebben al lang achter ons liggen.</p>
<p><strong>Drs. Hans R.J. Sluijter</strong></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/het-centraal-eindexamen-moet-anders/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het onderwijs is een prehistorisch monster</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/het-onderwijs-is-een-prehistorisch-monster/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/het-onderwijs-is-een-prehistorisch-monster/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 20 Dec 2017 10:06:37 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[In the news]]></category>
		<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[1973]]></category>
		<category><![CDATA[21st century skills]]></category>
		<category><![CDATA[Andrew Hacker]]></category>
		<category><![CDATA[Arabisch]]></category>
		<category><![CDATA[astronomie]]></category>
		<category><![CDATA[big history]]></category>
		<category><![CDATA[biketrail]]></category>
		<category><![CDATA[blindtypen]]></category>
		<category><![CDATA[bossaball]]></category>
		<category><![CDATA[bourgeoisie]]></category>
		<category><![CDATA[brugklas]]></category>
		<category><![CDATA[Carry Slee]]></category>
		<category><![CDATA[Chinees]]></category>
		<category><![CDATA[cijferlijst]]></category>
		<category><![CDATA[CKV]]></category>
		<category><![CDATA[cloud]]></category>
		<category><![CDATA[communicatietechnologie]]></category>
		<category><![CDATA[curriculum]]></category>
		<category><![CDATA[curriculumontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[digitale logistiek]]></category>
		<category><![CDATA[Duitsland]]></category>
		<category><![CDATA[Excel]]></category>
		<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[floorball]]></category>
		<category><![CDATA[fonetisch spellen]]></category>
		<category><![CDATA[foto & film]]></category>
		<category><![CDATA[Frans]]></category>
		<category><![CDATA[free running]]></category>
		<category><![CDATA[Google ranking]]></category>
		<category><![CDATA[havo]]></category>
		<category><![CDATA[informatica]]></category>
		<category><![CDATA[Japans]]></category>
		<category><![CDATA[Karel ende Elegast]]></category>
		<category><![CDATA[kronum]]></category>
		<category><![CDATA[kunst]]></category>
		<category><![CDATA[lacrosse]]></category>
		<category><![CDATA[leiderschap]]></category>
		<category><![CDATA[mediawijsheid]]></category>
		<category><![CDATA[muurklimmen]]></category>
		<category><![CDATA[muziek]]></category>
		<category><![CDATA[netwerkbeheer]]></category>
		<category><![CDATA[NLT]]></category>
		<category><![CDATA[office]]></category>
		<category><![CDATA[ondernemen]]></category>
		<category><![CDATA[Onderwijsblad]]></category>
		<category><![CDATA[prehistorisch monster]]></category>
		<category><![CDATA[programmeren]]></category>
		<category><![CDATA[Pythagoras]]></category>
		<category><![CDATA[rechten]]></category>
		<category><![CDATA[robotica]]></category>
		<category><![CDATA[Rosenmöller]]></category>
		<category><![CDATA[Russisch]]></category>
		<category><![CDATA[Spaans]]></category>
		<category><![CDATA[tekenen]]></category>
		<category><![CDATA[VO-raad]]></category>
		<category><![CDATA[VO-scholen]]></category>
		<category><![CDATA[vwo]]></category>
		<category><![CDATA[websites bouwen]]></category>
		<category><![CDATA[wiskunde]]></category>
		<category><![CDATA[YouTube]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=17176</guid>
		<description><![CDATA[Het curriculum van het voortgezet onderwijs is een prehistorisch monster Een cijferlijst van de havo uit 1973 leert dat alle 18 vakken in 2017 nog steeds worden aangeboden, zei het soms onder een andere naam. Het enige onderscheid met het huidige curriculum zijn keuzevakken die per school kunnen verschillen zoals Spaans, kunst, filosofie of NLT. [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_17178" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2017/12/Eindhovens-Dagblad-6-december-2017.jpg" ><img class="size-medium wp-image-17178" src="/wp-content/uploads/2017/12/Eindhovens-Dagblad-6-december-2017-300x191.jpg" alt="Klik op afbeelding voor uitvergroting: Eindhovens Dagblad, 6 december 2017" width="300" height="191" /></a><p class="wp-caption-text"><strong>Klik op afbeelding voor uitvergroting</strong><br />Eindhovens Dagblad, 6 december 2017</p></div>
<p><strong>Het curriculum van het voortgezet onderwijs is een prehistorisch monster</strong></p>
<p>Een cijferlijst van de havo uit 1973 leert dat alle 18 vakken in 2017 nog steeds worden aangeboden, zei het soms onder een andere naam. Het enige onderscheid met het huidige curriculum zijn keuzevakken die per school kunnen verschillen zoals Spaans, kunst, filosofie of NLT. Er zijn enige lokale initiatieven zoals het Fries en de havenhavo in Rotterdam. Wiskunde wordt op de havo in de drie varianten A, B of D aangeboden (op het vwo tevens wiskunde C). Het prehistorisch monster uit 1973 is nog volledig in tact.</p>
<p>In 1973 bestond het Internet nog uit 42 computers die drie universiteiten met elkaar verbonden maar inmiddels zijn er 14 biljoen webpagina’s geïndexeerd. Om de ontwikkelingen bij te blijven zijn de 21st century skills opgesteld om de onderwijsorganisatie en –filosofie handjes en voetje te geven. Het betreffen vage competenties die het curriculum alleen inhoudelijk vorm geven zoals de transitie van een papieren boek naar een digitaal boek.</p>
<p>De wereld snakt naar vakken als programmeren, astronomie, leiderschap, foto &amp; film, robotica, big history, ondernemen, digitale logistiek of rechten. In de brugklas zou eigenlijk gestart moeten worden met blindtypen om vervolgens door te stromen met informatica waarin de volgende onderdelen een plaats zouden moeten hebben: office, mediawijsheid, websites bouwen, Google ranking, netwerkbeheer en communicatietechnologie. Toch ploeteren we met zijn allen voort op oude blauwdrukken.</p>
<p>Vakken als Frans, muziek, CKV en in mindere mate tekenen zijn oubollig en hebben in 2017 geen bestaansrecht omdat ze geen afspiegeling zijn van wat er in de samenleving leeft. Het vak Frans heeft een historische bestaansrecht door de bourgeoisie maar het betreft allang niet meer de wereldtaal van de elite en de handelstaal van weleer. Je kunt anno 2017 beter kiezen voor Russisch, Chinees, Japans of Arabisch. Vroeger ging bijna iedereen naar de muziekschool maar nu vul je met moeite een klas met een handvol leerlingen en met een abominabel niveau.</p>
<p>Er is meer. Export maakt 31% uit van ons bruto binnenlands product, alles dat Nederland bij elkaar verdient. Bijna een kwart van de export, circa 75 miljard euro, wordt verdiend aan Duitsland. Op de vierde plaats komt Engeland met slechts 8% van de totale uitvoerwaarde en Amerika met 5%. Er zijn circa 130 VO-scholen die tweetalig onderwijs aanbieden waarvan 129 in het Engels en één in het Duits. Het is logischer dat dit andersom zou zijn.</p>
<p>Andrew Hacker van Queens College, City University of New York, stelt dat leerlingen gedemotiveerd raken door het hogere wiskunde in scholen en hij twijfelt aan het pratische nut zoals menigeen voor ogen heeft. Wiskunde is een belangrijk vak maar het wordt overschat en het is misplaatst binnen de kernvakken. De algebraïsche basisvaardigheden die iemand in een gemiddelde praktijk nodig heeft is gewoon te beheersen met Excel (eventueel voor gevorderden), zeker indien je dit combineert met programmeren. Want zeg nou eerlijk: wie heeft er voor het laatst in de dagelijkse praktijk een integraal of vectorruimte berekend?</p>
<p>Het vak Nederlands behuisd literatuurgeschiedenis en x, maar wat leer je van een oud boek als Karel ende Elegast of een Carry Slee waarin een jongen voor het eerst een meisje kust op pagina 96. Het lijkt me veel leerzamer om documentaire- of wetenschappelijke boeken te lezen zoals x. Ook met die boeken kun je leren wat kernzinnen zijn, opbouw en leesdoelen.</p>
<p>Evenzo zou de grammatica een facelift mogen hebben. De dubbelklanken (ou/au, ei/ij en het fonetisch spellen is een reële discussie waard. Er zijn vele historische verklaringen voor uitzonderingen maar de Nederlandse taal behoort geen historisch archief te zijn. Je kunt duidelijk leesbare boeken schrijven zonder de letter c en q, met alleen de ou, alleen de ij, geen sch en zonder dt’jes.</p>
<p>Lichamelijke opvoeding maakt wel een inhaalslag alhoewel vele gymzalen nog steeds wandrekken en ringen hebben. We leven in een tijd met nieuwe sporten zoals vechtspelen, biketrail, lacrosse, kronum, free running, bossaball, muurklimmen, floorball en allerlei fitnessachtige varianten. De toekomst is rijp voor pauzesport en (internationale) scholencompetities.</p>
<p>Ontwikkeling van 21st century skills is niet dezelfde vakken in een modern jasje steken. De Stelling van Pythagoras is sinds 1973 namelijk echt niet veranderd. Je kunt anno 2017 een didactiek aanpassen met youtube, werken met een cloud of virtual reality, het feit blijft dat op het einde de leerling net zo veel weet als een eindexamenstudent in 1973. Curriculumontwikkeling wordt met name vertraagd door de examenplicht met verplichte vakken en een rijtje vaste keuzevakken. Het is een experiment waard om een schooljaar in te delen in 20 studiepunten, waarbij de helft door het ministerie wordt bepaald en afgerond dienen te worden door een examen. De andere 10 studiepunten is examenvrij, niet resultaatvrij, en kan naar vrij inzicht van de school worden ingevlogen. Ik wil u als lezer vragen om boven water te halen wat u als kennis nog paraat heeft dat geleerd is voor een eindexamen. Het antwoord geeft namelijk het nut van examens aan. Kortom, de noodzaak voor examens worden overschat. Inzichten en kennis kunnen namelijk veel beter getoetst worden in een simulatie.</p>
<p>Indien curriculumontwikkeling net zo snel zou moeten gaan als de digitale ontwikkelingen dan had de houdbaarheidsdatum van het curriculum uit 1973 al in 1974 moeten stranden. We kunnen ook met zijn allen in 2030 de 18 vakken uit 1973 nog koesteren. Maar vraag een docent niet dat hij zelfstandig vooruit moet denken met 21st century skills.</p>
<p><strong>Drs. Hans R.J. Sluijter</strong></p>
<p><span style="text-decoration: underline;">Follow up</span>:</p>
<p>* interview Onderwijsblad maart 2018: &#8216;<strong>Een nieuw curriculum? De leraar is aan zet</strong>&#8216;.</p>
<p>* <strong>Huidige eindexamens volgens VO-raad niet meer van deze tijd: &#8216;Het moet flexibeler en minder cognitief</strong>&#8216;.</p>
<p>Examens in het voortgezet onderwijs moeten op de schop. Dit stelt de VO-raad, de organisatie van schoolbesturen. &#8216;Het examen lijkt een doel op zichzelf geworden, in plaats van een middel om in kaart te brengen of een leerling klaar is voor de vervolgstap&#8217;, zegt voorzitter Paul Rosenmöller. Hij spreekt van een &#8216;doorgeslagen focus op het leren voor het examen&#8217;. <em>Meer lezen</em>? <a href="https://www.volkskrant.nl/binnenland/huidige-eindexamens-volgens-vo-raad-niet-meer-van-deze-tijd-het-moet-flexibeler-en-minder-cognitief~a4586208/"  target="_blank">Link naar Volkskrant</a>.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/12/Cijferlijst-1973.png" ><img class="alignleft size-large wp-image-17177" src="/wp-content/uploads/2017/12/Cijferlijst-1973-1024x794.png" alt="Cijferlijst 1973" width="750" height="582" /></a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/het-onderwijs-is-een-prehistorisch-monster/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Landelijke India Werkgroep houdt verzonnen kinderarbeid in de lucht</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/landelijke-india-werkgroep-houdt-verzonnen-kinderarbeid-in-de-lucht/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/landelijke-india-werkgroep-houdt-verzonnen-kinderarbeid-in-de-lucht/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 17 Nov 2017 19:55:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[aannames]]></category>
		<category><![CDATA[Antolini Luigi]]></category>
		<category><![CDATA[audits]]></category>
		<category><![CDATA[bewijs]]></category>
		<category><![CDATA[Bijker]]></category>
		<category><![CDATA[Bill Gates]]></category>
		<category><![CDATA[child labour]]></category>
		<category><![CDATA[Code voor Journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[convenant]]></category>
		<category><![CDATA[Dark Sites of Granite]]></category>
		<category><![CDATA[datumbewijs]]></category>
		<category><![CDATA[Decathlon]]></category>
		<category><![CDATA[Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie]]></category>
		<category><![CDATA[Do leather workers matter?]]></category>
		<category><![CDATA[Dutti]]></category>
		<category><![CDATA[echtheidsbewijs]]></category>
		<category><![CDATA[Edwards Slate]]></category>
		<category><![CDATA[fake]]></category>
		<category><![CDATA[fake-alert]]></category>
		<category><![CDATA[false negatives]]></category>
		<category><![CDATA[false positives]]></category>
		<category><![CDATA[false-positive psychology]]></category>
		<category><![CDATA[FNV]]></category>
		<category><![CDATA[framing]]></category>
		<category><![CDATA[Gerard Oonk]]></category>
		<category><![CDATA[Haas School of Business]]></category>
		<category><![CDATA[Hijink]]></category>
		<category><![CDATA[India]]></category>
		<category><![CDATA[IOB]]></category>
		<category><![CDATA[Joseph P. Simmons]]></category>
		<category><![CDATA[Kerasom]]></category>
		<category><![CDATA[kinderarbeid]]></category>
		<category><![CDATA[Labour Without Liberty]]></category>
		<category><![CDATA[Landelijke India Werkgroep]]></category>
		<category><![CDATA[Leif D. Nelson]]></category>
		<category><![CDATA[Lilianne Ploumen]]></category>
		<category><![CDATA[LIW]]></category>
		<category><![CDATA[LLOYD]]></category>
		<category><![CDATA[Massimo Dutti]]></category>
		<category><![CDATA[Minbuza]]></category>
		<category><![CDATA[Modi]]></category>
		<category><![CDATA[multinationals]]></category>
		<category><![CDATA[Narendra Modi]]></category>
		<category><![CDATA[NL-Aid]]></category>
		<category><![CDATA[OESO]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingssamenwerking]]></category>
		<category><![CDATA[Oonk]]></category>
		<category><![CDATA[Pareidolie]]></category>
		<category><![CDATA[rectificatie]]></category>
		<category><![CDATA[Rutte]]></category>
		<category><![CDATA[Sazias]]></category>
		<category><![CDATA[schuldcultuur]]></category>
		<category><![CDATA[SER]]></category>
		<category><![CDATA[Sociaal-Economische Raad]]></category>
		<category><![CDATA[sociaalwetenschappelijk]]></category>
		<category><![CDATA[SPJ Code Of Ethics]]></category>
		<category><![CDATA[steekproef]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Kamerleden]]></category>
		<category><![CDATA[Universiteit Maastricht]]></category>
		<category><![CDATA[University of California]]></category>
		<category><![CDATA[University of Pennsylvania]]></category>
		<category><![CDATA[Uri Simonsohn]]></category>
		<category><![CDATA[vacature]]></category>
		<category><![CDATA[Van Brenk]]></category>
		<category><![CDATA[Van den Hul]]></category>
		<category><![CDATA[Voordewind]]></category>
		<category><![CDATA[waarheidsgetrouw]]></category>
		<category><![CDATA[waarheidsvinding]]></category>
		<category><![CDATA[Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking]]></category>
		<category><![CDATA[Wharton School]]></category>
		<category><![CDATA[Wiebe Bijker]]></category>
		<category><![CDATA[www.NL-Aid.org]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=17086</guid>
		<description><![CDATA[De waarheidsvinding van de Landelijke India Werkgroep (LIW) knakt na kritische vragen en kinderarbeid lijkt totaal te zijn verzonnen in het rapport ‘The Dark Sites Of Granite’ waarin 34 bedrijven worden besmeurd. Sinds de publicatie van het rapport is er op de achtergrond veel gebeurd om bloot te leggen hoe zwak de bewijsvoering is. Een [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Busted.png" ><img class="size-medium wp-image-17136 alignleft" src="/wp-content/uploads/2017/11/Busted-212x300.png" alt="Busted" width="212" height="300" /></a><strong>De waarheidsvinding van de Landelijke India Werkgroep (LIW) knakt na kritische vragen en kinderarbeid lijkt totaal te zijn verzonnen in het rapport ‘The Dark Sites Of Granite’ waarin 34 bedrijven worden besmeurd. Sinds de publicatie van het rapport is er op de achtergrond veel gebeurd om bloot te leggen hoe zwak de bewijsvoering is. Een overzicht.</strong></p>
<p><strong>T i m e   t a b l e</strong></p>
<p><em>23 augustus 2017</em></p>
<p>LIW publiceert het rapport ‘<a href="/wp-content/uploads/2017/11/The-Dark-Sites-Of-Granite.pdf" >The Dark Sites Of Granite</a>’ waarop dagblad Trouw zijn artikel ‘Nederlandse bedrijven verkopen graniet uit mijnen waar kinderarbeid voorkomt’ publiceert.</p>
<p><em>24 augustus 2017</em></p>
<p>NL-Aid stuurt LIW en de journalist van dagblad Trouw een e-mail dat de berichtgeving verder onderzocht dient te worden omdat het rapport niet wetenschappelijk is geschreven en dientengevolge de beweringen niet aannemelijk zijn. Overigens heeft NL-Aid door de jaren heen LIW op de hoogte gebracht van fake-kinderarbeid maar daar is nimmer gehoor op gegeven. Dat is vreemd als je aan waarheidsvinding doet.</p>
<p><em>15 september 2017</em></p>
<p>NL-Aid publiceert het artikel ‘<a href="/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/" title="De Landelijke India Werkgroep verzint kinderarbeid" >De Landelijke India Werkgroep verzint kinderarbeid</a>’. Daarin staat o.a. dat natuursteenbedrijf Antolini Luigi LIW zal vervolgen wegens het publiceren van ‘valse en misleidende informatie’.</p>
<p><em>30 september 2017</em></p>
<p>NL-Aid schrijft de bevindingen naar de inspectiedienst van ontwikkelingssamenwerking, de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB).</p>
<p><em>4 oktober 2017</em></p>
<p>LIW buigt want ze publiceren hun eerste rectificatie waarin Antolini Luigi en Edwards Slate &amp; Stone worden gevrijwaard van de verkoop van producten gemaakt middels kinderarbeid. Overigens is de rectificatie na een paar weken zo verstopt op de site van LIW dat het lastig is om deze te traceren. Sterker nog, LIW heeft een aparte link met <a href="http://www.indianet.nl/indianieuws-archief.html"  target="_blank">nieuwsarchief </a>en de rectificatie wordt daar niet vermeld.</p>
<p><em>5 oktober 2017</em></p>
<p>De IOB schrijft aan NL-Aid dat LIW zelf de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit en betrouwbaarheid van hun onderzoeken, publicaties en media-uitingen moeten dragen. De IOB heeft als primaire taak om het beleid van Minbuza te evalueren en richten zich daarmee op publiekrechtelijke gebied, niet op het privaatrechtelijke gebied. LIW is geen overheid. Het blijft vreemd dat stichtingen die volledig van belastinggelden afhankelijk zijn en niet onder de ‘Wet Openbaarheid Van Bestuur’ (WOB) vallen, niet langs een meetlat gelegd worden. Waar gaat dit dan mis? Om tot bestuursorgaan te worden aangemerkt waardoor de WOB en de IOB een rol kunnen spelen moet een goededoelenstichting aan drie toetsstenen voldoen:</p>
<ol>
<li>Het gaat om subsidie, uitkeringen of andere op geld waardeerbare rechten, en de rechtspersoon fungeert als een soort doorgeefluik tussen overheid en burger;</li>
<li>De overheid verschaft het geld waarmee de rechtspersoon de op geld waardeerbare rechten in overwegende mate, in beginsel voor ten minste twee derden;</li>
<li>De overheid bepaalt de criteria volgens welke de subsidies of uitkeringen worden verdeeld in beslissende mate.</li>
</ol>
<p>Op het laatste punt gaat het mis. Goededoelenstichtingen stellen de toekenningscriteria vast. Dus niet wie betaalt, maar wie bepaalt geeft in dit geval de juridische doorslag. Kortom, LIW heeft vrij spel waarbij niemand zich bekommert om waarheidsvinding.</p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/11/VW-logo.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17088" src="/wp-content/uploads/2017/11/VW-logo-300x298.png" alt="VW logo" width="300" height="298" /></a>19 oktober 2017</em></p>
<p>Naar aanleiding van The Dark Sites Of Granite zijn schriftelijke vragen gesteld door Sazias en Van Brenk (beiden 50PLUS), Hijink (SP), Voordewind (ChristenUnie), Van den Hul (PvdA) en Diks (Groenlinks) en beantwoord door de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, Lilianne Ploumen (kenmerk <a target="_blank" href="http://www.indianet.nl/pdf/kv171019a.pdf" >BZDOC-1424805945-57</a>, <a target="_blank" href="https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2017/10/19/beantwoording-kamervragen-over-het-onderzoek-de-schaduwzijden-van-graniet/beantwoording-kamervragen-over-het-onderzoek-de-schaduwzijden-van-graniet.pdf" >BZDOC-634272062-122</a> en <a target="_blank" href="https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2017/10/19/beantwoording-kamervragen-over-het-bericht-dat-graniet-gedolven-wordt-door-kinderhanden/beantwoording-kamervragen-over-het-bericht-dat-graniet-gedolven-wordt-door-kinderhanden.pdf" >BZDOC-1797577928-35</a> van Minbuza).</p>
<p><em>22 oktober 2017</em></p>
<p>NL-Aid publiceert het artikel ‘<a href="/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid-part-2-ngo-rescue/" >De Landelijke India Werkgroep verzint kinderarbeid, part 2: ngo-rescue</a>’.</p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/11/SER.png" ><img class="alignright size-full wp-image-17203" src="/wp-content/uploads/2017/11/SER.png" alt="SER" width="152" height="66" /></a>4 november 2017</em></p>
<p>NL-Aid stuurt een mail naar SER waarin gewezen wordt op de twee artikelen op www.NL-Aid.org over het wetenschappelijk schijnreden ten aanzien van kinderarbeid door LIW.</p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Tweede-Kamer.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17204" src="/wp-content/uploads/2017/11/Tweede-Kamer-300x86.png" alt="Tweede Kamer" width="300" height="86" /></a>8 november 2017</em></p>
<p>NL-Aid mailt de genoemde Tweede Kamerleden, te weten Sazias en Van Brenk (beiden 50PLUS), Hijink (SP), Voordewind (ChristenUnie), Van den Hul (PvdA) en Diks (Groenlinks), om alle bevindingen te delen en om een reactie te vragen. Zelfs na een reminder ontving NL-Aid geen reactie.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>De waarheidsvinding van LIW is een vlucht in bijvoeglijke naamwoorden en aannames</strong></p>
</div><em>9 november 2017</em></p>
<p>Gerard Oonk van LIW stuurt een mail naar NL-Aid. Deze is interessant want hij doet een poging tot waarheidsvinding. De cursieve gedeeltes zijn geschreven door Oonk. Er staat niet één wetenschappelijke logica in dat zich een ‘bewijs’ mag noemen. Lees mee want dit is waarheidsvinding van het ontwikkelingssamenwerkingfront dat door de IOB, de SER, de Tweede Kamerleden en dagblad Trouw wordt getolereerd.</p>
<p><em>‘Voor de totstandkoming van het rapport ‘The Dark Sites of Granite’ hebben wij samengewerkt met het Indiase Glocal Research. Glocal Research is een gerenommeerde onderzoeksorganisatie die bijvoorbeeld ook onderzoek uitvoert voor duurzaamheidsinitiatieven waarbij verschillende multinationale bedrijven zijn aangesloten. Diverse van onze eerdere rapporten over de omvangrijke kinderarbeid in de zadensector worden door bedrijven als zeer betrouwbaar beschouwd. Zij baseren mede daarop hun plannen om het probleem aan te pakken.’</em></p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Zolang beweringen niet aan de wetenschappelijke wetten voldoen, zijn de beweringen wetenschappelijk gezien ONWAAR en dientengevolge verzonnen</strong></p>
</div>De waarheidsvinding van LIW is een vlucht in bijvoeglijke naamwoorden en aannames. Waarom is Glocal Research <em>gerenommeerd</em>? Hoe is dit gedefinieerd? Ik weet niets van hen, ze zij zelfs onvindbaar op internet. Als je <em>gerenommeerd</em> bent, bestaat er dan plotseling verschoningsrecht op wetenschappelijke proeve? Waarom schermen met <em>multinationale bedrijven</em>? Is het dan meer ‘waar’? Wat is <em>omvangrijk</em>? Wat is <em>betrouwbaar</em> en hoe werd dit gemeten? Welke bedrijven in de zadensector zeggen dit en op grond van wat? Is dit de waarheidsvinding van LIW? Moeten we nu maar ineens alles geloven? Dit is geen wetenschap. Dit is vergoelijken omdat je niet aan waarheidsvinding doet.</p>
<p><em>‘Uw suggestie dat de Landelijke India Werkgroep kinderarbeid zou verzinnen voor eigen gewin is vanzelfsprekend onjuist.’ </em></p>
<p>Zolang beweringen niet aan de wetenschappelijke wetten voldoen, zijn de beweringen wetenschappelijk gezien ONWAAR en dientengevolge verzonnen.</p>
<p><em>‘Dit is ook niet te verenigen met het feit dat wij in het rapport aangeven dat incidentele gevallen van kinderarbeid in granietgroeven zijn aangetroffen, maar dat kinderarbeid in Zuid Indiase granietgroeven de afgelopen jaren is afgenomen.’ </em></p>
<p>Dit dien je aantoonbaar te maken maar indien je kinderarbeid hebt aangetroffen tijdens een aangekondigde audit, dan is deze kinderarbeid niks waard. Dan is de kans aanwezig dat dit op voorhand in scène is gezet. En wat is <em>incidenteel</em>? Heb je drie kinderen gevonden tijdens 100 audits? Anders? Waren deze audits aangekondigd? Wat waren die kinderen aan het doen dat je dit als kinderarbeid bestempeld?</p>
<p><em>‘De Landelijke India Werkgroep volgt een strikte procedure van hoor en wederhoor en geeft bedrijven daarmee de gelegenheid te reageren op bevindingen die rechtstreeks met hen verband houden, voorafgaand aan publicatie.’</em></p>
<p>Dit is vreemd want ik verneem van de natuursteenbedrijven dat zij niet te horen krijgen in welke groeves kinderen zijn gevonden zodat zij niet in staat zijn om een antithese te vormen. Op deze manier wordt het door hun strot geduwd want er is geen verdediging mogelijk. Je zegt hiermee: ‘jij hebt het gedaan? Wat heb ik gedaan? Dat zeg ik niet, maar jij hebt het gedaan.’</p>
<p><em>‘Gezien de gevoeligheid van de informatie die u opvraagt kunnen wij deze niet verstrekken.’ </em></p>
<p>Dit is een misvatting. Je kunt namelijk bijvoorbeeld zeggen dat bij ngo X op adres Y een lijst ligt met gegevens van gevonden kinderen zodat andere onderzoekers/journalisten dit kunnen hergebruiken. Ze kunnen controleren of de lijst bestaat en ze kunnen de inhoud controleren door middels een steekproef enkele kinderen op te zoeken ten bate van waarheidsvinding. Dit gebeurt in geen enkel rapport van LIW. Kortom, je dient een spoor na te laten. <a href="https://www.nvj.nl/ethiek/ethiek/code-journalistiek-nederlands-genootschap-hoofdredacteuren-2008"  target="_blank">De Code voor Journalistiek</a> zegt dat je feiten controleerbaar dient te maken (regel 5, kopje &#8216;waarheidsgetrouw&#8217;). In het Engels ook wel: <a href="http://ethicaljournalist.caylabamberger.com/spj-code-of-ethics/"  target="_blank">SPJ Code Of Ethics</a>. Dit hoort dan ook thuis bij sociaalwetenschappelijk onderzoek doen. LIW schrijft rapportages en persberichten maar ze zijn geen journalistieke organisatie. Dan krijg je deze fouten. De zinsnede van Gerard Oonk zegt eigenlijk dat je alles zomaar zonder bewijs kunt verklaren en dat gevoelige onderwerpen geen bewijs nodig hebben. Geen enkele advocaat heeft op basis van deze redenatie een rechtszaak in de vrije westerse wereld gewonnen. Stel dat de volgende passage zou worden gepubliceerd (voor alle duidelijkheid, het betreft een gedachte-experiment en deze is dus fictief): &#8216;<em>Bij LIW werken onder streng regime van Gerard Oonk in het geheim al decennia lang kinderen die jonger zijn dan 12 jaar oud. Zij moeten urenlang op de grond flyers vouwen. Er is geen bewijs want dit ligt te gevoelig en kan derhalve niet worden verstrekt. Echter, dit hoeft ook niet want de media en politici geloven het toch</em>&#8216;. Dit is toch ook geen wetenschap bedrijven maar een geval van manipuleren en indoctrineren. Kortom, een bewijs MOET ergens toegankelijk zijn. Derhalve heeft LIW de plicht om accuraat mee te delen over welk bewijs het gaat, waar het gearchiveerd ligt en onder welke condities je het kunt inzien. Zonder dit zijn alle beweringen holle frasen, ontbreekt elke wetenschappelijk onderbouwing en is mijn cursieve zin van hierboven evenzo &#8216;waar&#8217;. De SPJ Code Of Ethics: &#8216;<em>Identify sources clearly. The public is entitled to as much information as possible to judge the reliability and motivations of sources</em>&#8216;. Bewijzen in de categorie &#8216;van horen zeggen&#8217; waar LIW mee schermt, doorstaat geen enkele wetenschappelijke proeve.</p>
<p><em>‘Verder verwijzen wij u graag naar de methode-paragraaf in het rapport.’</em></p>
<p>Dit is het grootste probleem. De methodeparagraaf heeft de spanwijdte van een hbo-scriptie. 80% van het rapport zou hier over dienen te gaan waarin je uitlegt hoe je alle mogelijke onvolkomenheden neutraliseert.</p>
<p>Gerard Oonk plaatst zijn in zijn e-mail de desbetreffende onderzoekers van ‘The Dark Sites Of Granite’ in Cc:// omdat ik in een eerder stadium hen persoonlijk de simpele vraag heb gesteld of ze daadwerkelijk kinderarbeid hadden gezien (onderzoeker D.H. van LIW en H.P. van het FNV &#8211; onthoud u de eerste naam want deze komt terug). De onderzoeker hebben mijn vraag nimmer beantwoord. Dit is meer dan verdacht. Dit is hetzelfde als ik aan een onderzoeker vraag of hij wel degelijk vluchtelingen in het vluchtelingenkamp heeft gespot en dat de onderzoeker niet schrijft dat hij vele vluchtelingen heeft gezien, maar een verhaal aflevert dat het vluchtelingenkamp onderdeel is van een <em>omvangrijke</em> en <em>gerenommeerde</em> netwerkorganisatie die vervolgens bij niemand bekend is.</p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Do-leather-workers-matter.png" ><img class="alignleft size-medium wp-image-17207" src="/wp-content/uploads/2017/11/Do-leather-workers-matter-229x300.png" alt="Do leather workers matter" width="229" height="300" /></a>9 november 2017</em></p>
<p>In het rapport &#8216;Do leather workers matter?&#8217; van maart 2017 worden 73 multinationals genoemd. Op pagina 5 van het rapport worden ze in één naam genoemd met de Indiase leerindustrie en uitbuiting waaronder kinderarbeid. Tijdens het onderzoek is gebruik gemaakt van literatuurrecherche en interviews. Er is geen daadwerkelijke uitbuiting waaronder kinderarbeid aangetroffen. De neutraliteit van de interviews wordt niet wetenschappelijk onderbouwd. Er worden geen verklaringen gegeven voor een correlatie met 73 modebedrijven.</p>
<p>Modebedrijf LLOYD schrijft aan NL-Aid: ‘Neither in the past nor currently, there has been any suspicious fact regarding child labour at the production facilities of our partners. Moreover, from the report we did not notice any reason as to why LLOYD should be involved into child labour. The report just mentions LLOYD as a company exporting leather goods from India what is a matter of fact.’</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Lijkt me niet reëel dat de wazige interviews van LIW de 10.000 jaarlijkse audits op inhoud kunnen tegenspreken</strong></p>
</div>Massimo Dutti schrijft aan NL-Aid: &#8216;More than 3,000 professionals from our Social Sustainability division (composed of both in-house experts and professionals from internationally-reputed external firms) work to ensure that all the suppliers comply with all our requirements. Inditex carries out more than 10,000 audits each year to ensure our suppliers comply with the code of conduct and develops correction plans in case any lack of compliance is detected. During these audits, our Sustainability teams controlled the level of wages, working hours, health and safety conditions in the workplace, etc. Inditex implements various programmes that aim to guarantee that living wages are paid to workers in its supply chain.&#8217;</p>
<p>Lijkt me niet reëel dat de wazige interviews van LIW  de 10.000 jaarlijkse audits op inhoud kunnen tegenspreken. De interviews zijn overigens nergens in zijn volledigheid opgeschreven. Het begint overduidelijk te worden dat LIW op een amateuristische manier op wereldniveau een rol wil spelen en zolang overheden en ministers rapporten als &#8216;The Dark Sites Of Granite&#8217; zonder een wetenschappelijk kritische blik bekijken, zal deze relatie blijven bestaan.</p>
<p>Terug naar rapport &#8216;Do leather workers matter?&#8217;. De namen van 73 multinationals op pagina 5 zijn daar eigenlijk niets aan het doen. Toch staan ze daar…ingebed in een verhaal over uitbuiting en kinderarbeid. Ik zou graag de rapporten van Massimo Dutti willen lezen. Zal me niet verbazen dat het niet bij LIW en de genoemde overheidsorganen het is opgekomen om deze als tegenwicht op te vragen.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Je kunt heel stoer en ernstig over kinderarbeid praten en likkebaardende convenanten sluiten, het wordt wel omhooggehouden door een verzonnen werkelijkheid</strong></p>
</div><em>15 november 2017</em></p>
<p>De SER steekt de kop in het zand. De communicatieadviseur van de SER schrijft aan NL-Aid: ‘<em>De SER begeleidt het proces van de Nederlandse natuursteensector, de overheid, vakbond FNV en enkele (coalities van) NGO’s om in de komende maanden te werken aan een convenant dat ertoe moet leiden dat sociale- en milieuomstandigheden in productielanden worden aangepakt en verbeterd. De door Nederland onderschreven OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen en de principes van de VN inzake bedrijven en mensenrechten geven de normen waaraan het gedrag van bedrijven moet voldoen.</em>’</p>
<p>Er wordt niet ingegaan op de kritiek ten aanzien van waarheidsvinding door LIW. De reactie van de SER lijkt op die van LIW: claimen dat alles onderdeel is van iets groots, iets macro’s, waardoor de waarheidsvinding op microniveau er totaal niet toe doet. Of het is een afleidingsmanoeuvre omdat ze er ook niet uitkomen. Echter, je kunt heel stoer en ernstig over kinderarbeid praten en likkebaardende convenanten sluiten, het wordt wel omhooggehouden door een verzonnen werkelijkheid. Frappant is dat de SER niet zegt: ‘er is wel degelijk kinderarbeid want…’. Ontluisterend.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Gezien de achtergrond heeft het dezelfde waarde als een convenant over ufo&#8217;s</strong></p>
</div>De volgende redenering is vals: een bewering op papier is &#8216;waar&#8217; omdat deze door een gerenommeerde actor of actant wordt uitgesproken of opgeschreven. Ik wed dat niemand van SER of de genoemde Tweede Kamerleden één bewijsstuk heeft gezien en dat niemand daar naar gevraagd heeft. Zal me tevens niet verwonderen dat LIW en de SER binnenkort met veel poeha en borstklopperij een persbericht publiceren over het convenant. Gezien de achtergrond heeft het dezelfde waarde als een convenant over ufo&#8217;s.</p>
<p><em>17 november 2017</em></p>
<p>Ik verneem van een betrouwbare bron uit India dat D.H., onderzoeker van het rapport &#8216;The Dark Sites Of Granite&#8217;, door LIW naar India is gestuurd om achteraf bewijzen te verzamelen wegens de aanhoudende kritiek. Door dit nieuws heeft LIW het zich zeer lastig gemaakt want nu dient D.H. ook een <em>datumbewijs</em> te leveren. Volgens de bron is LIW bezig met antidateren. India is hét land van fake-kinderarbeid en deze industrie is gigantisch omdat lokale ngo&#8217;s al meer dan 25 jaar weten dat ze hiermee geld en internationale mensenrechtenprijzen verdienen. Een goed maandinkomen in India ligt tussen de 100 en 200 euro. Als een Europeaan met een koffer geld langskomt dan gaat de Indiër niet zeggen dat er geen kinderarbeid is. Naast een <em>datumbewijs</em> moet LIW een wetenschappelijk bewijs hebben dat kinderarbeid niet in scène gezet is, een <em>echtheidsbewijs</em>.</p>
<p><em>4 december 2017</em></p>
<p>LIW zet een nieuwe vacature uit: &#8216;Medewerker Mensenrechten en Bedrijfsleven&#8217;. Er worden geen eisen gedaan rondom onderzoeksvaardigheden.</p>
<p><em>15 december 2017</em></p>
<p>Glocal Research verdedigt zijn onderzoek maar met zoveel Engelstalige spelfouten dat je al twijfelt aan hun kwaliteit van onderzoek. Ze schrijven: &#8216;<em>In most cases, the research team was not able to collect documentary evidence (paper documents, photographs, audio or videos) as supporting evidence for oral interviews as most respondents were hesistant and unwilling.</em>&#8216; Dit haalt de betrouwbaarheid en validiteit compleet onderuit. Over de vermeende kinderen in de mijnen: &#8216;<em>Age verification documents were not available</em>.&#8217; Dit is mondeling en op zicht gebeurd, zonder foto&#8217;s. Glocal Research linkt bedrijven aan westerse bedrijven middels indirecte bewijsvoering door te melden dat &#8216;black galaxy&#8217; maar op één plaats in de wereld gevonden kan worden en indien deze westerse bedrijven dit verkopen dat dan de cirkel rond is. Het is niet duidelijk of mensen binnen een neutrale setting en zonder suggestieve vragen zijn ondervraagd. Ik heb de ervaring dat er vooraf al een schimmige sfeer is en dat de geïnterviewden allang weten wat de interviewers willen horen. Vaak leidt dit ook tot een goede maaltijd, luxueuze snacks &amp; drinks of wat geld. Exportdata van drie Indiase havens tonen inderdaad een relatie tussen Indiase mijnen en Nederlandse bedrijven. Meer hard bewijs is er niet. Het enige dat Glocal Research kan stellen is dat er door gesprekken met derden een vermoeden bestaat dat er sprake is van kinderarbeid maar dat dit niet met zekerheid te zeggen is. En daarmee kun je dus wetenschappelijk niks vaststellen. Maar ja, wie of wat is Glocal Research? Ik heb geen idee.</p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Labour-Without-Liberty.png" ><img class="alignleft size-full wp-image-17211" src="/wp-content/uploads/2017/11/Labour-Without-Liberty.png" alt="Labour Without Liberty" width="190" height="270" /></a>26 januari 2018</em></p>
<p>LIW publiceert het rapport &#8216;<a href="/wp-content/uploads/2018/02/Labour-Without-Liberty.pdf" >Labour Without Liberty</a>&#8216; waarin 12 textielbedrijven worden besmeurd op grond van dezelfde statistische meet- en redenatiefouten. Decathlon is één van hen en ze schrijven aan NL-Aid dat ze passende maatregelen hebben genomen. Het is wonderbaarlijk te noemen dat LIW niet leert van de situatie waarin ze zich bevinden door met hetzelfde amateuristisch gepriegel in de media te schreeuwen.</p>
<div id="attachment_17188" style="width: 160px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Gerard-Oonk.png" ><img class="size-thumbnail wp-image-17188" src="/wp-content/uploads/2017/11/Gerard-Oonk-150x150.png" alt="Wordt het Gerard Oonk  te heet onder zijn voeten?" width="150" height="150" /></a><p class="wp-caption-text">Gerard Oonk: vluchtgedrag?</p></div>
<p><em>2 februari 2018</em></p>
<p>Gerard Oonk, directeur van de LIW, zet zijn functie als <a href="/wp-content/uploads/2017/11/LIW_vacature_februari2018.pdf" >vacature</a> uit. Onder het kopje &#8216;taken en verantwoordelijkheden&#8217; staat: <em>Bewaken van de kwaliteit van publicaties, met name onderzoeken</em>. Op zich logisch, Oonk is van 1948. Naast Gerard Oonk en de &#8216;Medewerker Mensenrechten en Bedrijfsleven&#8217; gaat er nog iemand weg. LIW heeft vijf betaalde werknemers.</p>
<p><strong>Wiebe Bijker</strong></p>
<p>Interviews zijn leuk voor een roman, niet voor sociaalwetenschappelijk onderzoek.</p>
<p>Dit geeft meteen de ziekte van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking weer want overheidsorganen vragen niet door, stellen geen vragen ten aanzien van waarheidsvinding en dientengevolge stellen ook geen wetenschappelijke eisen ten aanzien van waarheidsvinding. De genoemde kamerleden en minister namen alles maar voor lief aan.</p>
<div id="attachment_17155" style="width: 230px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Wiebe-Bijker.png" ><img class="size-full wp-image-17155" src="/wp-content/uploads/2017/11/Wiebe-Bijker.png" alt="Wiebe Bijke" width="220" height="236" /></a><p class="wp-caption-text">Wiebe Bijker</p></div>
<p>Het absolute dieptepunt is de evaluatie geleid door hoogleraar Wiebe Bijker die samen met 200 onderzoekers in 2015 circa 8.000 pagina&#8217;s schreven en ontwikkelingssamenwerking als effectief en efficiënt bestempelde. De 200 onderzoekers kwamen niet verder dan interviews en er werden geen enkele onaangekondigde steekproeven gehouden om de track record en output van lokale ngo&#8217;s te testen. Indien je bij lokale ngo&#8217;s geen proeve houdt ten aanzien van hun track record en de output van hun lopende projecten, dan ben je bezig met het uitschrijven van een theatervoorstelling. Met 200 onderzoekers had Bijker keihard de lokale ngo&#8217;s kunnen testen, maar Bijker meed confrontatie en koos voor een zachte landing. Als hoogleraar technologie en maatschappij aan de Universiteit Maastricht begeleidde Bijker louter en alleen kwalitatieve scripties en onderzoeken (=waarheidsvinding gebaseerd op interviews) en zijn eerste kwantitatieve onderzoek (=waarheidsvinding gebaseerd op harde bewijzen waaronder onaangekondigde steekproeven) moet nog op zijn cv komen. Je kunt ook stellen dat met de casting van Bijker de overheid in gebreke is gebleven. Jammer want dit was dé gelegenheid om aan iedereen te laten zien hoe je wel gedegen &#8216;wetenschappelijk&#8217; onderzoek behoort te doen. Nu doet Gerard Oonk, Wiebe Bijker gewoon na. Kennelijk zijn ambtenaren en politici, met schijnreden en zonder wetenschappelijke waarheidsvinding, gewoonweg makkelijk te overtuigen.</p>
<p><strong>Ten Slotte</strong></p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Fake-Alert.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17087" src="/wp-content/uploads/2017/11/Fake-Alert-300x49.png" alt="Fake Alert" width="300" height="49" /></a></p>
<p>Scoren met kinderarbeid is makkelijk omdat je daarmee op een eenvoudige manier ontzettend veel media-aandacht inkoopt. Vooraf weet je al dat je met het begrip &#8216;kinderarbeid&#8217; eenvoudig kunt oogsten. Het is zwaar discriminerend om gewin te halen uit de term &#8216;kinderarbeid&#8217; zonder dat het begrip een vorm heeft. Het begrip &#8216;kinderarbeid&#8217; wordt dan uitgebuit.</p>
<p>Welke denkfouten horen bij wetenschappelijke aannames (ook wel &#8216;valse aannames&#8217;)?</p>
<p><strong>1.</strong> Ten onrechte aannemen dat er geen andere legitieme wetenschappelijke theorieën zijn die aannames vervangen. Een voorbeeld. In het geval van LIW die voornamelijk interviews houden, kun je je afvragen of de respondenten geïmponeerd zijn door een rijke westerse onderzoeker die heel overdreven veel aandacht heeft voor een bepaald onderwerp? Indien Bill Gates een Nederlandse alleenstaande en werkloze moeder thuis opzoekt en een ernstige setting creëert met veel vragen over haar armoede, dan kun je van tevoren al invullen wat haar antwoorden zullen worden. En al helemaal indien je van tevoren Bill Gates en het onderwerp van zijn vragen aankondigt;</p>
<p><strong>2.</strong> Feiten verkeerd interpreteren zodat deze in een dominante theorie past. Als je eenmaal &#8216;iets&#8217; als &#8216;waar&#8217; hebt aanvaard dan ontstaat er valkuil. Men wordt objectief/wetenschappelijk lui. Alle argumenten die deze waarheid eventueel zouden kunnen ondersteunen zijn &#8216;waar&#8217; en behoeven niet meer te worden getoetst. Een ernstig gevolg van deze gedachtefout is dat het aanvaarden van een aanname eigenlijk heel gemakkelijker gaat, maar dat het weerleggen van die aanname enorm lastig is. Een voorbeeld. Radio1, 19 mei 2016: Terre Des Hommes beweert dat er in India 20.000 kinderen in micamijnen werken terwijl zij aan NL-Aid hebben aangegeven dat ze niet weten hoe ze aan dit cijfer zijn gekomen. Zij hadden van deze 20.000 werkende kinderen niet één bewijs van een werkend kind. Ik kon ze niet van het beeld afbrengen dat het dan niet waar kan zijn. De dominante theorie verdrukt de waarheidsvinding. Er waren nul bewijzen en een onverklaarbaar getal nodig om een megacampagne te starten met collectanten langs alle Nederlandse deuren die heilig geloofden in de dominante theorie.</p>
<p><strong>3.</strong> Intens geloven dat iets waar is omdat het breed gedragen wordt door andere steekhouders zodat zij elkaar bevestigen. Binnen de gehele Nederlandse ontwikkelingssamenwerking is dit een wijdverspreid probleem. Zij nemen elkanders data en verhalen over zonder aan waarheidsvinding te doen. Oorzaak van dit verschijnsel is &#8216;framing&#8217;. In de bibliotheek van Utrecht ligt de trap naar boven naast de lift. Wat opviel is dat mensen massaal de lift nemen, ook al moesten ze minutenlang wachten totdat de deur open ging. Toen ze vanaf de ingang rode voetstappen op de vloer hadden geschilderd richting en over de trap naar boven, namen mensen massaal de trap. Dit is wat LIW ook doet: voetstappen in een bepaalde richting plaatsen zodat mensen een richting ingaan zonder af te vragen waarom ze dit doen. Een ondersteunend voorbeeld is de houding van de SER en de Tweede Kamerleden in dit verhaal, die de voetsporen van LIW blind volgen. Ze worden zo misleid door &#8216;framing&#8217; dat waarheidsvinding niet eens in hen opkomt. Wat volgt is papegaaien van de ene actant naar de andere actant zodat het uiteindelijke niet meer te ontwortelen is;</p>
<div id="attachment_17274" style="width: 160px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Gezichten-op-Mars.png" ><img class="size-thumbnail wp-image-17274" src="/wp-content/uploads/2017/11/Gezichten-op-Mars-150x150.png" alt="Gezichten op Mars: een optische illusie " width="150" height="150" /></a><p class="wp-caption-text">Gezichten op Mars: een optische illusie</p></div>
<p><strong>4.</strong> Pareidolie is een psychisch verschijnsel waarbij ons brein continu naar herkenningspunten en verbanden zoekt, ook waar die er niet zijn. Te denken valt aan grafische beelden in wolken of silhouetten van gesteenten op de planeet Mars (zie foto). Op de manier ontstaan ook complottheorieën. LIW interviewt mensen over een gevoelig onderwerp en dan is ineens alles wat ze zeggen waar zonder dat er harde bewijzen zijn. Indiase ngo&#8217;s zijn er meester in om hierop in te spelen. Ze laten één werkend kind zien, dat veelal van te voren is geoefend en in scène gezet en spreken dan over getallen in de tienduizenden. De interviewers zijn dan prooi voor pareidolie, want dat ene kind maakt dan plotseling een connectie met tienduizenden phantomkinderen die niet bestaan. Emotie wint van waarheidsvinding. Geen enkele overheidsinstantie of universiteit stelt de juiste vragen. Criticasters worden, zonder plichtsbesef rondom rede en bewijs, weggehoond.</p>
<p><strong>5.</strong> Wanneer je als enige toegang hebt tot bepaalde onderzoeksbronnen kan er een gevoel van alleenrecht op een ‘waarheid’ ontstaan die niet getoetst kan worden door anderen. Sterker nog, anderen worden afgesloten van deze onderzoeksbronnen teneinde dit alleenrecht van eigenaarschap te pantseren. Wetenschap is het &#8216;geheel&#8217; van kennis op een bepaald gebied. Het afschermen van dit &#8216;geheel&#8217; dwarsboomt inspraak en inzichten en dit is nogal heerszuchtig. LIW kan dit zeker worden verweten.</p>
<p>Al deze denkfouten zijn op LIW van toepassing. Voorts is LIW verblind door de begrippen &#8216;false negatives&#8217; en &#8216;false positives&#8217; en hebben deze in hun onderzoek niet kunnen neutraliseren of weerleggen. Gemakshalve verwijs ik naar een theoretisch kader inclusief een video hieronder.</p>
<p>Ik durf stellig te weren dat kinderarbeid niet bestaat in de omvang en ernstigheid als sommige westerse hulporganisaties beweren, omdat zij dan door de jaren heen dan met gemak dit aan de kaak had kunnen stellen met keihard bewijzen in plaats van met gekochte foto’s van geposeerde kinderen (want ook dit heeft LIW gedaan). Ik heb in India voornamelijk in elkaar geknutselde kinderarbeid gezien, maar daar moet je wel doorheen weten te prikken. De drang om fake-kinderarbeid te aanvaarden is zo groots dat je blind bent voor waarheidsvinding. Het bestaansrecht van LIW wordt mede ontleend aan kinderarbeid dus het motief om slordig met waarheidsvinding om te gaan lijkt daarmee geboren.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Het begrip &#8216;kinderarbeid&#8217; wordt dan uitgebuit</strong></p>
</div>Op 24 juni 2017 schreef LIW een open brief aan premier Rutte. Op 27 juni 2017 bracht minister-president van India, Narendra Modi, zijn eerste staatsbezoek aan Nederland. Rutte werd aangespoord om Modi aan te spreken over de mensenrechten in zijn land, waaronder kinderarbeid.</p>
<p>De LIW, de IOB, de SER en de Tweede Kamerleden zijn onderdeel van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking. Ze worden gefinancierd door belastinggelden. De IOB, de SER en de Tweede Kamerleden doen wel &#8216;stoer&#8217; mee als ze er voordeel van hebben maar geven niet thuis als je enkele vragen stelt.</p>
<p><strong>Drs. Hans R.J. Sluijter</strong><br />
<em>Auteur van het boek &#8216;<a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" >Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a>&#8216;</em></p>
<p><strong>Theoretisch kader: &#8216;false negatives&#8217; en &#8216;false positives&#8217;</strong></p>
<p><iframe width="750" height="422" src="https://www.youtube.com/embed/aMv8ZNwXTjQ?feature=oembed" frameborder="0" allow="autoplay; encrypted-media" allowfullscreen></iframe></p>
<p>De genoemde begrippen komen uit de medische wereld waarin met regelmaat verkeerde diagnoses worden gesteld aan de hand van vermoedelijke of zogenaamde onomstotelijke signalen of symptomen, bijvoorbeeld een valse diagnose voor zwangerschap. Dit is zeker van toepassing op de onderzoeken uitgevoerd door LIW omdat daar helemaal geen bewijzen ten grondslag van aannames liggen en diagnoses helemaal niet gesteld hadden mogen worden. Indien LIW een ziekenhuis zou zijn geweest dan zou de overheid deze allang hebben gesloten en hen niet, zoals nu, een stoel aan allerlei onderhandelingstafels aanbieden. Derhalve blijkt ook de casting van LIW door de overheid een voorbeeld van &#8216;false-positive psychology&#8217; want geen van de genoemde actoren heeft iets zinnigs kunnen meedelen over bewijzen ten aanzien van gepubliceerde diagnoses. Kortom, ook zij hebben geen enkel bewijs gezien (zie ook <em>denkfout 3</em> van hierboven).</p>
<p><strong>Meer weten?</strong><br />
<a href="/wp-content/uploads/2017/11/False-Positive-Psychology.pdf"  target="_blank">False-Positive Psychology: Undisclosed Flexibility in Data Collection and Analysis Allows Presenting False-Positive Psychology : Undisclosed Flexibility in Data Collection and Analysis Allows Presenting</a><br />
Auteurs: Joseph P. Simmons (1), Leif D. Nelson (2), Uri Simonsohn (1)<br />
<em>(1) The Wharton School, University of Pennsylvania, (2) Haas School of Business, University of California, Berkeley</em></p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/11/Cartoon.png" ><img class="aligncenter size-full wp-image-17240" src="/wp-content/uploads/2017/11/Cartoon.png" alt="Cartoon" width="400" height="499" /></a></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/landelijke-india-werkgroep-houdt-verzonnen-kinderarbeid-in-de-lucht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>12</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De Landelijke India Werkgroep verzint kinderarbeid, part 2: ngo-rescue</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid-part-2-ngo-rescue/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid-part-2-ngo-rescue/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 22 Oct 2017 09:47:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[Algemene Onderwijsbond]]></category>
		<category><![CDATA[antithese]]></category>
		<category><![CDATA[Antolini]]></category>
		<category><![CDATA[Antolini Luigi]]></category>
		<category><![CDATA[audits]]></category>
		<category><![CDATA[Bar Rescue]]></category>
		<category><![CDATA[betrouwbaarheid]]></category>
		<category><![CDATA[bewijs]]></category>
		<category><![CDATA[criticasters]]></category>
		<category><![CDATA[Dark Side Of Granite]]></category>
		<category><![CDATA[denkfout]]></category>
		<category><![CDATA[dwalingen]]></category>
		<category><![CDATA[Edwards]]></category>
		<category><![CDATA[Edwards Slate]]></category>
		<category><![CDATA[FNV]]></category>
		<category><![CDATA[Glocal Research]]></category>
		<category><![CDATA[Gordon Ramsay]]></category>
		<category><![CDATA[granite]]></category>
		<category><![CDATA[hypothese]]></category>
		<category><![CDATA[Indianet]]></category>
		<category><![CDATA[kinderarbeid]]></category>
		<category><![CDATA[Landelijke India Werkgroep]]></category>
		<category><![CDATA[Landelijke India Werkgroep verzint Kinderarbeid]]></category>
		<category><![CDATA[LIW]]></category>
		<category><![CDATA[ngo-rescue]]></category>
		<category><![CDATA[NL-Aid]]></category>
		<category><![CDATA[onderzoekers]]></category>
		<category><![CDATA[onwaarheden]]></category>
		<category><![CDATA[oorlog in de keuken]]></category>
		<category><![CDATA[P. Kranthi Kumar]]></category>
		<category><![CDATA[Rapolu Saidulu]]></category>
		<category><![CDATA[Ravi Raj]]></category>
		<category><![CDATA[rectificatie]]></category>
		<category><![CDATA[steekproef]]></category>
		<category><![CDATA[top-10]]></category>
		<category><![CDATA[triangulatie]]></category>
		<category><![CDATA[vooringenomen]]></category>
		<category><![CDATA[waarheid]]></category>
		<category><![CDATA[waarheidsvinding]]></category>
		<category><![CDATA[Wetenschappelijk]]></category>
		<category><![CDATA[WOB]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=17018</guid>
		<description><![CDATA[In een eerder persbericht van 15 september 2017 stelt NL-Aid dat de Landelijke India Werkgroep (LIW) in het rapport The Dark Sites Of Granite kinderarbeid in de granietgroeves van India verzint (lees: HIER) en dit krijgt een vervolg. Op 4 oktober publiceert LIW een rectificatie (http://www.indianet.nl/rectification-TheDarkSitesOfGranite.html) waarin Antolini Luigi &#38; C S.p.A en Edwards Slate [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><a href="/wp-content/uploads/2017/10/Bar-Rescue.png" ><img class="size-medium wp-image-17019 alignleft" src="/wp-content/uploads/2017/10/Bar-Rescue-300x166.png" alt="Bar Rescue" width="300" height="166" /></a><strong>In een eerder persbericht van 15 september 2017 stelt NL-Aid dat de Landelijke India Werkgroep (LIW) in het rapport The Dark Sites Of Granite kinderarbeid in de granietgroeves van India verzint (lees: <a href="/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/" >HIER</a>) en dit krijgt een vervolg.</strong></p>
<p>Op 4 oktober publiceert LIW een rectificatie (<strong><a target="_blank" href="http://www.indianet.nl/rectification-TheDarkSitesOfGranite.html" >http://www.indianet.nl/rectification-TheDarkSitesOfGranite.html</a></strong>) waarin Antolini Luigi &amp; C S.p.A en Edwards Slate &amp; Stone niet langer genoemd worden als inkoper van groeve 3 (verwijderingen van pagina’s 20, 43, 45, 47, 48, 49, 50 en 52). De exportdata die LIW heeft ontvangen bevatten geen bewijs voor een relatie tussen deze twee bedrijven en groeve 3.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/10/Antolini-Luig-Edwards-Slate.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17037" src="/wp-content/uploads/2017/10/Antolini-Luig-Edwards-Slate-300x203.png" alt="Antolini Luig &amp; Edwards Slate" width="300" height="203" /></a>Intussen heeft NL-Aid de onderzoekers uit India, te weten Rapolu Saidulu, Ravi Raj en P. Kranthi Kumar zoals genoemd in het rapport, kritisch bevraagd over de echtheid van kinderarbeid dat in het rapport wordt gemeld. Via Internet zijn de onderzoekers niet te linken aan een instantie. Het rapport van LIW noemt Glocal Research maar ook dat is niet te traceren op Internet. De onderzoekers worden in het onderzoeksrapport tevens niet voorgesteld en dat geeft weinig legitimiteit aan het geheel. NL-Aid ontving van de Indiase onderzoekers geen reply.</p>
<p>Het rapport noemt de namen van de Nederlandse onderzoekers niet, maar het betreffen D.H. van LIW en H.P. van het FNV. Ook aan hen zijn enkele kritische vragen overlegd over de juistheid van kinderarbeid en ook hier ontving NL-Aid geen enkele reactie. Dit is vreemd. Indien er keihard bewijs is dan reageer je gedreven en werk je mee. Binnen de wetten van sociaalwetenschappelijk onderzoek betekent dit, op dit moment, dat de inhoud van het rapport geen waarde heeft. Een hypothese is namelijk niet ‘waar’ indien je iets beweert, een hypothese is wetenschappelijk ‘waar’ indien deze wordt bewezen.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/10/FNV.png" ><img class="alignright size-full wp-image-17065" src="/wp-content/uploads/2017/10/FNV.png" alt="FNV" width="200" height="117" /></a>Het rapport bevat gekochte foto’s van commerciële websites om de lezer een bepaalde impressie te geven. De getoonde foto’s hebben niks te maken met de inhoud van het onderzoek. Door dit in een westers onderzoek ten aanzien van waarheidsvinding te publiceren, maak je binnen de wetten van sociaalwetenschappelijk onderzoeken, een catastrofale denkfout.</p>
<p>Organisaties zoals LIW mogen niet zomaar de vrijheid nemen om kinderarbeid op te roepen, daar bedrijven aan linken en dit publiceren. Zij zijn geen overheid. Juist bij overheid kan een burger zich beroepen op de WOB om de inhoud op juistheid te taxeren. Overheden, universiteiten en erkende onderzoeksbureaus publiceren aan de hand van data die zij bewijzen. Deze is opvraagbaar, misschien niet door elke burger, maar zeker door bepaalde groepen in de samenleving. Zodoende houden we elkaar scherp. LIW lapt alles aan de laars, beweert maar toont geen bewijzen, ook niet als daar naar gevraagd wordt. Dit zegt voldoende over de juistheid van het rapport. Indien LIW bewijzen heeft voor het genoemde rapport, is er geen enkel motief te verzinnen om te kiezen voor radiostilte. Dientengevolge lijkt het reëel te veronderstellen dat ze inmiddels geconcludeerd hebben in India misleid te zijn.</p>
<p><strong>Ngo-rescue</strong></p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Op basis van wetenschappelijk waterdichte steekproeven dienen generalistische uitspraken gedaan te worden. Dit is de vastgestelde hypothese. Deze kan alleen ontkracht worden door een antithese</strong></p>
</div>In navolging van ‘Gordon Ramsay: oorlog in de keuken’ en ‘Bar Rescue’ volgt een top-10 van aandachtspunten voor een ngo-rescue:</p>
<ol>
<li>In het artikel <strong><a href="/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/" >De Landelijke India Werkgroep verzint Kinderarbeid</a></strong> worden tien dwalingen genoemd die geneutraliseerd dienen te worden. In elk onderzoek dient iedere dwaling apart te worden geneutraliseerd. In het voorbeeld van LIW kan ik stellen dat zij al jaren weten dat in India kinderarbeid in scène wordt gezet en deze zorg is niet geneutraliseerd.</li>
<li>De bewijzen dienen aantoonbaar hard te zijn, middels onaangekondigde steekproeven. De meeste audits worden aangekondigd waardoor de onderzochte partij zich kan voorbereiden en verhalen op elkaar kan afstemmen, veelal wetende wat de onderzoekers willen zien en horen. Positieve steekproeven behoren ook verslagen en gepubliceerd te worden.</li>
<li>Wetenschappelijk bewijs maakt bij voorkeur gebruik van <em>triangulatie</em>, bewijsvoering van drie kanten. Bijvoorbeeld: een steekproef, een boekhoudkundige controle en foto’s. Een interview over output met iemand die ‘leeft’ van die output, kan niet aangevoerd worden als bewijs. Daarmee vallen interviews met lokale ngo’s af. Zij mogen wel ‘beweren’ maar diens track record en output (dat zijn twee verschillende dingen) dienen dan wel met een steekproef te worden gecontroleerd.</li>
<li>Bij een boekhoudkundige controle dienen eveneens steekproeven te worden ondernomen op de juistheid van de bonnen/facturen, ook op basis van triangulatie.</li>
<li>Op basis van wetenschappelijk waterdichte steekproeven dienen generalistische uitspraken gedaan te worden. Dit is de vastgestelde hypothese. Deze kan alleen ontkracht worden door een antithese.</li>
<li>Bewijzen dienen navolgbaar te zijn, controleerbaar door derden. In het voorbeeld van LIW dienen de gegevens van kinderen te worden gearchiveerd (naam, social security number, foto, adres, etc) zodat bijvoorbeeld een journalist als steekproef meerdere kinderen thuis kan opzoeken. Niet geopenbaarde bewijzen betekent in de wetenschap hetzelfde als: ‘geen hypothese’.</li>
<li>Onderzoekers dienen voorgesteld te worden als individu, met status van dienst en repertoire. Het is prima dat zij in naam van een organisatie werken. In het voorbeeld van LIW is het compleet duister wie de Indiase onderzoekers zijn en wat hun achtergrond is.</li>
<li>Aan de tegenpartij van een onderzoek dient te allen tijde de volledige bewijslast te worden overhandigd waarna zij in alle redelijkheid en billijkheid de tijd krijgen om een antithese te vormen. In het voorbeeld van LIW weten de genoemde bedrijven niet eens in welke mijnen of groeves er kinderarbeid waargenomen zouden zijn. Zij kunnen zich daardoor niet eens verdedigen middels een antithese. Je mag een hypothese niet in beton gieten door de antithese op voorhand te dwarsbomen, zoals LIW doet. Het doel van een hypothese is juist dat deze openstaat voor een antithese, anders bedrijf je geen wetenschap maar indoctrinatie.</li>
<li><a href="/wp-content/uploads/2017/10/NGO-rescue.png" ><img class="alignright size-medium wp-image-17044" src="/wp-content/uploads/2017/10/NGO-rescue-300x300.png" alt="NGO-rescue" width="300" height="300" /></a>De westerse ngo heeft als doel om steekproeven te nemen en deze, positief of negatief, te publiceren. Zij zijn niet alleen op zoek naar negatief nieuws omdat je dan vooringenomen gaat onderzoeken met suggestieve voorbereidingen en dito vraagstellingen. Zij hebben ook niet als doel om aan iedereen te tonen welke media-aandacht zij hebben verworven omdat daarmee de valkuil opengaat dat het om aandacht gaat. Je toont daar dan mee dat een onderzoek ten koste is gegaan van neutraliteit en met name ten koste van objectiviteit.</li>
<li>De westerse ngo is wars van radiostilte, omarmt kritische vragen en staat open voor onwaarheden in het rapport. Zij willen niet zozeer <em>hun waarheid</em> in stand houden maar zij zijn op zoek naar de <em>objectieve waarheid</em>. Zij zien journalisten en criticasters als een middel om alles scherp te krijgen, te verfijnen. Niet alleen bij zichzelf maar ook bij de samenleving. Bij LIW heb ik dit niet getroffen. Als voorbeeld kan ik geven dat LIW niet communiceert op doodeenvoudige vragen als: ‘Hebben jullie voor het rapport The Dark Side Of Granite daadwerkelijk kinderarbeid gezien?’ Als je zulke basale vragen al niet kunt/wilt beantwoorden kun je concluderen dat, zolang dit voortduurt, er überhaupt geen harde uitspraken over kinderarbeid gedaan kunnen worden.</li>
</ol>
<p><strong>Ten slotte</strong></p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Bewijzen dienen navolgbaar te zijn, controleerbaar door derden</strong></p>
</div>Het houden van steekproeven lijkt veel werk maar je mag met een grove kam generaliseren als de steekproeven maar wetenschappelijk waterdicht zijn. Je zou steekproeven dienen te nemen van een trackrecord van een individu/ngo, de output van een individu/ngo, controle van de boekhouding, steekproeven binnen de boekhouding en dat wat je wilt onderzoeken. Je kunt op alle fronten drie steekproeven houden (triangulatie) en generalistische hypotheses maken. In het geval van LIW valt de boekhouding weg omdat ze geen ngo onderzoeken. Echter, de Indiase onderzoekers vertegenwoordigen klaarblijkelijk wel een ngo en je zou hun betrouwbaarheid kunnen vergroten door wel boekhoudkundige steekproeven te houden. Deze betrouwbaarheid is in mijn ogen sowieso nul omdat ik als lezer niet weet met wie ik te maken heb. Zowel Glocal Research als de genoemde Indiase onderzoekers worden niet voorgesteld en zijn tevens niet te traceren op het Internet. Om de betrouwbaarheid van je hypotheses te vergroten dienen de bewijzen, de actoren en de actanten zoveel mogelijk voor derden navolgbaar en controleerbaar te zijn.</p>
<p>Om te voorkomen dat je als westerse ngo in diskrediet komt is de top-10 van ngo-rescue van eminent belang. Overigens geldt de top-10 voor alle westerse ngo’s.</p>
<p>Het zou mij niet verbazen dat, in navolging van Antolini Luigi &amp; C S.p.A en Edwards Slate &amp; Stone, ook de overige genoemde bedrijven in het rapport van LIW zich beraden welke juridische stappen ze jegens LIW gaan ondernemen.</p>
<p style="text-align: left;"><strong>Drs. Hans R.J. Sluijter</strong></p>
<p style="text-align: left;"><a href="/wp-content/uploads/2017/10/Oorlog-in-de-keuken.png" ><img class="size-medium wp-image-17023" src="/wp-content/uploads/2017/10/Oorlog-in-de-keuken-300x210.png" alt="Oorlog in de keuken" width="300" height="210" /></a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid-part-2-ngo-rescue/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De Landelijke India Werkgroep verzint kinderarbeid</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 15 Sep 2017 08:44:11 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[50 PLUS]]></category>
		<category><![CDATA[Ahold]]></category>
		<category><![CDATA[AkzoNobel]]></category>
		<category><![CDATA[Antolini]]></category>
		<category><![CDATA[child labor]]></category>
		<category><![CDATA[child labour]]></category>
		<category><![CDATA[ChristenUnie]]></category>
		<category><![CDATA[Code voor de Journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[Dark Sites of Granite]]></category>
		<category><![CDATA[De Standaard]]></category>
		<category><![CDATA[dwaling]]></category>
		<category><![CDATA[dwalingen]]></category>
		<category><![CDATA[Groen Links]]></category>
		<category><![CDATA[HEMA]]></category>
		<category><![CDATA[kinderarbeid]]></category>
		<category><![CDATA[Landelijke India Werkgroep]]></category>
		<category><![CDATA[LIW]]></category>
		<category><![CDATA[mica]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingsorganisaties]]></category>
		<category><![CDATA[Philips]]></category>
		<category><![CDATA[PvdA]]></category>
		<category><![CDATA[SP]]></category>
		<category><![CDATA[Süddeutsche Zeitung]]></category>
		<category><![CDATA[Terre des Hommes]]></category>
		<category><![CDATA[The Guardian]]></category>
		<category><![CDATA[Times of India]]></category>
		<category><![CDATA[Trouw]]></category>
		<category><![CDATA[waarheidsvinding]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16986</guid>
		<description><![CDATA[Op 19 mei 2016 verklaart Terre des Hommes op Radio1 dat er 20.000 kinderen in micamijnen werken. Westerse bedrijven waaronder HEMA, Ahold, AkzoNobel en Philips worden in het rapport ‘Beauty and a beast, Child labour in mica mining in India for sparkling cars and cosmetics´ van maart 2016, genoemd als afnemer van mica. In een [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong><a href="/wp-content/uploads/2017/09/LIW.png" ><img class="alignleft size-full wp-image-16987" src="/wp-content/uploads/2017/09/LIW.png" alt="LIW" width="174" height="107" /></a>Op 19 mei 2016 verklaart Terre des Hommes op Radio1 dat er 20.000 kinderen in micamijnen werken. Westerse bedrijven waaronder HEMA, Ahold, AkzoNobel en Philips worden in het rapport ‘Beauty and a beast, Child labour in mica mining in India for sparkling cars and cosmetics´ van maart 2016, genoemd als afnemer van mica. In een mail vraag ik Terre des Hommes naar de waarheidsvinding over het aantal van 20.000 kinderen. Het blijkt achteraf om een schatting te gaan. Vervolgens wijs ik Terre des Hommes op de wetenschappelijke wetten van betrouwbaarheid bij schattingen waarna de contactpersoon een onwaarschijnlijke zin schrijft: ‘Momenteel heb ik niet direct paraat hoe destijds schattingen zijn gedaan’. Op 23 augustus 2017 publiceert de Landelijke India Werkgroep (LIW) het rapport The Dark Site of Granite, over kinderarbeid in steenmijnen. Hoe zuiver is dit rapport?</strong></p>
<p><strong>Persbericht <div class="simplePullQuote right"><p> we moeten goed voor ogen houden dat kwantitatieve aannemelijkheid niets zegt over de waarschijnlijkheid van een hypothese</p>
</div></strong></p>
<p>Wat schrijft LIW? De Nederlandse, Europese, Indiase en internationale media besteedden veel aandacht aan het rapport waaronder twee artikelen (waaronder de voorpagina) in Trouw, twee artikelen in de <em>Times of India</em>, een artikel in de <em>Süddeutsche Zeitung,</em> twee artikelen in de Belgische krant <em>De Standaard</em> en een artikel in<em> The Guardian</em>. Naar aanleiding van het rapport werden door parlementariërs in het Nederlandse en het Europese parlement vragen gesteld. In Nederland stelden de ChristenUnie, PvdA en Groen Links en los daarvan 50 PLUS een serie vragen. In het Europees parlement stelden de SP en Groen Links ieder apart vragen aan de Europese Commissie. Een kern in alle vragen is welke maatregelen de Nederlandse regering en de EU gaan nemen om te zorgen dat bedrijven werk gaan maken van het verbeteren van de arbeidsomstandigheden van de steengroeve-arbeiders.</p>
<p>Onderzoekers van LIW hebben 22 steengroeven in de Indiase deelstaten Andra Pradesh, Karnataka en Telangana onderzocht. Ze hebben 172 werknemers ondervraagd. Bij zeven groeven was sprake van kinderarbeid en bij negentien groeven een vorm van schuldslavernij. Kinderen onder de 14 jaar maken 3% uit van de arbeiders die reststeen verwerken en 5% is tussen 15 en 18 jaar.</p>
<p><strong>Dwalingen </strong></p>
<p>Er zijn meerdere vormen van dwalingen binnen ontwikkelingssamenwerking. Ik noem er tien.</p>
<ol>
<li>Change blindness: Verslagen zijn veelal kwalitatief. Onderzoekers nemen beweringen van hulporganisaties als voor ‘waar’ aan, zonder deze te toetsen. Ze zijn blind voor andere onderzoekstechnieken waardoor verkeerde inzichten uitvergroot worden.</li>
<li>Confirmation bias: Onderzoekers en journalisten weten vooraf al wat ze willen onderzoeken zodat een andere hypothese een onevenredige aandacht krijgt. Westerse actanten schrijven niet over iets dat niet waar is. Indien LIW geen kinderarbeid treft, dan wordt daar niet over geschreven.</li>
<li>Immunisering: passend bewijsmateriaal wordt makkelijker gevonden dan ontkennende bewijslast. Er is een blokkade voor een negatieve uitkomst.</li>
<li>Cognitieve dissonantie: de overtuiging dat iets waar is voordat je aan waarheidsvinding hebt gedaan. De praalwagen van het eigen gelijk tiert welig bij westerse hulporganisaties. Om de gemoedrust te herstellen wordt tegenstrijdige informatie met een beredeneerd geweten naast ons neergelegd. Cognitieve dissonantie is niet alleen een drijvende kracht achter denkbeelden, maar leidt er ook toe dat mensen zich afsluiten voor weerleggingspogingen.</li>
<li>Collaborative storytelling: Ontwikkelingssamenwerking zit vol met terugwingoedpraterij waarbij onwaarheden worden gebagatelliseerd.</li>
<li>Bronamnesie: onderzoekers en journalisten nemen ‘iets’ voor waar aan als dit ‘iets’ door iemand anders is gezien, zonder het zelf te zien.</li>
<li>Inductief redeneren: ‘inductief’ betekent dat je met waarnemingen uit het verleden generaliseert naar de toekomst. Een van de meest gemaakte fouten is dat mensen die werken binnen ontwikkelingssamenwerking weliswaar meerdere hypotheses naast elkaar leggen, maar dat ze de minst waarschijnlijke wegstrepen en de meest waarschijnlijke aannemen.</li>
<li>Likelihood: Waarheidsvinding vindt plaats op basis van kwantiteit: indien maar genoeg ambtenaren en media de output waarmerken, dan zal (of moet) de output wel waar zijn. Echter, we moeten goed voor ogen houden dat kwantitatieve aannemelijkheid niets zegt over de waarschijnlijkheid van een hypothese (lees: output/statistiek).</li>
<li>Accusatoire waarheidsvinding: Waarheidsvinding wordt vertroebeld door het ideaal. De goede bedoeling en de slachtoffers staan zo centraal dat de algehele waarheid niet zo nauw komt. Deze vorm van ruis is flink besprenkeld door de goedgelovigheid van westerse onderzoekers. Wat je krijgt is dat zij te makkelijk bevestigen wat men wil bevestigen. Westerse hulporganisaties bepalen de bewijsvoering. Dit bergt het gevaar in zich dat er een selectief en gekleurd beeld voorgeschoteld wordt. Wat not done is binnen het ontwikkelingsdenken is ‘inquisitoire waarheidsvinding’, waarbij een overheid gaat onderzoeken wat wel of niet waar is.</li>
<li>Bewijsminimum: Hoeveel getuigen heb je nodig om de waarschijnlijkheid van een ongelijk kleiner te doen lijken dan de waarschijnlijkheid van een gelijk? Een betrouwbare getuige dient volledig onafhankelijk te zijn. Dat is meteen al een probleem. In de juridische wereld kan een getuige geloofwaardig zijn omdat deze aselect aanwezig is. Bij ontwikkelingssamenwerking is bij een getuigenverslag sprake van een geplande situatie, of dat nou een audit-, journalistiek of relatiebezoek is. Dit verschil dient al gecompenseerd te worden. Mr. M.J. Dubelaar zet vraagtekens bij het significante nut van misdrijfgetuigen: ‘Amerikaans onderzoek naar afgesloten 108 strafzaken met behulp van moderne DNA-technieken (het Innocence project) 106 laat zien dat in 75% van de geconstateerde gerechtelijke dwalingen foutief ooggetuigenbewijs een rol heeft gespeeld.’ Kortom: wat is dan het bewijsminimum binnen ontwikkelingssamenwerking met geregisseerde bezoekjes?</li>
</ol>
<p><em>Meer lezen over dwalingen? Lees ‘<strong><a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" >Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a></strong>’, pagina 97-109. </em></p>
<p><strong>Het rapport <div class="simplePullQuote right"><p>Door &#8216;iets&#8217; te beweren bestaat &#8216;iets&#8217; niet. Door het keer op keer te citeren, wordt &#8216;iets&#8217; dat &#8216;onwaar&#8217; is, niet beetje bij beetje meer &#8216;waar&#8217;.</p>
</div></strong></p>
<p>In het rapport The Dark Sites of Granite wordt alleen op pagina 9 in een vijftal zinnen uitgelegd hoe er wetenschappelijk is onderzocht. De andere 72 pagina’s gaan over uitslag waaronder statistiek. Deze vijf zinnen dienen de basis te zijn voor wetenschappelijk onweerlegbaar bewijs, niet 72 pagina’s aan ‘beweringen’. Ik lees liever 72 pagina’s over hoe deze 22 steekproeven hebben plaatsgevonden dan in vijf zinnen. Dit onderzoek is totaal verkeerd opgesteld en binnen de sociale-wetenschap zijn de uitslagen dan ook eerder ‘onwaar’ dan ‘waar’. Aangekondigd bezoek wordt door hulporganisaties in het zuiden vaak voorbereid met het in scène zetten van kinderarbeid zodat de westerse onderzoeker ziet wat hij wil zien. Kinderen worden getraind in het acteren van kinderarbeid en op deze manier wordt er eerder een theatervoorstelling gepresenteerd. Een goed onderzoek moet beschrijven hoe je dit, en alle andere genoemde dwalingen, neutraliseert. The Dark Sites of Granite is derhalve meer een scriptie dan een onderzoek.</p>
<p>Voorts levert LIW geen bewijzen voor zijn uitspraken. Een bewijs is niet &#8216;ik heb iets gezien&#8217; want je moet aantonen wat je hebt gezien. Dat kan met foto’s. Je hebt geregisseerde en geregistreerde foto’s. De foto die LIW in de media laat verschijnen zijn waarschijnlijk geregisseerd, mede omdat kinderen in de camera kijken of ‘klaarstaan’. Er moet voorts een logboek zijn met namen van wie wat onderzocht heeft en wat heeft aangetroffen met plaats, naam, tijd, foto&#8217;s van de mijnen. De namen van de werkende kinderen, met adres en andere persoonsgegevens moeten worden geadministreerd. Ik kan als journalist het bestaan van deze kinderen verifiëren en vervolgens middels niet-suggestieve vragen hun verhaal blootleggen. Maar dergelijke bewijslast wordt niet geleverd. Door &#8216;iets&#8217; te beweren bestaat &#8216;iets&#8217; niet. Door het keer op keer te citeren, wordt &#8216;iets&#8217; dat wetenschappelijk gezien &#8216;onwaar&#8217; is, niet beetje bij beetje meer &#8216;waar&#8217;. Niet het tegendeel van een bewering moet worden bewezen, een bewering moet worden bewezen. Als in een woestijn een steen ligt die door niemand wordt gespot, dan bestaat de steen wel degelijk, maar niemand weet dat deze bestaat. Indien één persoon of een groep van mensen de steen waarneemt en tegen de massa zegt dat hij de steen heeft gezien, dan zal de steen waarschijnlijk bestaan, maar we weten het niet zeker. Wil je de steen kenbaar maken voor de massa, dan dien je bewijs te leveren. Dit gebeurt niet door LIW. Zolang ‘iets’ wordt beweert zonder bewijsvoering dan is dit ‘iets’ wetenschappelijk gezien onwaar en daarmee kan gesteld worden dat, in de regel van wetenschappelijk onderzoek, LIW kinderarbeid verzint.</p>
<p><strong>Tegengeluid</strong></p>
<p>LIW besmeurt vele Nederlandse en internationale bedrijven. De Italiaanse firma Antolini Luigi is een groothandel is natuursteen. Zij zijn heel duidelijk. Francesco Antolini schrijft in een perscommuniqué het volgende:</p>
<p>‘<em>Our company has always been particularly sensitive to the problem of the “Child Labor” and that’s why we exclusively cooperate with companies that comply with these rules and respect them, moreover, our on-site inspectors assure that they have never verified the presence of “Child Labor” by our suppliers and their quarries. In addition, we want to inform you that, in order to defend our reputation, we have entrusted our lawyers to proceed against those who have published and spread absolutely false and misleading informations about our company. Moreover, we intend to press charges strongly against this defamatory campaign towards our company</em>.’</p>
<p>Kortom, er is geen kinderarbeid.</p>
<p><strong>Voor de pers</strong></p>
<p>Omdat journalistiek een vrij beroep is (en westerse ngo’s zien zichzelf maar al te graag als hun eigen persbureau), is in 1995 tevens de Code voor de Journalistiek opgesteld. In de alinea Waarheidsvinding staat: ‘<em>De journalist controleert de feiten in zijn berichtgeving en maakt die feiten waar mogelijk controleerbaar.</em>’ Een feit controleerbaar maken zie ik een journalist (en al helemaal een westerse ngo) zelden doen, omdat journalisten niet getraind zijn om een hypothese op wetenschappelijke waarheidsvinding te testen. Een journalist neemt statistiek van een westerse ngo of een ngo in het zuiden te snel over als waarheid. Westerse ontwikkelingsorganisaties en journalisten die de Code voor de Journalistiek niet in acht nemen vormen samen de 11<sup>e</sup> dwaling die voor veel ruis zorgt ten aanzien van waarheidsvinding.</p>
<div id="attachment_16989" style="width: 272px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/09/Onzichtbaar-vriendje.png" ><img class="size-full wp-image-16989" src="/wp-content/uploads/2017/09/Onzichtbaar-vriendje.png" alt="Knuffelt LIW een onzichtbaar vriendje?" width="262" height="294" /></a><p class="wp-caption-text">Knuffelt LIW een onzichtbaar vriendje?</p></div>
<p><strong>Ten slotte</strong></p>
<p>Het lonkt om over kinderarbeid te schrijven. Het trekt veel aandacht. LIW publiceert op 11 september 2017 zelfs een lijst met 85 mediabronnen waarin hun verhaal terecht is gekomen. Deze onverstoorbare mediadrift is wellicht de 12<sup>e</sup> dwaling. Een publicitaire begeerte verblind een objectief en zuiver motief.</p>
<p>In mijn tijd in India werden getallen over bevrijde kinderen verzonnen want India is hét land waar kinderarbeid in scene wordt gezet. Voorzitter Gerard Oonk van LIW weet dat. Net als bij Terre des Hommes vinden dergelijke persberichten gretig aftrek in de media waarin bedrijven onnodig in een kwaad daglicht worden geplaatst. Hopelijk ondernemen zij een keer de juiste stappen tegen deze onprofessionele en onvakkundige onderzoekrapporten. Ik ben bang dat het rapport van LIW niets meer is dan het uitschrijven van een theatervoorstelling. Een gemiste kans. Los van de schade aan de genoemde bedrijven in het rapport, zet LIW daarmee ook de denkideeën van een complete natie op het verkeerde been.</p>
<p><em>In de kern: The Dark Site of Granite betreft geen wetenschap waarbij waarheidsvinding centraal staat om hypotheses hard te maken en dientengevolge kan dit document de gradatie van een &#8216;scriptie&#8217; niet ontstijgen. </em></p>
<p><strong>Drs. Hans R.J. Sluijter</strong></p>
<div id="attachment_17007" style="width: 310px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/09/Steenmijn.png" ><img class="size-medium wp-image-17007" src="/wp-content/uploads/2017/09/Steenmijn-300x224.png" alt="Klik op foto voor een uitvergroting" width="300" height="224" /></a><p class="wp-caption-text">Klik op foto voor een uitvergroting</p></div>
<p><strong><span style="color: #ff0000;">REACTIE AAN NL-Aid VAN ÉÉN VAN DE BEDRIJVEN UIT HET RAPPORT VAN &#8216;THE DARK SITE OF GRANITE':</span></strong></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><em>&#8216;Vandaag kreeg ik weer een kleine update van onze plaatselijke contoleur in India. Hij moet nu per bezoek een rapport aan ons uitbrengen over zijn bevindingen. Hij was in een groeve van zwarte graniet (in het gebied waar LIW haar onderzoek heeft gedaan) en heeft helemaal niks verontrustends kunnen aantreffen. Daar waren alleen maar enorm zware en grote blokken, daar kunnen honderden mensenhanden, laat staan kinderhanden, helemaal niks mee beginnen (zie foto). Het frustrerende van de LIW vind ik dat ze ons niet willen zeggen in welke groeve die kinderarbeid of slechte werkomstandigheden dan wel zijn aangetroffen. We kunnen dus helemaal niks verifiëren maar worden wel (op basis van anonimiteit) keihard veroordeeld ! Dat is echt zwaar frustrerend….&#8217;</em></span></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/de-landelijke-india-werkgroep-verzint-kinderarbeid/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Cold case: M. J. van de Ven</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/cold-case-m-j-van-de-ven/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/cold-case-m-j-van-de-ven/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 27 Apr 2017 22:22:47 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Editors’ Selection]]></category>
		<category><![CDATA[Historie]]></category>
		<category><![CDATA[A.O. van Soest]]></category>
		<category><![CDATA[Archiefwet]]></category>
		<category><![CDATA[Brabants Dagblad]]></category>
		<category><![CDATA[Buitengewone Pensioenraad]]></category>
		<category><![CDATA[buitengewoon pensioen]]></category>
		<category><![CDATA[Bundesarchiv]]></category>
		<category><![CDATA[C. Klaasse]]></category>
		<category><![CDATA[CADSU]]></category>
		<category><![CDATA[Centraal Afwikkelingsbureau Duitse Schade-Uitkeringen]]></category>
		<category><![CDATA[Croix De La Confédération Européenne Des Anciens Combattants]]></category>
		<category><![CDATA[Dachau]]></category>
		<category><![CDATA[death imprint]]></category>
		<category><![CDATA[Dr. J. Bastiaans]]></category>
		<category><![CDATA[Dresden]]></category>
		<category><![CDATA[Eichmann]]></category>
		<category><![CDATA[Expogé]]></category>
		<category><![CDATA[Flossenbürg]]></category>
		<category><![CDATA[fraude]]></category>
		<category><![CDATA[G.O.I.W.]]></category>
		<category><![CDATA[Gemeenschap Oud Illegale Werkers]]></category>
		<category><![CDATA[Generalstaatsanwalt]]></category>
		<category><![CDATA[Gestapo]]></category>
		<category><![CDATA[Heimatfront]]></category>
		<category><![CDATA[Helmonds Dagblad]]></category>
		<category><![CDATA[Hitlerjugend]]></category>
		<category><![CDATA[Immigratie- en Naturalisatiedienst]]></category>
		<category><![CDATA[IND]]></category>
		<category><![CDATA[International Tracing Service]]></category>
		<category><![CDATA[invalide]]></category>
		<category><![CDATA[J.W. Spinks]]></category>
		<category><![CDATA[Karlsbad]]></category>
		<category><![CDATA[Konzentrationslager Herzogenbusch]]></category>
		<category><![CDATA[Kraaijeveld-Wouters]]></category>
		<category><![CDATA[Kralupy nad Vltavou]]></category>
		<category><![CDATA[Kruis Van Federatie Van Europese Oud-Strijders]]></category>
		<category><![CDATA[KZ-syndroom]]></category>
		<category><![CDATA[Leimeritz]]></category>
		<category><![CDATA[Litomerice]]></category>
		<category><![CDATA[Lovosice]]></category>
		<category><![CDATA[M. J. van de Ven]]></category>
		<category><![CDATA[Magazine Panorama]]></category>
		<category><![CDATA[Mathilde]]></category>
		<category><![CDATA[Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid]]></category>
		<category><![CDATA[Nationale Federatieve Raad van het Voormalig Verzet Nederland]]></category>
		<category><![CDATA[NAZI]]></category>
		<category><![CDATA[NCTV]]></category>
		<category><![CDATA[Nederlandse Vereniging van Ex-Politieke Gevangenen]]></category>
		<category><![CDATA[NFR-VVN]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuwsblad Van Het Zuiden]]></category>
		<category><![CDATA[NIOD]]></category>
		<category><![CDATA[Ombudsman]]></category>
		<category><![CDATA[openbaarheidsbeperkingen]]></category>
		<category><![CDATA[Ostrov]]></category>
		<category><![CDATA[oud-verzetsstrijders]]></category>
		<category><![CDATA[Praag]]></category>
		<category><![CDATA[PTSS]]></category>
		<category><![CDATA[Rode Kruis]]></category>
		<category><![CDATA[Rostock]]></category>
		<category><![CDATA[Rostoklaty]]></category>
		<category><![CDATA[Sächsisches Staatsarchiv]]></category>
		<category><![CDATA[Schlackenwerth]]></category>
		<category><![CDATA[Schutzhaft]]></category>
		<category><![CDATA[sinaasappelkistje]]></category>
		<category><![CDATA[Srebrenica]]></category>
		<category><![CDATA[Staatsanwalt]]></category>
		<category><![CDATA[stakeholders]]></category>
		<category><![CDATA[Stichting 1940-1945]]></category>
		<category><![CDATA[Still-Duden]]></category>
		<category><![CDATA[Telegraaf]]></category>
		<category><![CDATA[Terezín Memorial]]></category>
		<category><![CDATA[Theresienstadt]]></category>
		<category><![CDATA[tribunaalbesluit]]></category>
		<category><![CDATA[Tros Aktua TV]]></category>
		<category><![CDATA[Van de Ven]]></category>
		<category><![CDATA[Vereniging van Lotgenoten uit het Gevangengenomen Verzet 1940-1945]]></category>
		<category><![CDATA[verzet]]></category>
		<category><![CDATA[VLUG]]></category>
		<category><![CDATA[Volkskrant]]></category>
		<category><![CDATA[Vught]]></category>
		<category><![CDATA[W.C.H. Habets]]></category>
		<category><![CDATA[Waffen-SS]]></category>
		<category><![CDATA[Wehrmacht]]></category>
		<category><![CDATA[WNo]]></category>
		<category><![CDATA[WOB]]></category>
		<category><![CDATA[Yad Vashem]]></category>
		<category><![CDATA[Zivilarbeiter]]></category>
		<category><![CDATA[Zondagsnieuws]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16905</guid>
		<description><![CDATA[Tot ver in de jaren ’70 ontvingen 1285 mensen, procentueel 25% van de verzetsgepensioneerden, onterecht een ‘buitengewoon pensioen’. Jaarlijks kostte dit de Nederlandse staat fl 63,5 miljoen. De meest bekende case betrof die van M.J. van de Ven uit Vught. Tijd voor een onderzoek. Een portret met nieuwe feiten en inzichten. Een reconstructie van de [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_16947" style="width: 638px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Middageten-Flossenbürg.png" ><img class=" wp-image-16947" src="/wp-content/uploads/2017/02/Middageten-Flossenbürg.png" alt="Middageten Flossenbürg" width="628" height="259" /></a><p class="wp-caption-text">Middageten Flossenbürg</p></div>
<h6><div class="simplePullQuote right"><p><strong>N.a.v dit onderzoek verscheen op zaterdag 29-4-2017 een artikel van 2 pagina&#8217;s in het Brabants Dagblad (LEES DEZE VERSIE ONDERAAN).</strong></p>
</div></h6>
<p>Tot ver in de jaren ’70 ontvingen 1285 mensen, procentueel 25% van de verzetsgepensioneerden, onterecht een ‘<a target="_blank" href="https://www.st4045.nl/wet-buitengewoon-pensioen" >buitengewoon pensioen</a>’. Jaarlijks kostte dit de Nederlandse staat fl 63,5 miljoen. De meest bekende case betrof die van M.J. van de Ven uit Vught. Tijd voor een onderzoek. Een portret met nieuwe feiten en inzichten.</p>
<p><strong>Een reconstructie van de oorlogsjaren vanuit het oogpunt van Van de Ven</strong></p>
<p>Volgens een Verificatieformulier Rode Kruis van 5-11-1964 zou Van de Ven door de Gestapo in Duitsland het slachtoffer zijn van een vrijheidsberoving van 30-1-1943 tot 13-6-1945. De reden betreft het vervaardigen van pamfletten voor sabotagemogelijkheden en voorbereiding tot hoogverraad. Volgens een verklaring van het Centraal Afwikkelingsbureau Duitse Schade-Uitkeringen (CADSU) van 20 augustus 1963 is deze vrijheidsberoving als volgt op te splitsen:</p>
<ul>
<li>Polizeiprezidium Gestapo Dresden (VAN 30-1-1943, TOT 15-2-1943; 2e etage)</li>
<li>Volksgerichtshof Muchanerplatz (VAN 15-2-1943, TOT 2-5-1943; 3e etage no.7)</li>
<li>Mathilde gevangenis Dresden (VAN 2-5-1943, TOT 31-8-1944, cel 2)</li>
<li>Gestapo Dresden (VAN 31-8-1944, TOT 25-9-1944)</li>
<li>Kamp Flossenbürg <span style="color: #ff0000;"><strong>(1)</strong></span> (VAN 25-9-1944, TOT 30-12-1944; nummer 32323)</li>
<li>Buitenkommando Schlakkenwert bij Karlsbad (VAN 30-12-1944, TOT 12-4-1945; nummer 32323)</li>
<li>Transport Dachau via Lobositz en Kralup (VAN 12-4-1945, TOT 10-5-1945; gevlucht op 29-4-1945)</li>
</ul>
<h6><a href="/wp-content/uploads/2017/01/Flossenburg-map.png" ><img class="alignleft  wp-image-16914" src="/wp-content/uploads/2017/01/Flossenburg-map.png" alt="Flossenburg map" width="204" height="244" /></a><div class="simplePullQuote right"><p> <strong><span style="color: #ff0000;">(1)</span> Concentratiekamp Flossenbürg met zijn 100 subkampen deed dienst als slavenarbeid in granietgroeven en in ‘Messerschmitt Bf 109’-fabrieken. Tussen 1936-1945 werden er in Duitsland van dit type vliegtuigen 30.573 gemaakt. In het concentratiekamp Flossenbürg hebben meer dan 97.000 mensen gevangen gezeten waarvan circa 30.000, voornamelijk door uitputting, overleden. In alle satellietkampen van  Flossenbürg tezamen zaten in 1945 meer dan 40.000 mensen. Voor een hedendaags referentiekader: er werken 40.000 mensen bij Google.</strong></p>
</div></h6>
<p>Op het politiebureau van Den Bosch geeft Van de Ven op 3 december 1945 een verklaring af van 20 getypte A4’tjes over zijn periode in Duitsland. Op 7 december 1942 wordt hij door het Arbeidsbeurs te ’s-Hertogenbosch tewerkgesteld in auto- en pantserreparatiefabriek Haufem aan de Seidnitzerstrasse 3 te Dresden, Duitsland. Al snel wordt hij beschuldigd van hetze omdat hij beklag doet over lonen die niet uitbetaald werden. Dit is zijn eerste verweer jegens het regiem.</p>
<p>Twee maanden eerder op 27-8-1945 beschrijft Van de Ven in een ander zelfgeschreven verslag van 10 pagina’s hoe hij in trucks amorel en zand in de carters van motors stopt en bij treinen in de lagers van wagons waardoor de onderdelen vast lopen of in brand vliegen. De Staatsanwalt beschuldigt hem van ´Heimatfront ondermijnen en het front in de rug aanvallen´. Dit zou een persoonlijke belediging zijn voor Hitler, Goering en Goebbels. Van de Ven krijgt anderhalf jaar tuchthuisstraf.</p>
<p>Erna volgen zware verhoren, knuppelingen en martelingen waarbij twee keer zijn armen achter zijn rug gebonden wordt waarna hij er aan opgehangen wordt (de zogenaamde wipgalg of strappado). Van de Ven bezwijkt. Hij wordt tevens tot aan zijn nek in ijskoud water gezet (waar hij een levenslange reuma van opgelopen zou hebben), hij schrijft over circa 40 onthoofdingen per dag van medegevangenen en hij wordt in een cel gestopt van 4 bij 2 meter die gedeeld werden door 20 mensen.</p>
<p>Van de Ven beschrijft vervolgens tot in detail de verschrikkingen in Flossenbürg die op deze plaats geen herhaling behoeven.</p>
<p>Tijdens een transport dat via Praag naar Dachau zou verlopen probeert hij te vluchten maar wordt hij door een bloedhond in zijn been stevig gebeten. Echter, 5 dagen later lukt het hem bij een tweede poging, tezamen met 22 anderen, om zich te ontdoen van de Hitlerjugend die op wacht staan. Over de Hitlerjugend schrijft hij: ‘Ze telden tot 10 en de 10e werd doodgeschoten. Zo telkens weer opnieuw. Ik was tweemaal de 9e. Ik was in doodangsten, dat ik er ook bij zou zijn. Het was ‘prijsschieten’. Men kon zich niet weren. De mensen waren verschrikkelijk zwak, ik ook. Als we over een spoorlijn moesten en er lag een steen, moest ik er voor omlopen omdat ik te zwak was om over de steen heen te stappen.’</p>
<p><strong><a href="/wp-content/uploads/2017/01/GOIW.png" ><img class="  wp-image-16915 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/GOIW.png" alt="GOIW" width="183" height="283" /></a>Een reconstructie van de oorlogsjaren vanuit het oogpunt van het G.O.I.W.</strong></p>
<p>Op 14 december 1945 wordt door de Gemeenschap Oud Illegale Werkers (G.O.I.W.) tegen Van de Ven aangifte gedaan als bedoelt in artikel 18 van het <a target="_blank" href="http://wetten.overheid.nl/BWBR0002009/2015-01-01" >Tribunaalbesluit</a>. Er lijken gegronde redenen te zijn dat Van de Ven afbreuk heeft gedaan aan het verzet tegen den vijand en diens handlangers door op 13 juli 1942 door:</p>
<p>A. te solliciteren als chauffeur bij de Wehrmacht;<br />
B. te hebben gewerkt bij de firma De Bruin te Vught (27-7-1942, werk Waffen-SS);<br />
C. vrijwillig te hebben gewerkt in Duitsland bij Reichsverkehrmin, Berlin (vertrokken 26-8-42).</p>
<p>Als bewijs kan worden overlegd:</p>
<ul>
<li>Voor het onder a. vermelde: Inschrijvingsformulier van het Gewestelijk Arbeidsbureau ’s-Bosch;</li>
<li>Voor het onder b. vermelde: Bewijs van inschrijving aan het Gewestelijk Arbeidsbureau ’s-Bosch;</li>
<li>Voor het onder c. vermelde: Uitzending naar Duitschland formulier.</li>
</ul>
<p>Dit formulier is door Van de Ven zelf ingevuld 13-7-1942. Hij schrijft bij gezochte betrekking (alle citaten in dit artikel betreffen inclusief schrijffouten): ‘Chauffeur bij de Wehrmacht of wel bij particulieren baas in Duitschland expeditie dienst op binnen en buiten land liefst Nederland – Duitschland’. Bij bijzonderheden schrijft Van de Ven: ‘Liefst blijf ik in Nederland of Duitschland daar ik nog een enkele keer een oproeping van de Rijksverzekeringsbank krijg voor een keuring van een ongeval wat ik gehad heb en waardoor mijn rechterduim stijf is.’ Alles netjes ondertekend.</p>
<p>Van de Ven is het met de beschuldigingen niet eens en hij schrijft op 29 november 1945: ‘(…) dat het beest dood is, doch dat de geest der nazi’s nog in vele voort leeft’.</p>
<p>Andere bronnen melden dat hij in 1941/1942 als vrachtwagenchauffeur voor de firma Van Boxtel heeft gewerkt en voor de firma Gillis te Rijen. Beide firma’s werkten voor de Wehrmacht.</p>
<p><strong>Jaren 70</strong></p>
<p><em><a href="/wp-content/uploads/2017/01/Croix-De-La-Confédération-Européenne-Des-Anciens-Combattants.png" ><img class="  wp-image-16909 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/Croix-De-La-Confédération-Européenne-Des-Anciens-Combattants.png" alt="Croix De La Confédération Européenne Des Anciens Combattants" width="73" height="169" /></a>Onderscheiding</em><br />
In april 1971 ontvangt Van de Ven het ‘Kruis Van Federatie Van Europese Oud-Strijders’, beter bekend als ‘Croix De La Confédération Européenne Des Anciens Combattants’. De onderscheiding heeft echter geen officiële status en militairen in actieve dienst mogen deze onderscheiding niet opspelden.</p>
<p>Erna lijkt Van de Ven tegen de lamp te lopen vanwege het onrechtmatig aanvragen van een verzetspensioen want zijn verzetsverleden zou een zelfverzonnen illusie zijn. Van 1975 tot 1980 werd uitvoerig in de Nederlandse pers over bedoelde kwestie gepubliceerd: kranten, magazines en zelfs Tros Aktua TV. Voor Politiek Den Haag werd het een langslepende affaire.</p>
<p><em>Stakeholders</em></p>
<ul>
<li>De <strong>kranten</strong> waren in de jaren 70 niet mild. Om u een idee te geef citeer ik in chronologische volgorde enkele frases, die ik gemakshalve naar eigen inzicht heb vereenvoudigd om het leesbaarder te maken:
<ol>
<li>‘Een onderzoek in West- en Oost-duitse archieven, bracht tot nu toe aan het licht dat Van de Ven niet voortkomt in de nauwkeurige bewaarde Gestapo-archieven en dat men ook geen processtukken ‘wegens hoogverraad’ tegen hem kan terugvinden in Dresden. Wat blijft daar dus van over?’ (<em>Zondagsnieuws, 20 november 1975</em>)</li>
<li>‘Enkele honderden leden van het voormalige verzet zijn dinsdag niet op het dag van het verzet geweest. Zij protesteerde daarmee tegen de aanwezigheid van Van de Ven.’ (<em>Helmonds Dagblad, Sept. 1976</em>)</li>
<li>‘Nep-verzetsman loog fl 1 miljoen bij elkaar maar Stichting 1940-1945 blijft hem beschermen.’ (<em>De Telegraaf, 5-7-1977</em>)</li>
<li>‘Nader onderzoek tot in Duitsland herleidt de overlegde papieren tot het feit dat betrokkene tot augustus 1942 vrijwillig voor de Duitsers werkte op vliegveld Gilze-Rijen, zich vervolgens vrijwillig meldde voor werk in Duitsland, waar hij in 1943 wegen het stelen van een baal koffie tot anderhalf jaar gevangenisstraf werd veroordeeld, die hij in de gevangenis in Dresden heeft uitgezeten’. (<em>De Telegraaf, 5-7-1977</em>)</li>
<li>‘De Brabander wordt beschuldigd van het jaarlijks ten onrechte innen van tachtig mille buitengewoon pensioen.’ (<em>Volkskrant, 6-7-1977</em>)</li>
<li>‘Het NVR zeggen in hun rapport dat Van de Ven fraude heeft gepleegd, door valsheid in geschrifte, waarin hij door de toenmalige Duitse justitie werd beschuldigd van sabotage en verraad.’ (<em>Volkskrant, 6-7-1977</em>)</li>
<li>‘Een analyse van de door de Vughtenaar zelf opgegeven verzetsdaden liet volgens verzetsmensen geen spaan van deze opgave heel.’ (<em>Nieuwsblad Van Het Zuiden, 4-4-1978</em>)</li>
<li>‘Dit is erger dan bankroof want het blijft elke dag gewoon doorgaan.’ (<em>Nieuwsblad Van Het Zuiden, 4-4-1978</em>)</li>
<li>‘De procureur-generaal stelde een diepgaand onderzoek  in. De conclusie van de procureur-generaal was dat het onmogelijk te bewijzen is dat de Vughtenaar in de oorlog strafbare feiten heeft gepleegd.’ (<em>Helmonds Dagblad, 19-7-1979</em>)</li>
<li>‘Kort voor hem het lidmaatschap van de Expogé werd ontnomen, is hij door de Nationale Federatieve Raad van het Verzet (NFR) ook als lid geroyeerd.’ (<em>Nieuwsblad Van Het Zuiden, 20-10-1979</em>)</li>
<li>‘Tussen staatsecretaris Kraayeveld-Wouters van CRM en de Buitengewone Pensioenraad in Heerlen bestaat hierover kritisch contact.’ (<em>Nieuwsblad Van Het Zuiden, 20-10-1979</em>)</li>
<li>‘Tweede Kamerleden die ook de zaak kritisch volgen zijn de heren J. Worrel en J. Voogd van de PvdA, mevrouw A. Kappeyne van de Coppello en de heer A. Ploeg van de VVD en mevrouw Dien Cornelissen van het CDA.’ (<em>Nieuwsblad Van Het Zuiden, 20-10-1979</em>)</li>
<li>‘Verzetspensioen Van de Ven terecht.’ (<em>Helmonds Dagblad, 5-9-1980</em>)</li>
<li>‘Velen genieten ten onrechte verzetspensioen.’ (<em>De Telegraaf, 13-3-1980</em>)</li>
<li>Een selectie uit de papieren media en in chronologische volgorde kunt u in twee delen downloaden:
<ul>
<li><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Schrijvende-pers-deel-1-a.pdf" ><strong>DEEL 1</strong></a> en <a href="/wp-content/uploads/2017/02/Schrijvende-pers-deel-2-a.pdf" ><strong>DEEL 2</strong></a>.</li>
</ul>
</li>
</ol>
</li>
</ul>
<ul>
<li>De Nederlandse Vereniging van Ex-Politieke Gevangenen, afgekort met <strong>Expogé</strong>, is op 28 september 1945 opgericht door verzetsmensen uit WOII. In 2010 is de vereniging opgeheven. Zij vinden dat van den beginne het uitgangspunt is geweest, dat er duidelijk bewijzen op tafel moesten worden gelegd om te bepalen of iemand tot het verzet kan worden gerekend. Het is niet zo dat andere partijen het tegendeel moet bewijzen. Iemand kan lid zijn van Expogé indien hij/zij voor of tijdens de oorlog van 1940-1945 door gezindheid en houding actief en zonder winstbejag heeft meegewerkt aan het verzet tegen de vijand en diens handlangers en tengevolge daarvan in gevangenschap is geraakt. Expogé vindt het aannemelijk dat Van de Ven vrijwillig in Duitsland is gaan werken, geen sabotage of hoogverraad heeft gepleegd en niet invalide is geraakt door een concentratiekamp. In 1950 of daaromtrent heeft Van de Ven een auto-ongeval gehad. Hij werd van februari 1943 tot september 1944 in gevangenschap gehouden wegens zijn branieachtige en onrustveroorzakend gedrag. Echter, Van de Ven is geballoteerd door de Nationale Unie van Oud-Gevangenen in 1945, en door Expogé in 1950 en in 1967. De staatssecretaris van CRM (Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk) en de Buitengewone Pensioenraad verklaren dat er geen aanleiding is om zijn pensioen in te trekken. Dit is voor Expogé het bewijs dat een royement niet aan de orde is. Voor een royement zijn twee dingen nodig: verzet/gevangenschap ontbreken en onwaardig gedrag tijdens de bezettingsjaren. Hiervan is geen sprake. Door deze zaak ontstaat er een afscheidingsbeweging vanuit Expogé onder de naam VLUG.</li>
</ul>
<ul>
<li>Vereniging van Lotgenoten uit het Gevangengenomen Verzet 1940-1945, afgekort met <strong>VLUG</strong> 40-45 is o.a. opgericht door W.C.H. Habets. VLUG 40-45 is ontstaan uit ongenoegen over het beleid van bestaande organisaties van het voormalig verzet, te weten Expogé. Volgens Habets houdt Expogé enkele leden waaronder Van de Ven de hand boven het hoofd. De organisatie noemt Van de Ven in een informatiebulletin een pseudoverzetsman die middels antigedateerde/vervalste verklaringen en het verzamelen van handtekeningen onder valse voorwendselen niet alleen zijn werkelijke activiteiten tijdens de bezettingsjaren geheel heeft verduisterd maar ook zinspeelde op verkeerde intenties waarmee hij een buitengewoon pensioen als verzetsheld heeft weten te verwerven. Met behulp van getuigen in Gilze-Rijen, Vught, Mülheim en Dresden is een reconstructie van het oorlogsverleden van Van de Ven gemaakt en niet één persoon heeft een verklaring ten gunste van Van de Ven afgelegd. VLUG 40-45, met Habets als vaandeldrager, laakt met name de doofpotcultuur van Stichting 40-45. De Stichting heeft volgens Habets een ‘waardigheids- en verzetsverklaring’ ten gunste van Van de Ven afgegeven op basis van één verklaring, terwijl het Commissariaat voor Oorlogsschade van het Ministerie van Financiën in september 1950 reeds verklaarde dat er geen sprake is van binnenlands verzet door Van de Ven.</li>
</ul>
<ul>
<li><a href="/wp-content/uploads/2017/01/NFR-VVN.png" ><img class="  wp-image-16920 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/NFR-VVN.png" alt="NFR-VVN" width="196" height="239" /></a>De Nationale Federatieve Raad van het Voormalig Verzet Nederland, afgekort met <strong>NFR-VVN</strong>, is op 13 december 1947 opgericht en tevens in 2010 wegens vergrijzing opgeheven. De NFR-VVN is een federatie van lokale verenigingen van oud-verzetsstrijders. Het doel van de vereniging was zich in te zetten voor rechtsherstel van oorlogsgetroffenen, zorg te dragen voor oud-verzetsstrijders of hun nagelaten betrekkingen die tijdens de bezetting schade hebben geleden, en zich in te zetten voor zuivering en berechting van oorlogsmisdadigers. Op 4 november 1976 geven ze A.O. van Soest (officier bij de Koninklijke Marechaussee, oorlogsvrijwilliger bij de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten) en C. Klaasse opdracht tot onderzoek. Wat volgt is een rapport van 13 pagina met een dik pakket aan bijlagen, o.a. met getuigenverklaringen van mensen en organisaties in Nederland en Duitsland. Één van de kerndocumenten betreft het vervalsen van de aanleiding tot Van de Ven’s arrestatie door de Gestapo. Op 22 november 1943 schrijft de Generalstaatsanwalt Dresden aan de moeder van Van de Ven een brief naar aanleiding van haar gratieverzoek. Daarin staat dat gratie onmogelijk is ‘da es geht um Hochverrat’. Dit is vreemd en wel om drie redenen. Ten eerste waren gratieverzoeken gedurende WOII inzake hoog- en landverraad voorbehouden aan de ‘Führer und Reichskansler’. Ten tweede omdat de taal niet klopt. Op 1 maart 1977 verklaart een taaldeskundige dat het geen goed Duits betreft. De woordvolgorde is onjuist. In een bijzin moet in het Duits de persoonsvorm achteraan, aan het einde van een zin, staan. Dus, ‘da es sich handelt um…’. <a href="/wp-content/uploads/2017/01/Duden.png" ><img class="  wp-image-16910 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/Duden.png" alt="Duden" width="140" height="140" /></a>De gebruikte woordvolgorde door Van de Ven is typisch Nederlands of Engels. Idiomatisch is de constructie ‘es geht um’ in de betekenis van ‘het gaat om’, ‘het betreft’ niet juist. Het toonaangevende stijlwoordenboek uit die tijd ‘Still-Duden’ geeft ‘es geht um’ slechts in deze volgorden: ‘es geht um alles’ (op het spel staan) en ‘jeder weiss, worum es geht’ (te doen zijn om). De betreffende zinsnede past tevens qua stijl en woordkeuze niet in de tijd en woordkeuze van de Duitse instanties omdat het geen ambtelijke taal betreft. Ten derde is ‘da es geht um Hochverrat’ in een ander lettertype geschreven dan de rest van de brief. Van Soest/Klaasse kunnen de aanleiding van Van de Ven’s arrestatie en zijn daden van verzet niet doorgronden en getuigen/instanties spreken dit eerder tegen. Toch komt er een opmerkelijke conclusie. Naar aanleiding van dit onderzoek schrijft voorzitter C.C. van den Heuvel uit naam van het hoofdbestuur van NFR-VVN: ‘Het hoofdbestuur NFR-VVN is van oordeel dat de thans aanwezige gegevens over v.d. Ven niet voldoende de conclusie van het rapport Van Soest/Klaasse rechtvaardigen en dat daarom royement van Van de Ven niet in overweging kan worden genomen. (…) Tenslotte spreekt het hoofdbestuur zijn teleurstelling en afwijzing uit over het optreden van oud-verzetsstrijders, die op laakbare wijze activiteiten tegen Van de Ven hebben ontplooid. Zij zijn daarbij ver buiten de grenzen gegaan van reacties van oud-verzetsstrijders op naar hun mening onjuiste toekenning van buitengewoon pensioen. Hun activiteiten heeft bijgedragen tot het verscherpen van tegenstellingen tussen oud-verzetsstrijders en tot schade aan het aanzien van het voormalige verzet.’ Van de Ven zou fl 1 miljoen aan uitkeringen opgestreken hebben. Het onderzoek van Van Soest/Klaassen kostte fl 1,1 miljoen.</li>
</ul>
<ul>
<li>De <strong>Buitengewone Pensioenraad</strong> werd in 1947 opgericht als onderdeel van de uitgevaardigde Wet Buitengewoon Pensioen 1940- In 1990 ging de Buitengewone Pensioenraad op in de Pensioen- en Uitkeringsraad. Als taak had de raad het berekenen en uitbetalen van pensioenen van oorlogsslachtoffers. Met ingang van 1 januari 1970 werd per wetswijziging geregeld dat bij de vaststelling van oorzakelijk verband tussen de invaliditeit en het verzetsverleden de omgekeerde bewijslast gold. Dit betekende dat het verband werd voorondersteld, tenzij bewezen kon worden dat de ziekten en/of gebreken niet het gevolg waren van de oorlogsomstandigheden. Van de Ven zou invalide zijn geraakt op transport naar Dachau. Van de Ven: ‘Op 19 april (1945 -red) ging ik op transport naar Dachau. Poging tot ontsnapping op een station mislukte. Een bloedhond beet mij tot invalide.’ Op 15 juni 1976 verklaart de Buitengewone Pensioenraad dat ze ‘(…) geen aanleiding heeft gevonden het aan de heer M.J. van de Ven te Vught verleende buitengewoon pensioen in te trekken’.</li>
</ul>
<ul>
<li>
<div id="attachment_16917" style="width: 152px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/01/J.W.-Spinks.png" ><img class=" wp-image-16917" src="/wp-content/uploads/2017/01/J.W.-Spinks.png" alt="Tweede Kamerlid J.W. Spinks " width="142" height="189" /></a><p class="wp-caption-text">Tweede Kamerlid J.W. Spinks</p></div>
<p><strong>Politiek Den Haag</strong> boog zich meerdere keren over de zaak. Tekenend is de verklaring van Tweede Kamerlid J.W. Spinks (kamerlid 1971-1977): ‘De Staatslicher Archiv Verwaltung in de D.D.R. verklaart echter dat v.d. Ven niet voorkomt in de registratie van hoogverraders en hoogverraadprocessen. Sterker nog, zijn naam komt helemaal niet voor in hun administratie terwijl dit archief als zeer volledig bekend staat. Zij hebben echter noch van Buitengewone Pensioenraad noch van de Stichting 1940-1945 ooit een verzoek om inlichtingen ontvangen. Integendeel, de Stichting neemt in een rapport alles klakkeloos voor waar aan. (…) Blijkens de personeelsadministratie van de thans nog bestaande firma Tengelman te Mülheim werkte hij daar vrijwillig van 11 december 1942 tot 27 januari 1943. Op die laatste datum tekent hij bij Tengelman zijn ontslagpapieren. Maar de Stichting zegt, dat hij medio januari 1943 op het Arbeidsbureau is en op 29 januari 1943 op het station staat om onder geleide van een met name genoemde SD’er naar Duitsland te vertrekken. Vreemd, want op 29 januari 1943 wordt hij al te Dresden gearresteerd. Nu komen de bewijzen voor de veroordeling wegens hoogverraad, een brief van de Rijkskommissaris en een brief van de Generalstaatsanwalt. (…) Het meest opvallend is echter de laatste regel van de eerste alinea: “da es geht um Hochverrat”. Dat is geen schrijfduits en zeker geen ambtelijk Duits. E.e.a. is bevestigd door ambtenaren van de Duitse justitie. Gelukkig is er echter ook nog een Duitse instantie die tenminste nog één zin van hem kon bevestigen n.l. de International Tracing Service te Arolsen. Uit dat archief blijkt dat hij in november 1944 in Kamp Flossenbürg is afgeleverd, echter zonder proces. (…) Op 29 april 1945, zo blijkt uit hun documenten, tekent hij te Leimeritz (het huidige Litomerice) voor zijn bevrijding door de Amerikanen. Geen Praag, geen Dachau, geen Russen. Nu is de kortste weg van Flossenbürg naar Dachau ook niet bepaald over Praag. Bovendien konden de Duitsers in die tijd hun treinen wel beter gebruiken dan voor het vervoer van gevangenen.(…) Een mislukte ontvluchtingspoging tijdens dat transport, toe maar. Er zijn er meer gedaan, maar die lui leefden daarna meestal nog maar een paar minuten, zo geen seconden.’</li>
</ul>
<ul>
<li><a href="/wp-content/uploads/2017/01/Stichting-1940-1945.png" ><img class="  wp-image-16922 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/Stichting-1940-1945.png" alt="Stichting 1940-1945" width="153" height="222" /></a><strong>Stichting 1940-1945</strong> voert wetten uit die financiële ondersteuning bieden aan slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Het doel is de zorg voor de nabestaanden van overleden verzetsdeelnemers en de zorg voor invalide geworden verzetsdeelnemers. ‘Voor beide groepen moest een wettelijke regeling worden getroffen. Die regeling kwam er in 1947, met de totstandkoming van de Wet Buitengewoon Pensioen 1940-1945 (WBP).Deze wet voorziet in pensioenen voor de nabestaanden van omgekomen deelnemers aan het verzet in Nederland en voor verzetsmensen die als gevolg van hun deelname aan het verzet in Nederland invalide zijn geworden.’ (BRON <a target="_blank" href="https://www.st4045.nl/wet-buitengewoon-pensioen" >https://www.st4045.nl/wet-buitengewoon-pensioen</a>). Op 12 januari 1950 gaf Stichting 1940-1945 voor Van de Ven een verzetsverklaring af en in 1951 kende de Buitengewone Pensioenraad een pensioen toe. In 1975 stelde Stichting 1940-1945 naar aanleiding van de commotie in de media een onderzoek in over Van de Ven’s verzetsverleden. Zowel P. Versteeg, Hoofdafdeling Verzetsdeelnemers en Vervolgden van Stichting 1940-1945 als dr. Mr. N.H. Wiarda, Voorzitter Buitengewone Pensioenraad, zagen geen aanleiding om de betreffende verklaringen en pensioen in te trekken. Van Soest/Klaasse deden in 1976/1977 namens de NFR-VVN een onderzoek met andere conclusies. Dientengevolge volgde een allesbeslissend onderzoek door de Buitengewone Pensioenraad, het Gerechtshof in Den Bosch en Stichting 1940-1945. Men kwam tot de conclusie dat na alle bescheiden te hebben ingezien en alle getuigen te hebben gehoord, de conclusie van 1950 en 1951 terecht was. Tweede Kamerlid J.W. Spinks is allerminst tevreden over de stichting (zie vorige bulletpoint) en zegt dat de stichting een verklaring afgeeft die door Van de Ven zelf geschreven is. Van Soest/Klaasse bekritiseren het feit dat de stichting in Duitsland geen onderzoek heeft gedaan. Stichting 1940-1945 bekritiseerd het onderzoek van Van Soest/Klaasse omdat het is uitgevoerd door twee ex-marechaussees en niet door juristen. Daardoor zouden er verkeerde conclusies getrokken worden. De stichting is van mening dat Van de Ven verzet heeft gepleegd en dat hij als gevolg van de oorlog invalide is geraakt.</li>
</ul>
<ul>
<li><a href="/wp-content/uploads/2017/01/Cadsu.png" ><img class="  wp-image-16908 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/Cadsu.png" alt="Cadsu" width="296" height="68" /></a>Het Centraal Afwikkelingsbureau Duitse Schade-Uitkeringen kortweg <strong>CADSU</strong>, werd bij besluit van de minister van Financiën van 25 juli 1959 nr. 53 met ingang van 1 september 1959 ingesteld. Het CADSU heeft als doel het ondersteunen van individuele belanghebbenden bij de gecoördineerde indiening van claims wegens geleden materiële schade en het hiervoor verkrijgen van een zo hoog mogelijke vergoeding. Van de Ven valt onder het Afwikkelingsbureau Concentratiekampen. Volgens het CADSU heeft Van de Ven pamfletten vervaardigd voor sabotagemogelijkheden en zijn er voorbereidingen tot hoogverraad. Bewijzen worden niet geleverd.</li>
</ul>
<ul>
<li>De laatste stakeholder zijn de aanhoudende <strong>roddels</strong>. Mijn onbezonnen jeugd ligt in de jaren 70 en 80 in genoemde woonplaats. In die jaren waren de perikelen van Van de Ven door heel Vught een decennia lang gesprek aan de keukentafels. Van de Ven zou als collaborateur verwikkeld zijn in obscure zaken omtrent Kamp Vught waarbij Joden benadeeld werden voor eigen winstbejag, hij zou onder de vlag van de Wehrmacht Joden door Brabant en Gelderland hebben getransporteerd, hij zou zichzelf opzettelijk in zijn been geschoten hebben om aanspraak te maken op een uitkering en hij zou zijn aanvraag voor een verzetspensioen bij elkaar gekocht en gelogen hebben. Terwijl anderen hard werkten om rond te komen, kon Van de Ven met zijn uitkering en pensioen vanuit zijn luie stoel een florerend bedrijf oprichten. De spanningen waren zo verhit dat getuigen uit angst hun mond hielden. Ik heb Vught al 30 jaar achter mij gelaten en toen ik terug kwam bleek dat mensen nog steeds met schande over de zaak spraken. Maar zijn de aanhoudende roddels conform de werkelijkheid?</li>
</ul>
<p><strong>Nieuwe bevindingen</strong></p>
<p><em>Bevestiging </em></p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/01/International-Tracing-Service.png" ><img class=" size-full wp-image-16916 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/01/International-Tracing-Service.png" alt="International Tracing Service" width="302" height="123" /></a>Het International Tracing Service (ITS) in Duitsland heeft een archief met 50 miljoen documenten over zo&#8217;n 17,5 miljoen nazi-slachtoffers, waaronder Arbeitseinsatz, Holocaust en Displaced persons. In 2013 zijn de documenten in de werelderfgoed van Unesco opgenomen. Op 17 januari 2017 ontvang ik van ITS een bericht.</p>
<p>Onderzochte persoon heeft volgens ITS in Duitsland gewerkt bij Tengelmann en is op 3 november 1944 door de Dresden staatspolitie overgebracht naar Flossenbürg met nummer 32323, nazi-type gevangene ‘ZA’ (Zivilarbeiter) en Schutzhaft (preventieve hechtenis). Op 29 december 1944 is hij overgebracht van Flossenbürg naar satelliet Schlackenwerth. ITS heeft voor dit onderzoek het Rode Kruis bevraagd en hierdoor kan worden bevestigd dat onderzochte persoon op 15 januari 1943 voor de rechtbank van München is verschenen en op 30 januari 1943 in Dresden in een politiecel is gestopt. In mei 1943 is hij verplaatst naar Mathilde gevangenis, op 25 december 1944 naar Flossenbürg en op 30 december 1944 naar Schlackenwerth. De data wijken ietwat af. Op 12 april is Van de Ven op transport naar Dachau gezet maar hij werd op 10 mei 1945 bevrijd door Russen. Zijn gevangenenleven heb ik inmiddels op meerdere documenten bevestigd gezien.</p>
<p><em>Arbeitslager Leitmeritz</em></p>
<p>De route van het transport is volgens Van de Ven’s korte biografie verlopen in de volgende volgorde (zie kaart onder):</p>
<ol>
<li>Flossenbürg.</li>
<li>Schlakkenwert: dit is onjuist gespeld, het moet zijn Schlackenwerth (beter bekend onder de Tsjechische naam Ostrov, vlakbij bij Karlsbad).</li>
<li>Lobersitz: Van de Ven is niet zeker want hij plaatst een vraagteken achter de plaatsnaam. Waarschijnlijk heeft hij het fonetisch opgeschreven. In een ander document wordt Lobositz ook gebruikt en dit lijkt, zeker fonetisch, erg op Lovosice, hetgeen op de route ligt. In Lovosice heeft hij 5 dagen onder toeziend oog van de Hitlerjugend gewacht op transport.</li>
<li>Kralub: ik denk dat Van de Ven <em>Kralupy nad Vltavou</em> bedoelt omdat de stad in het Duits Kralup an der Moldau genoemd wordt.</li>
<li>Rostok: dit zal Rostoklaty zijn omdat Van de Ven schrijft dat het circa 10 kilometer voor Praag is.</li>
<li>Praag: Hier zouden wagons klaarstaan met eindbestemming Dachau, maar Van de Ven ontsnapte voordien.</li>
<li>Geplande eindbestemming Dachau</li>
</ol>
<div id="attachment_16924" style="width: 400px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2017/01/Transportroute.png" ><img class=" wp-image-16924" src="/wp-content/uploads/2017/01/Transportroute.png" alt="Klik op de kaart voor een uitvergroting" width="390" height="403" /></a><p class="wp-caption-text">Klik op de kaart voor een uitvergroting</p></div>
<p>Op de kaart staat als nummer 8 tevens Leimeritz (het huidige Litomerice). Tweede Kamerlid J.W. Spinks schrijft dat Van de Ven voor zijn bevrijding tekent te Leimeritz voor zijn bevrijding door de Amerikanen. <em>‘Geen Praag, geen Dachau, geen Russen’.</em> Nummer 8 herbergt Arbeitslager Leitmeritz (tevens bekend als ‘SS Kommando B 5’) en is slechts 4 kilometer verwijderd van concentratiekamp Theresienstadt. Door gebrek aan slaapplaatsen in Arbeitslager Leitmeritz sliepen de meeste gevangenen in Theresienstadt. Beiden kampen werden bevrijd door de Russen. Van de Ven meldt dat hij in Praag is bevrijd door Russen. Ik kan me voorstellen dat hij door uitputting de dingen ook niet meer helder heeft gezien. Het is overigens logischer dat Van de Ven via Lovosice in Leimeritz is geraakt en dat hij niet in die andere plaatsnamen is geweest. Misschien is er gezegd dat hij naar Praag ging via Kralup an der Moldau en Rostoklaty en heeft hij door zijn zwakte deze tussenliggende stations als zodanig gewaarmerkt. Je krijgt dan route Flossenbürg &#8211; Schlackenwerth &#8211; Lovosice &#8211; Leimeritz. Zie tweede kaart.</p>
<div id="attachment_16943" style="width: 423px" class="wp-caption alignright"><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Transportroute-2.png" ><img class=" wp-image-16943" src="/wp-content/uploads/2017/02/Transportroute-2.png" alt="Klik op de kaart voor een uitvergroting" width="413" height="263" /></a><p class="wp-caption-text">Klik op de kaart voor een uitvergroting</p></div>
<p>Deze logica wordt versterkt door het feit dat de aanvoer van arbeiders voor Arbeitslager Leitmeritz voornamelijk uit Flossenbürg kwamen. Arbeitslager Leitmeritz staat bekend om zijn hoge sterftecijfer door gruwelijke leefomstandigheden, dysenterie- en tyfusepidemieën. Overlevenden die via Auschwitz naar Arbeitslager Leitmeritz werden getransporteerd gaven aan dat de slechte levensomstandigheden in Arbeitslager Leitmeritz het meest verschrikkelijk waren.</p>
<p>Terezín Memorial (Theresienstadt Memorial) mailt mij op 27-1-2017 een kopie van Van de Ven’s bevrijdingskaart dat hij in Arbeitslager Leitmeritz is bevrijd. Op die bevrijdingskaart is overigens helemaal niet te zien of hij nu door Amerikanen of door Russen is bevrijd. Ik heb het nog eens extra gevraagd bij Terezin Memorial, maar de bevrijdingskaart is niet gerelateerd aan Amerikanen of Russen. Dit spreekt Tweede Kamerlid J.W. Spinks tegen. In het zelfde document zegt Spinks: ‘Bovendien konden de Duitsers in die tijd hun treinen wel beter gebruiken dan voor het vervoer van gevangenen’. De Duitsers waren de oorlog aan het verliezen en alles wat de oorlogsindustrie kon leveren was welkom. In Arbeitslager Leitmeritz werden in ondergrondse fabrieken namelijk tankmotoren geassembleerd. Ook deze logica is in strijd met de bevindingen van Spinks.</p>
<p>Van de Ven was ongeschoold en in het begin van de oorlog was hij een straatveger. Zijn verhalen zitten barstenvol schrijffouten. Op Praag en Dachau na, heeft hij alle plaatsnamen verkeerd gespeld. Na een controle blijken in de plaatsen van Van de Ven’s transport, te weten Flossenbürg, Ostrov, Lovosice, Kralupy nad Vltavou en Rostoklaty, allemaal een station te liggen. Dat Van de Ven juist deze plaatsnamen meteen na de oorlog uit zijn duim zuigt, lijkt me dan ook niet aannemelijk. Had hij dit allemaal ingestudeerd dan waren de plaatsnamen duidelijker en correct geweest. Ik moest echt stevig zoeken wat hij bedoelde. De uitdaging die ik u kan geven is om in Google te zoeken op de Tsjechische plaatsnamen die Van de Ven noemt: Lobersitz, Kralub en Rostok (niet te verwarren met het Duitse Rostock). In uw zoekresultaten zitten nul plaatsnamen. Van Soest/Klaasse hebben deze route niet geanalyseerd.</p>
<p><em>Verzet</em></p>
<p>Op 30 januari 2017 krijg ik een tip van het NIOD. Een verslag uit 1950 van J.H. Uhl, destijds medewerker van het Bureau Coördinatie van het Ministerie van Justitie, heeft de kranten niet gehaald. Genoemde Uhl heeft onderzoek gedaan in archieven in Berlijn, waar nog gegevens te vinden waren over veroordeelde Nederlanders tijdens de oorlog door het Volksgerichtshof. De gegevens werden aangetroffen in het door de Amerikanen beheerde ‘American Document Center 7771’, later omgedoopt in ‘Berlin Document Center’ en tegenwoordig onderdeel uitmakend van het Bundesarchiv. In dit overzicht komt ook Martinus Johannes van de Ven voor, die samen met twee lotgenoten op 31 augustus 1943 werd veroordeeld wegens ‘Feindbegünstigung’. Specifiek: wegens het aanzetten van andere arbeiders tot langzaam werken en de Duitse oorlogvoering te bemoeilijken en het laatdunkend uitlaten over nazi-Duitsland. Van de Ven werd veroordeeld tot 1 jaar en 6 maanden, met aftrek van 6 maanden.</p>
<p><em>Volksgerichtshof</em></p>
<p>Het verhaal van J.H. Uhl krijgt een bevestiging. Op 18 februari 2017 ontvang ik een pakketjes van het Bundesarchiv. De cover draagt de titel ‘Handakten, Oberreichsanwalt beim Volksgerichtshof: Strafsache’. De bescheiden beschrijven een strafzaak tegen drie Nederlanders, waaronder Van de Ven.</p>
<p>Van de Ven meldt zich vrijwilliger ‘zum Einsatz’ in Duitsland en na een kort verlof wegens ziekte van zijn vrouw, wordt hij tegen zijn wil door de Wehrmacht opgeroepen om te werken als monteur. Hij heeft geen interesse zich aan te sluiten bij een politieke partij, een politieke jeugdorganisatie of unie. Echter, volgens de rechtbank, was Van de Ven wel aangesloten bij een ‘deutschfeindliche Gruppe’ (anti-Duits groepering).</p>
<p>Op 24 juni 1943 wordt geschreven dat Van de Ven verklaart dat hij hoopt dat het Duitsland aan het oostfront slecht afgaat zodat de oorlog door de Duitser verloren wordt en waardoor hij naar huis kan. Misschien zou Nederland dan over Duitsland kunnen regeren. Indien arbeiders langzaam werken dan zou de oorlog eerder afgelopen zijn want dan krijgt het front geen materieel, de soldaten kunnen dan niet meer vechten en hij kan eerder naar huis. De Engelsen moet derhalve vooral veel bommen op Duitsland gooien. Van de Ven: ‘der Nationalsozialismus sei in Wahrheit gegen die Arbeiter eingestellt; nur im Kriege müsse er um ihre Gunst werben, nach dem Kriege werde der Arbeiter abgetan sein; dann werde sich herausstellen, dass der Führer das Deutsche Volk belogen habe’. Voorts trok hij de Duitse radioberichtgevingen over de Duitse oorlogsresultaten in twijfel. Op 1 september 1943 wordt Van de Ven veroordeeld tot anderhalf jaar gevangenisstraf wegen ‘wehrkraftzersetzung’ (opruiing) met 6 maanden aftrek van het voorarrest.</p>
<p><em>Vervalsing</em></p>
<p>Wat ik duidelijk wil verwoorden is dat Van de Ven geen oorlogscrimineel is. Indien hij inderdaad een chauffeur geweest zou zijn voor de Wehrmacht en de Waffen-SS, dan kun je je afvragen of dit een misdaad betreft. Van de Ven is te allen tijde in dienst geweest van een bedrijf en hij heeft tijdens de bezettingsjaren nimmer een soldatenleven geleid, behalve dat hij tussen 8-12-1939 en 25-5-1940 in militaire dienst bij een Nederlandse artillerieregiment zat zonder enige vorm van gevechtshandelingen te hebben meegemaakt. In de vele getuigenverslagen heb ik Van de Ven op niet één aanvechtbare misdaad kunnen betrappen. Van de Ven heeft zich waarschijnlijk wel laten verleiden tot het vervalsen van een document. Niet om een leugen te verspreiden maar omdat hij zijn gevangenenleven wilde benadrukken. De moeder van Van de Ven had na gratieverzoek per brief een antwoord met het volgende brieflogo:</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/01/briefhoofd.png" ><img class="alignleft  wp-image-16907" src="/wp-content/uploads/2017/01/briefhoofd.png" alt="briefhoofd" width="371" height="182" /></a></p>
<p>Het is vervolgens heel makkelijk om daarin één zin aan te passen in je eigen voordeel (‘da es geht um Hochverrat’). J.G. Kraaijeveld-Wouters, Staatssecretaris van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk verklaart in 1980: ‘een aantal verklaringen en bewijsstukken die door de betrokkene zijn geproduceerd na de pensioentoekenning om de tegen hem ingebrachte beschuldigingen tegen te spreken.’ Wat rest zijn de naweeën tot diep in de jaren 70 om deze ingeslagen weg te verdedigen. Dit heeft de roddels in Vught in stand gehouden.</p>
<p><em>Fysieke invaliditeit</em></p>
<p>In archieven worden heb ik meerdere verhalen gelezen over de oorzaak van het manke been van Van de Ven. De archieven spreken van een bloedhond, een auto-ongeluk, een val tijdens een dronken bui van een loopplank (tussen wal en schip) en van een zware enkelbreuk toen hij van een werkbank sprong. De verhalen waren allemaal van niet directbetrokkenen, behalve van de bloedhond. Ik werk één voorbeeld uit. In 1977 spraken Van Soest/Klaasse met een chef werkplaats van de gemeente. Laat ik hem X noemen. In 1965/1966 werkte X als monteur in garage Van Haaren. Van Haaren senior vertelde aan X dat Van de Ven rond 1950 in zijn garage had gewerkt en van een werkbank sprong waarbij hij zijn enkel brak. Ervoor liep hij moeiteloos en erna liep hij mank. Van Haaren senior was ten tijde van dit interview al overleden. X heeft Van de Ven nimmer persoonlijk gekend. Hier is sprake van een indirect en misleidende getuigenverhaal.</p>
<p>De Wet Buitengewoon Pensioen bepaalt de relevantie van invaliditeit aan de ontberingen veroorzaakt door de nazi’s. Er moet sprake zijn van een ‘verergerd verband’ waarbij tijdens de aanvraag vaak het voordeel van de twijfel werd gegeven. De wet heeft erg gestoeid met de zogenaamde grijze gebieden waarbij sprake is van een ‘gedeeltelijk verband’. De Buitengewone Pensioenraad heeft na onderzoek van hun geneeskundig adviseur een beslissing genomen over de mate van verzetsgerelateerde invaliditeit bij Van de Ven. Het is niet aan enige getuige om daarover een uitspraak te doen omdat dit in de persoonlijke sferen ligt tussen patiënt en arts. Het publieke debat is hier geen eigenaar van en het is logisch dat een betrokken organisatie en/of arts niet meedoet aan een steekspel in de media. Voorts is bij de medische beoordeling niet alleen gekeken naar enigerlei mate van lichamelijke invaliditeit, maar mede om psychische invaliditeit.</p>
<p><em>Psychische invaliditeit</em></p>
<p>In de archiefstukken beschrijven anderen getuigen Van de Ven als een moeilijke man met een grote mond. Hij zit zichzelf in de weg. Deze persoonlijkheid wordt op de proef gesteld tegen de achtergrond van zijn wrede gevangenschap. Laat ik dit eens uitwerken. Dr. J. Bastiaans publiceert in 1957 zijn proefschrift ‘Psychosmoatische Gevolgen Van Onderdrukking En Verzet’ waarin hij het zogenaamde KZ-syndroom (KZ=Konzentrationslager) onderzocht, ook wel het concentratiekampsyndroom. Hier vallen ook slachtoffers onder van een ontvoering, incestslachtoffers, Vietnam- en Indiëveteranen. Deze vorm van posttraumatische stressstoornis (PTSS), waarbij slachtoffers o.a. te maken hebben gehad met martelingen, doodsangst, terreur, vernedering, openbare executies, willekeurige moordpartijen en verminkingen werden door Bastiaans o.a. behandeld met lsd. In sommige gevallen werd het trauma doorgegeven aan zijn/haar kinderen (tweedegeneratieslachtoffer) en hun indirecte omgeving. Uit naoorlogs onderzoek met mensen met een KZ-syndroom is gebleken dat voornamelijk ondervoeding een rol heeft gespeeld in fysieke en psychisch afwijkingen. Dit kan leiden tot onbegrepen gedragingen en vervreemding met de omgeving, zoals in Vught is ontstaan. De geur en beelden van de dood zal bij overlevenden in een voortdurende intensiteit aanwezig zijn, de zogenaamde ‘death imprint’. Er zal een ‘doof gevoel’ zijn voor emoties waarbij menselijk contact bij voorkeur gemeden wordt. De zoektocht naar de zin van het leven zit op slot. Dit KZ-syndroom kreeg een extra moeilijkheidsgraad omdat het een nieuw fenomeen was voor artsen. De patiënt bevestigt hoe goed een arts is in hoeverre zijn/haar oorlogstrauma begrepen wordt en de arts heeft de neiging om alle klachten aan zijn/haar oorlogstrauma toe te schrijven. Kortom, de een houdt het zelfgevoel van de andere in stand. Was Van de Ven in min of meerdere mate psychisch invalide door het KZ-syndroom? Ik denk dat het voldoende is om bij dit onderwerp theoretisch te blijven en niet persoonlijk.</p>
<p>Wat ik wel kan zeggen is dat in de naoorlogse periode veel Holocaustoverlevenden in Israël gingen wonen. De gemeenschappen aldaar werden dagelijks geconfronteerd met traumatische verwerkingen. Gegil in de nacht, gegil overdag, slepende toestanden op straat en op het werk, vervreemding van de samenleving, ontroostbaar verdriet, openlijke en verborgen agressie, verharding, angstaanvallen, verbitterde woede, chronische depressies, alcoholisme, paniekaanvallen, aanhoudende nachtmerries, suïcidale gedachtes, schizofrenie, nieuwe en tevens zware psychische verschijnselen, conflicten met autoriteiten en met de sociale omgeving: in Israël wisten ze precies wat er aan de hand was. Ze droegen het gezamenlijk. Nachtelijke geluiden van kwelling waren decennia lang een bijkomende erfenis van de Shoah, de Holocaust. De herinneringen van Van de Ven laten zich thuis in Vught waarschijnlijk moeilijk delen omdat tussen 1938-1945 ‘slechts’ 411 Nederlanders in Kamp Flossenbürg, inclusief zijn 100 subkampen, opgesloten hebben gezeten. Er werden weinig Nederlanders naar Flossenbürg gestuurd omdat het namelijk bedoeld was om mensen uit het oosten te huisvesten. Maar, anders dan in Israël, was men in Vught als gemeenschap niet in staat om één slachtoffer, die totaal ontwricht is van de samenleving, in het midden te hebben. Mede omdat ze hem niet begrepen werd hij verketterd en gedemoniseerd. Op deze plaats lijkt een rehabilitatie van Van de Ven op zijn plaats en hopelijk krijgt dit verhaal in Vught dan eindelijk de plaats die het verdient.</p>
<p><em>Ruziënde instanties</em></p>
<p>In 1963 publiceerde CADSU twee maal in alle dag- en weekbladen een aanmeldingsformulier voor uitkeringen van slachtoffers van het naziregime. De eerste keer in juni en de tweede keer in augustus. Bij de eerste oproep kwamen 80.000 aanvragen binnen. Aan het einde van dat jaar is het CADSU al begonnen met de eerste voorschotten. Deze laagdrempelige methode is fraudegevoelig en vraagt om een onzorgvuldigheid afwikkeling. Ook Stichting 1940-1945 spreekt van een lawine van aanvragen, alhoewel in minder indrukwekkende getallen.</p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/02/sinaasappelkistje.png" ><img class="  wp-image-16954 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/02/sinaasappelkistje.png" alt="sinaasappelkistje" width="259" height="178" /></a>Stichting 1940-1945 zal zeker tegen grenzen aangelopen zijn. De vergelijking met het sinaasappelkistje haal ik erbij. Als je een sinaasappelkistje voor je hebt, dan haal je daar steeds één onderdeel vanaf en telkens stel je, nadat je een onderdeel hebt verwijderd, de vraag of het nog een sinaasappelkistje is. Ergens bereik je een grens dat je zegt dat het geen sinaasappelkistje meer is. Je kunt het ook andersom doen. Dat je een sinaasappelkistje gaat bouwen en dat je telkens nadat je onderdeel hebt toegevoegd aan een kind vraagt wat het is. Wanneer zal het kind zeggen dat het een sinaasappelkistje is? Deze laatste metafoor trek ik door. Wanneer pleeg je verzet? Moet dat georganiseerd zijn? Zo ja, wanneer is er sprake van ‘georganiseerd’? Wat is verzet, is dit het stelen van voedselbonnen of is opruien ook voldoende? Als je opruit: wanneer is dat voldoende? Als je alleen bent, met twee personen, drie? En als je dat één keer doet, is dat voldoende of moet er sprake zijn van tien keer? Of gaat het om impact? Waar ligt de grens van impact, wie bepaalt deze grens, hoe meet je dit? Als tien keer opruien niet is gearchiveerd, in hoeverre kan ik een waarheid aannemen? Is iemand die charismatisch is eerlijker dan iemand die boud is? En iemand die tijdens een interview wegloopt? Waar ligt die grens vervolgens: als iemand na twee minuten wegloopt, na 13 minuten, na 54 minuten of na 240 minuten? Moet verzet door één getuigen bevestigd worden en wat voor een getuigen dient dit te zijn? Moet deze getuigen volledig belangeloos erin staan of mag dit een grijs gebied zijn? En welke tint grijs? Wanneer kun je zeggen: ‘nu is het belangeloos’ en ‘nu is het niet meer belangeloos’? Mag de getuige een bepaalde oorlogstrauma hebben waardoor zijn herinneringen gekleurd zijn? Hoe meet je dit dan? Dezelfde grensbepalingen gaat op voor fysieke invaliditeit. Is er in de aanleg al sprake van fysieke invaliditeit? In hoeverre is er een (gedeeltelijk) verband door de oorlogsjaren? Hoe groot moet het deel van ‘gedeeltelijk’ zijn om een correlatief verband uit te drukken? Heeft iemand rugklachten vanwege onvrijwillig slavenarbeid of vanwege slechte veringen in trucks toen iemand vrijwillig chauffeur was? In hoeverre is het één en het andere te linken aan een kwaal? En alles in een mixer: in hoeverre is er een (gedeeltelijk) verband tussen fysieke invaliditeit met bepaalde oorlogsafhankelijke situaties en bepaalde vormen van verzetspleging en hoe betrouwbaar is de persoon die dit kan bevestigen? Ten slotte: wordt verzet bepaald door naoorlogse instanties die er jaren over moeten doen om een min of meer waterdichte definitie op papier te krijgen om vervolgens te zeggen ‘jij niet’ en ‘jij wel’? Of wordt dit bepaald door dienstdoende instanties van dat moment, dus tijdens 1940-1945? In het kader van het legaliteitsbeginsel (<a target="_blank" href="https://nl.wikipedia.org/wiki/Legaliteitsbeginsel" >https://nl.wikipedia.org/wiki/Legaliteitsbeginsel</a>) voldoet van Van de Ven dan zeker aan verzetspleging want de nazi&#8217;s hebben hem middels het gerechtshof in Dresden hiervoor veroordeeld en in mijn ogen eindigt hiermee elke naoorlogse discussie of twijfel. J.H. Uhl, en Stichting 1940-1945 hebben dit tevens na de oorlog bevestigd. Om te categoriseren heb je definities nodig die veelal semantisch van aard zijn (ik daag u uit om het verschil tussen groente en fruit te definiëren). In het verhaal van Van de Ven hebben allerlei instanties een decennia lang ruzie gemaakt om tot antwoorden te komen totdat in 1980 Staatsecretaris J.G. Kraaijeveld-Wouters dit hamerstuk zijn laatste klap met de vergaderhamer erop gaf, in het voordeel van Van de Ven.</p>
<p>Kraaijeveld-Wouters: ‘Omtrent de verzetsactiviteiten van de betrokkene zijn getuigenverklaringen beschikbaar, waarvan de inhoud en juistheid ook bij nader onderzoek niet zijn weerlegd. De juistheid van de destijds door de Stichting 1940-1945 afgegeven zogenaamde verzetsverklaring staat hiermede vast. Van de ingebrachte beschuldigingen, inhoudende dat de door de heer v.d. V. beweerde verzetsdaden niet op juiste feiten berusten, is in alle gevallen de onwaarheid komen vast te staan. Deze beschuldigingen blijken ten dele te zijn gebaseerd op onjuiste conclusies en anderdeels te zijn gegrond op persoonsverwisseling.’ (Gehele verklaring lezen? <strong><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Tweede-Kamer-1980.pdf" >HIER</a></strong>).</p>
<p>Alle genoemde instanties hebben Van de Ven gewikt en gewogen. Niemand heeft geconcludeerd dat Van de Ven loog zodat hij zijn uitkeringen en pensioenen kon ontvangen terwijl ze in die tijd in de eerste naoorlogse generatie zaten met levende getuigen. In mijn ogen hebben instanties decennia lang de fout gemaakt om bezig te zijn met tegenbewijzen. In mijn ogen moet de persoon zelf aantonen dat hij/zij een verzetsrol heeft gespeeld en dit bewijs dient te allen tijde geopenbaard worden. Anderen hoeven niet het tegendeel te bewijzen. Dat zou fraai zijn: iedere Nederlander heeft na de oorlog in het verzet gezeten behalve wanneer het tegendeel bewezen wordt. Zo werkt dat niet. Alle genoemde instanties zijn in gebreke gebleven. Instanties hebben hard hun best gedaan om het tegendeel te bewijzen met dure onderzoeken terwijl ze de eenvoudige taak hadden om Van de Ven duidelijk te maken dat hij met bewijzen had moeten komen. Dan was hij maar een verzetsheld geweest zonder een oorlogsuitkering of -pensioen. Prima. Ik zou zeggen: ‘Schrijf er een mooi boek over’. In de inleiding schrijf ik ‘Tot ver in de jaren ’70 ontvingen 1285 mensen, procentueel 25% van de verzetsgepensioneerden onterecht een Buitengewoon Pensioen’. Dit geldt voor alle 1285 mensen: geen bewijs, geen pensioen. Een omgedraaide bewijsvoering. Het lijkt zo makkelijk. Maar de zaak Van de Ven is helemaal verkeerd opgepakt. Deze geschiedenis zou derhalve geen verhaal moeten zijn die om Van de Ven draait maar om een stuurloze bureaucratie die elkaar tegenspreken en elkaar rollebollend bevechten. Wat een geld heeft deze zaak gekost.</p>
<p><em>Vraagtekens</em></p>
<p>Van de Ven schrijft twee keer een memoires, één keer van tien getypte pagina’s (op briefpapier van Afwikkelingsbureau Concentratiekampen van het CADSU) en één keer op twintig getypte pagina’s (een verklaring op het politiebureau van Den Bosch). Wat mij opvalt is de amateuristische begeleiding die hij daarbij moet hebben gehad. Met een officiële oorlogsmemoires wil je in beeld krijgen wat er is gebeurd, met als doel geschiedenisschrijven en aansprakelijkheid jegens nog levende nazi’s. In beide verklaringen worden geen namen genoemd van Duitse rechters, soldaten of kampbewaarders. Ik kan alleen maar redeneren dat het CADSU en de politie hier in gebreke zijn gebleven. Juist het op papier zetten van deze namen had Van de Ven veel geloofwaardiger gemaakt en beter in het zadel geholpen. Hij had juist een unieke positie kunnen innemen tijdens vervolgingsprocessen van nazi-rechters en kampbewaarders. Het CADSU en het politiebureau heeft Van de Ven hier onjuist bij geassisteerd en, met het oog op mensenrechtenvervolging, buitengewone kansen (misschien wel ‘eenmalige kansen’) laten liggen.</p>
<p>De naoorlogse hulporganisaties roepen bij mij vraagtekens op hoe zij zo zuiver en neutraal mogelijk waargebeurde verhalen in beeld hebben proberen te brengen.</p>
<p><em>Fossiel</em></p>
<p><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Old-Fossil.png" ><img class="  wp-image-16948 alignright" src="/wp-content/uploads/2017/02/Old-Fossil.png" alt="Old Fossil" width="183" height="183" /></a>Stichting 1940-1945 speelt in mijn ogen, al sinds 1950, een te bureaucratische rol. Zij hebben een verzetsverklaring afgegeven en claimen een bewijs in handen te hebben. Echter, ze zeggen niet welk bewijs. Tussen 1974 en 1980 vindt er een hopeloos gevecht plaats tussen Van de Ven en de schrijvende pers. Wat gebeurt er? Instanties en de pers gaan tegenbewijs en redenaties zoeken. Het enige dat de stichting doet is ontkennen en juist in die jaren was daadkracht op zijn plaats. Indien ze in 1974 hadden verteld  ‘<em>we hebben dit bewijs en de staatssecretaris heeft dat bewijs ook in handen</em>’, dan was de discussie in 1974 al gesloten. Door deze gesloten houding creëer je het effect dat stakeholders naar creatieve oplossingen gaan zoeken. Het onderzoek van Van Soest/Klaasse was dan wellicht onnodig geweest. De stichting heeft tot twee keer toe een uitgebreid onderzoek gedaan naar Van de Ven, vóór het onderzoek van Van Soest/Klaasse en erna. Ik ga dan beredeneren dat de stichting dus geen eenduidig bewijs in handen heeft voor de verzetsverklaring in 1950.</p>
<p>Op 4 april 1980 publiceert Magazine Panorama het artikel ‘Miljoenenfraude met verzetspensioenen’. Op 30 mei 1980 staat in dagblad Trouw te lezen dat de stichting een kort geding aanspant. Ze eisen dat het magazine een rectificatie plaatst met de titel ‘<span style="text-decoration: underline;">Geen</span> miljoenenfraude met verzetspensioenen’ (lees artikel <strong><a href="/wp-content/uploads/2017/02/Trouw-30-mei-1980.png"  target="_blank">HIER</a></strong>). In plaats van dat ze claimen wát voor een bewijs ze hebben, kiezen ze er voor om hun ‘ontkenning’ kracht bij te zetten. Hier is niemand bij gediend, ook Van de Ven niet. Je zaait twijfel en creëert een tweekamp in de samenleving, zeker in Vught. Ik kan me voorstellen dat dit de pijn bij mensen juist heeft vergroot. In Vught woonden in de jaren 70 veel overlevenden van SS camp Konzentrationslager Herzogenbusch (Kamp Vught) en deze gesloten houding heeft alles behalve een verzachtende en helende uitwerking op hen gehad.</p>
<p>In aanloop van dit schrijven heb ik Stichting 1940-1945 uitgenodigd om mee te denken. Ze zijn vanaf de eerste mail non-coöperatief, ze reageren totaal niet waardoor je genoodzaakt bent om stevige reminders te sturen en ze zijn niet bereidwillig om mee te delen of er bewijs is voor hun verzetsverklaring en wat dit bewijs dan is. Het bewijs hoef ik niet eens te zien, als ik maar weet dat er iets is en wat dit dan is. De stichting meldt dat ze een ‘gesloten archief’ zijn en dat, gelet op de privaatrechtelijke rechtspersoon van een stichting, de Archiefwet voor hen niet van toepassing is. Juristen hebben zich moeten buigen op mijn aanvraag. Ik moest een onderzoeksopzet toe te sturen en dit zou voorgelegd worden aan een Commissie van Toezicht maar de kans was ‘zeer reëel’ dat het werd afgewezen. Hier nemen ze overigens een kwartaal de tijd voor. Het is nieuw voor mij dat een archiefbewaarder de wensen van een onderzoeker inhoudelijk beoordeelt. Dat is m.i. hun taak niet. Die hoort zich te beperken tot openbaarheidsbeperkingen. Ik heb deze houding voorgelegd aan andere stichtingen die zich bezighouden met oorlogs- of oorlogsgerelateerde archivering en ook zij vonden dit uitermate vreemd.</p>
<p>De publiekrechtelijke wet eist dat de overheid de openbaarheid van een archiefstuk niet langer mag beperken dan 75 jaar. De beperking aan de openbaarheid bestaat niet voor stichtingen, die is namelijk voor onbepaalde tijd. Die mogen met het archief doen wat ze willen en dit wordt, in mijn geval, netjes in één zin verpakt met terminologieën als privacyreglement, Commissie van Toezicht en jurist. In de praktijk betekent dit gewoonweg dat een burger afhankelijk is van hun arbitrale stemming <em>wie</em> iets mag zien en <em>wat</em> ze er mee mogen doen. Een beetje dunnetjes is het wel. In mijn ogen is een stichting een verkapte <em>publiekrechtelijke rechtspersoon</em> omdat hun bestaansrecht louter en alleen ontleent wordt aan overheidssubsidie (belastinggelden). Stichtingen, waaronder Stichting 1940-1945, die een publieke asset in eigendom hebben zoals een archief, worden middels een bypass in een <em>privaatrechtelijke hoek</em> gemanoeuvreerd om zodoende de openbaarheidbeperking, de Archiefwet, de WOB en diens toezichthouder de Wet Nationale ombudsman (WNo) te omzeilen. Een fossiel in de 21<sup>e</sup> eeuw. In mijn optiek dient een dergelijke stichting dit archief niet te beheren maar behoort het toe aan een <em>publiekrechtelijk orgaan</em>. Als over enkele jaren een nieuwe directeur van Stichting 1940-1945 tegen dezelfde huisjurist zegt dat hij niet zo moeilijk moet doen en dat personen het archief gewoon mogen inzien, dan kan het ineens wel. Dit is helemaal niet eenduidig en in deze bureaucratisch windhaan is dit archief dan ook totaal misplaatst.</p>
<p><strong>Hedendaagse vluchtelingen en asielzoekers</strong></p>
<p>Terug naar 2017. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) hebben een zware kluif om de verhalen van hedendaagse vluchtelingen te taxeren op waarheid of bedrog om zodoende ons land veilig te houden voor collaborateurs van extremistische regiems. Maar bij de toegelaten vluchtelingen zitten vast en zeker regiemcollaborateurs die heimelijk in stilte profiteren van onze sociale voorzieningen en middels mooie praatjes langs de mazen van het net hebben weten te glippen. Een Europese asielrichtlijn schrijft voor dat landen pas asiel aan vluchtelingen mogen weigeren als zij veroordeeld zijn voor een <em>ernstig misdrijf</em> of als ze een gevaar zijn <em>voor de veiligheid</em> van het land, maar vervolgens kunnen de asielzoekers vaak niet worden teruggestuurd. Volgens het mensenrechtenverdrag EVRM mag je een vluchteling niet terugsturen naar een land waar die zijn leven niet zeker is. Aangezien ze hun verblijfsrecht wel zijn verloren, belanden deze mensen vaak in de illegaliteit. “Door de grote toestroom in de Schengenzone is het internationaal niet mogelijk alle personen nauwkeurig te identificeren en te screenen”, aldus de NCTV in november 2015. De afdeling ‘speciale zaken’ van de IND heeft “een aantal mensen in onderzoek genomen”, aldus de dienst. <a target="_blank" href="https://www.nrc.nl/nieuws/2016/02/02/dit-zijn-de-feiten-over-asielzoekers-in-nederland-a1405200#vraag26" >https://www.nrc.nl/</a> Dit blijft een lastige kwestie omdat een volledig neutraal beeld van een naoorlogse reconstructies niet of nauwelijks te bepalen is. Ik hoef alleen maar het dossier Srebrenica te noemen. Al met al hoop ik dat de huidige organisaties niet in dezelfde valkuilen stappen als in deze zaak.</p>
<p>Ik kan me voorstellen dat migranten zich in Nederland erg thuis kunnen voelen. Ik kan me voorstellen dat Van de Ven zich vaak een vreemde in eigen land heeft gevoeld. Concluderend kunnen we stellen dat Van de Ven meerdere keren een oorlogsslachtoffer is geweest: gedurende de oorlog, gedurende zijn traumatische verwerking en gedurende de heksenjacht tijdens jaren 70. Dit verhaal verdient een beter lot.</p>
<div id="attachment_16976" style="width: 342px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2017/04/Artikel-BD.png" ><img class=" wp-image-16976" src="/wp-content/uploads/2017/04/Artikel-BD.png" alt="Klik op de afbeelding voor een vergroting" width="332" height="235" /></a><p class="wp-caption-text">Klik op de afbeelding voor een vergroting</p></div>
<p><strong>Rectificaties</strong></p>
<p>Niks in dit verhaal is verzonnen tenzij het duidelijk wordt vermeld en er is sec gebruik gemaakt van archief- en openbare bronnen. Rectificaties, mits aantoonbaar correct, zijn welkom en zullen een plaats krijgen op deze site.</p>
<p><strong>NIOD</strong></p>
<p>Dit werk is vooraf aan deze publicatie gelezen door het NIOD.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><strong>Openbaar</strong></p>
<p>In 2020 is deze case in de archieven ongecensureerd openbaar.</p>
<p><strong>Geraadpleegde bronnen:</strong></p>
<ul>
<li>AOK, Die Gesundheidskasse</li>
<li>Anne Frank Stichting</li>
<li>Belgische Nationale Vriendenkring van Flossenbürg</li>
<li>Bundesarchiv Berlin</li>
<li>DAK, Gesundheit</li>
<li>Gedenkstaette Flossenbuerg</li>
<li>Het Brabants Historisch Informatie Centrum</li>
<li>Institute für Zeitgeschichte</li>
<li>International Tracing Service (ITS)</li>
<li>Landesarchiv in Nordrhein-Westfalen</li>
<li>Ministerie van Defensie, afdeling Nederlands Instituut voor Militaire Historie</li>
<li>Nationaal Archief Den Haag</li>
<li>National Archives Washington D.C.</li>
<li>Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD)</li>
<li>Nederlandse Verenigung, Duisburg-Hamborn</li>
<li>Nemocnice Na Bulovce</li>
<li>Rode Kruis</li>
<li>Sächsisches Staatsarchiv</li>
<li>Sociale Verzekeringsbank Leiden, Afdeling Verzetsdeelnemers en Oorlogsgetroffenen</li>
<li>Stadtverwaltung Dresden</li>
<li>Stichting 1940-1945</li>
<li>Stichting Kamp Vught</li>
<li>Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (CEGESOMA)</li>
<li>Tengelmann Warenhandelsgesellschaft KG, Historisches Unternehmensarchiv</li>
<li>Terezín Memorial</li>
<li>The German Historical Institute London</li>
<li>United States Holocaust Memorial Museum (USHMM)</li>
<li>Yad Vashem Israel</li>
</ul>
<p><strong><a href="/wp-content/uploads/2015/04/Portret-2.jpg" ><img class="alignleft size-thumbnail wp-image-16053" src="/wp-content/uploads/2015/04/Portret-2-150x150.jpg" alt="Portret 2" width="150" height="150" /></a></strong></p>
<p><strong>AUTEUR</strong>: Drs. H.R.J. Sluijter<br />
<strong>URL</strong>: <a href="/" >www.NL-Aid.org</a><br />
<strong>E-MAIL</strong>: info [at] www.NL-Aid.org</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/cold-case-m-j-van-de-ven/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Imaginair: de westerse motieven voor ontwikkelingshulp zijn onberispelijk</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-westerse-motieven-voor-ontwikkelingshulp-zijn-onberispelijk/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-westerse-motieven-voor-ontwikkelingshulp-zijn-onberispelijk/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 09 Aug 2016 15:30:44 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Boek]]></category>
		<category><![CDATA[aannemelijkheid]]></category>
		<category><![CDATA[accusatoire]]></category>
		<category><![CDATA[antithese]]></category>
		<category><![CDATA[artificieel]]></category>
		<category><![CDATA[aselect]]></category>
		<category><![CDATA[audit]]></category>
		<category><![CDATA[belastinggeld]]></category>
		<category><![CDATA[bewijslast]]></category>
		<category><![CDATA[bewijsminimum]]></category>
		<category><![CDATA[bronamnesie]]></category>
		<category><![CDATA[change blindness]]></category>
		<category><![CDATA[Code van Bordeaux]]></category>
		<category><![CDATA[cognitieve dissonantie]]></category>
		<category><![CDATA[collaborative storytelling]]></category>
		<category><![CDATA[Deloitte]]></category>
		<category><![CDATA[drogredenen]]></category>
		<category><![CDATA[Dubelaar]]></category>
		<category><![CDATA[dwaling]]></category>
		<category><![CDATA[dwalingen]]></category>
		<category><![CDATA[falsificeren]]></category>
		<category><![CDATA[Festinger]]></category>
		<category><![CDATA[getuigenverslag]]></category>
		<category><![CDATA[hypothese]]></category>
		<category><![CDATA[immunisering]]></category>
		<category><![CDATA[immuun]]></category>
		<category><![CDATA[inattentional blindness]]></category>
		<category><![CDATA[inquisitoire]]></category>
		<category><![CDATA[IOB]]></category>
		<category><![CDATA[journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[jurisprudentie]]></category>
		<category><![CDATA[Kidsrights]]></category>
		<category><![CDATA[kinderarbeid]]></category>
		<category><![CDATA[Leon Festinger]]></category>
		<category><![CDATA[likelihood]]></category>
		<category><![CDATA[Lucia de Berk]]></category>
		<category><![CDATA[micamijnen]]></category>
		<category><![CDATA[NGO]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingsdenken]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingssamenwerking]]></category>
		<category><![CDATA[onwaar]]></category>
		<category><![CDATA[output]]></category>
		<category><![CDATA[Oxfam Novib]]></category>
		<category><![CDATA[perceptioneel]]></category>
		<category><![CDATA[professor Wagenaar]]></category>
		<category><![CDATA[rechtspraktijk]]></category>
		<category><![CDATA[Rode Kruis]]></category>
		<category><![CDATA[rorschachvlek]]></category>
		<category><![CDATA[Statistiek]]></category>
		<category><![CDATA[steekproef]]></category>
		<category><![CDATA[Terre des Hommes]]></category>
		<category><![CDATA[terugwingoedpraterij]]></category>
		<category><![CDATA[waarheidsvinding]]></category>
		<category><![CDATA[waarschijnlijkheden]]></category>
		<category><![CDATA[waarschijnlijkheid]]></category>
		<category><![CDATA[weerleggingspoging]]></category>
		<category><![CDATA[weerleggingspogingen]]></category>
		<category><![CDATA[Wiebe Bijker]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16867</guid>
		<description><![CDATA[‘I am convinced that the majority of people would be generous from selfish motives, if they had the opportunity.’ Charles Dudley Warner (1829 – 1900), My Summer in a Garden, p. 82 Op dit moment is ontwikkelingssamenwerking niets meer dan een rorschachvlek: eenieder ziet erin wat hij/zij erin wil zien. De waarheidsvinding kent helaas vele vormen [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong><img class="alignleft  wp-image-16868" src="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding.png" alt="Waarheidsvinding" width="366" height="244" />‘I am convinced that the majority of people would be generous from selfish motives, if they had the opportunity.’</strong><br />
<em>Charles Dudley Warner (1829 – 1900), My Summer in a Garden, p. 82</em></p>
<p>Op dit moment is ontwikkelingssamenwerking niets meer dan een rorschachvlek: eenieder ziet erin wat hij/zij erin wil zien. De waarheidsvinding kent helaas vele vormen van onzuiverheden. Deze onzuiverheden, ook wel <em>dwalingen</em> genoemd, zijn mede ontleend aan de Nederlandse rechtspraktijk, waarbij drogredenen vaak hebben geleid tot onschuldige detentie, zoals in de zaak van Lucia de Berk. Zij werd door de rechtbank, en door het gerechtshof in hoge beroep, op basis van indirecte statistische bewijslast onschuldig tot levenslang veroordeeld. Deze drogredenen uit de rechtspraktijk worden binnen ontwikkelingssamenwerking (nog) niet erkend. Ik kan u verzekeren dat indien u de waarheidsvinding van het Openbaar Ministerie in de zaak van Lucia de Berk bestudeert, u recht in de kern van het ontwikkelingsdenken kijkt.n de zaak van Lucia de Berk baar Ministerie bestudeert  Welke dwalingen zijn dit?</p>
<p>De eerste dwaling betreft de twee begrippen voor een perceptioneel fenomeen dat optreedt wanneer een visuele verandering wordt geïntroduceerd zonder dat de waarnemer dit opmerkt: <em>change blindness</em> en <em>inattentional blindness</em>. <em>Change blindness</em> is een verandering die plaatsvindt als we even niet gekeken hebben en die we daarna niet waarnemen. <em>Inattentional blindness</em> noem je het proces wanneer we zo geconcentreerd ergens mee bezig zijn dat we veranderingen niet waarnemen. De essentie van beide fenomenen is de onkunde om kleine periferische veranderingen in je omgeving of in processen waar te nemen. Het brein moet een brede rivier aan databestanden consumeren en paraat hebben staan en doet zijn best om te focussen en in te zoomen op wat belangrijk lijkt. De hersenen plaatsen, om overbelasting te voorkomen, sommige events in een spotlight, terwijl andere worden genegeerd. Wat je real time niet waarneemt, maar wel degelijk plaatsvindt, raakt verloren en derhalve kan een ontkenning hardnekkig zijn. Een voorbeeld van blindheid betreft opleiding. Wiebe Bijker heeft 8000 pagina’s nodig om een kwalitatief onderzoek te schrijven en kennelijk heeft hij als professor nimmer een kwantitatief onderzoek begeleid. Je krijgt dan onherstelbare beginnersfouten die zo onmogelijk worden uitvergroot dat een verkeerd nationaal bewustwordingsproces wordt ingezet. Als je in een ontwikkelingsland te maken hebt met zeer complexe werkzaamheden, wellicht doordrenkt van leed van lokale hulpbehoevende mensen, dan moet je van goeden huize komen om niet je grip op wetenschappelijke neutraliteit te verliezen. Wat er dan op kan treden is het onvermogen om cruciale, wellicht opzettelijke, wijzigingen in dit vaste patroon te herkennen, zelfs als het zich voor je ogen afspeelt. Mensen in het zuiden zijn er meester in om dit te bespelen, zoals de truc met de <em>Gang That Does Not Exist</em>.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>In de zaak van Lucia de Berk werd haar drugs- en prostitutieverleden, het bezit van trillerromans en tarotkaarten gebruikt om het gebrek aan hard bewijs te compenseren. Ontwikkelingssamenwerking zit vol met dergelijke terugwingoedpraterij, ik heb niks anders gezien.</strong></p>
</div>De tweede dwaling betreft <em>confirmation bias, </em>de neiging tot een vertekende bevestiging van een reeds bestaande hypothese over output of statistiek terwijl het zoeken naar bewijsvoering van een alternatieve hypothese onevenredig minder aandacht krijgt. Dit effect is sterker voor emotioneel beladen onderwerpen en diepgewortelde overtuigingen. Ontwikkelingssamenwerking leent zich hier prima voor. Mensen hebben de neiging om onduidelijke bewijzen als ondersteuning van hun bestaande overtuiging te zien. Het is een systematische denkfout van inductief redeneren. Een voorbeeld. Op 19 mei 2016 verklaart Terre des Hommes op Radio1 dat er 20.000 kinderen in micamijnen<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> werken. Westerse bedrijven waaronder HEMA, Ahold, AkzoNobel en Philips worden genoemd als afnemer van mica. In een mail vraag ik Terre des Hommes naar de waarheidsvinding over het aantal van 20.000 kinderen. Ik krijg meerdere argumenten waaronder: ‘Echter is sinds 2005 de geëxporteerde mica vanuit de regio met 75 procent toegenomen. Daarom schat Terre des Hommes het aantal kindarbeiders in de mica-industrie in de Indiase deelstaten Jharkhand en Bihar op 20.000.’ In mijn ogen kan de export van een product nimmer het aantal van 20.000 kinderen bevestigen. De mail van Terre des Hommes is te slordig naar mij gestuurd. In het onderwerp staat: ‘Graag check: antwoord kritische heer op micaonderzoek.’ Dit is hoe er naar je gekeken wordt als je vragen stelt over output. Bij <em>confirmation bias</em> heeft de verwachting vaak maar één (in)valide waarneming nodig om tot een conclusie te komen, terwijl je pas iets wetenschappelijk valide kunt noemen indien je bij gegevensontsluiting voor de triangulatiemethode<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a> kiest. Dit kunnen meerdere onderzoeksmethodes betreffen die een hypothese vanuit ten minste 3 hoeken bevestigen, maar je kunt ook kiezen voor de techniek <em>telling</em> door 3 personen die onafhankelijk van elkaar opereren. Daarbij hoort een kanttekening: om bij het begrijpen van complexe ontwikkelingsproblematieken niet te veel te vertrouwen op interviews en door derden vergaarde observaties en documentatie.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>‘Wij zijn niet geïnteresseerd in de output, als de boekhouding maar klopt’. Leuke inspectiedienst.</strong></p>
</div>De derde dwaling, <em>immunisering</em>, sluit hierbij aan. Passend bewijsmateriaal wordt makkelijker gevonden dan ontkennend materiaal. Er ontstaat een blokkade tegen negatieve uitkomsten. Wat er ook aan bewijsmateriaal wordt aangevoerd, het wordt altijd zo uitgelegd dat de hypothese over een bepaalde output of statistiek daar niet onder lijdt en er zelfs door wordt bevestigd. Een voorbeeld: <em>als een ngo spreekt over een bepaalde output, dan zal het wel waar zijn en als een criticaster zich uitspreekt over het tegendeel, dan zal hij wel een persoonlijke vete met die ngo hebben</em>. Vervolgens gaat men op zoek naar een bevestiging van de persoonlijke vete die deze criticaster met deze ngo heeft. Kortom, men wordt immuun voor mogelijke weerleggingspogingen. We hebben gezien dat dit de wetenschappelijke waarde van output juist ondermijnt. Ontwikkelingsdenkers zouden de wetenschappelijke wetten strakker dienen te beteugelen. Indien een hypothese is verworpen, kun je de alternatieve hypothese (de gestelde hypothese is <em>onwaar</em>) aanvaarden als <em>waar</em>. Bijvoorbeeld: ‘Indien je aselect 50 onafhankelijke verrassingsbezoeken aflegt, dus zonder de begeleiding van een plaatselijke ngo, en “slechts” 4 kinderen in de mijnen mica hebt zien delven, dan kun je vaststellen dat het aantal van 20.000 werkende kinderen niet waar is.’ Dergelijke uitkomsten leiden nimmer tot een publicatie. Wat ngo’s in het zuiden doen is westerlingen shockeren met getuigen of situaties waarin mensen verkeren en vervolgens worden waarschijnlijkheden over aantallen, output, trackrecord of andere vormen van statistiek domweg aanvaard. Er is dan sprake van een gebrek aan onderscheidings- en combinatievermogen, dat veelal vergoelijkt wordt door een soort van ‘jurisprudentie’: het geheel van eerdere analyses ten aanzien van output of een ngo. Ik denk dat dit ook de werkwijze is van mensenrechtenprijzen en loterijen. Daarnaast is een onderzoeker of journalist erbij gebaat om een zo neutraal mogelijke houding aan te nemen. Als afgezant van een westerse ngo met een spiegelreflexcamera in de hand die overal met zijn visitekaartjes strooit, doe je geen goede zaken. De lokale industrie waar kinderen werken waarschuwt elkaar en bijna de gehele gemeenschap gaat onherroepelijk over tot het spelen van een rol. Ik ben ooit onderdeel geweest van zo’n gemeenschap en ik keek mijn ogen uit. Als een blad aan een boom verandert echt iedereen in een dorp of stadswijk van persoonlijkheid en heeft pasklare getrainde antwoorden voorradig. Eerder heb ik de term <em>artificieel</em> hiervoor gebruikt. Als de rust is wedergekeerd, gaat iedereen die tijdens een ontmoeting met de westerling een rol heeft moeten spelen naar de plaatselijke industrie of ngo om zijn of haar handje op te houden. Dit sjabloon kun je op eenieder leggen. Als een onderzoeker die per abuis een bakker binnenloopt daar informatie opvist, dan kan hij/zij geneigd zijn te denken dat de situatie zo ongestuurd en toevallig is dat de informatie die daar opgelepeld is wel waar moet zijn. De aannemelijkheidshypothese. Maar als de onderzoeker weg is, houdt ook de bakker zijn hand op. Dat een westerling een bakker om informatie vraagt is voor de bakker een situatie die hij later om kan zetten in geld. Handel dus. Hij is dus blij dat de onderzoeker langskomt en zal hem/haar trakteren op een smeuïg verhaal. Want dat wil hij/zij toch horen? De bakker heeft geen interesse in de daadwerkelijke antwoorden op de vragen van de onderzoeker, gewoonweg omdat deze geen geld opbrengen. De undercovertruc van doen dat je mica-importeur bent, werkt beter. Je kunt dan prima binnen een aselecte steekproef kinderarbeid tellen. Ontkennend bewijsmateriaal (falsifiseren) is nu eenmaal lastiger te vinden dan passend bewijsmateriaal (hypothese formuleren) uc dat je importeer bent van mica werkt beter.gemeenschap gaat onherroepzaken. l van 20.000 werkende kinderen niet waar is.. Deze illustratie neemt overigens niet weg dat er wel degelijk, naar westerse maatstaven, deugdelijke bakkers in ontwikkelingslanden zijn. Gelukkig maar.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Negeren is geen vorm van weerleggingspoging.</strong></p>
</div>De vierde dwaling is de overtuiging dat iets waar is voordat je aan waarheidsvinding hebt gedaan. De praalwagen van het eigen gelijk tiert welig bij westerse actanten. Op basis van deze geloofsharding worden antitheses bestempeld als leugenachtig. Leon Festinger beschrijft in 1957 zijn theorie <em>cognitieve dissonantie</em>: onze hersens zijn voortdurend op zoek naar bevestiging van dat wat we geloven dat waar is.<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a> Om de gemoedrust te herstellen wordt tegenstrijdige informatie met een beredeneerd geweten naast ons neergelegd. Cognitieve dissonantie is niet alleen een drijvende kracht achter denkbeelden, maar leidt er ook toe dat mensen zich afsluiten voor weerleggingspogingen. Festinger deed onderzoek bij leden van een Amerikaanse sekte die ervan overtuigd waren dat ze zouden worden gered door een ufo van de verwoesting van de aarde door de mens. Toen de ufo niet op kwam dagen, moest de sekte dit gemis compenseren en dat deed men met het verhaal dat de ufo niet hoefde te komen om ze te redden omdat de sekte de verwoesting van de aarde door de mens had voorkomen. Rechtspsycholoog professor Wagenaar gebruikt hier het begrip <em>collaborative storytelling</em> voor.<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a> In de zaak van Lucia de Berk werden haar drugs- en prostitutieverleden en het bezit van thrillerromans en tarotkaarten gebruikt om het gebrek aan hard bewijs te compenseren. Ontwikkelingssamenwerking zit vol met dergelijke terugwingoedpraterij, ik heb niks anders gezien. Er treedt ook verwarring op met betrekking tot het onderscheiden van een eigen ervaring en andermans verklaringen. Dit wordt <em>bronamnesie</em> genoemd. In de jaren 90 hield ik mij voornamelijk bezig met kinderarbeid, maar de verzonnen output van ngo’s interesseerde zelfs Oxfam Novib niet. ‘Wij zijn niet geïnteresseerd in de output, als de boekhouding maar klopt’, krijg ik te horen. Dit was 1998. In 2009 bespreek ik het probleem van 1998 op het kantoor van Oxfam Novib met het IOB als observant. Wanneer ik met deze IOB-dame naar buiten loop, vraag ik wat ze eraan gaat doen, maar ze is vrij duidelijk (en consistent kan ik wel zeggen): ‘Wij zijn niet geïnteresseerd in de output, als de boekhouding maar klopt.’ Leuke inspectiedienst. In 1998 ben ik er getuige van dat aantallen bevrijde kinderen worden verzonnen. Tevens worden kinderarbeid en bevrijdingen voor de ogen van westerse camera’s in scène gezet. Westerse geldgevende organisaties zijn hardnekkiger in het volgen van de verzonnen output dan in het luisteren naar een getuige die een comfortabel beeld onderuithaalt. In 1998 worden mijn kritieken door Oxfam Novib onderzocht door een Indiase professor wiens naam ik zuiver wil houden. Het duurde tien jaar voordat ik een glimp van zijn verslag mocht inzien. De assistenten van deze professor in dit onderzoek blijken werknemers te zijn van de organisatie waar ik kritiek op heb. De genoemde getallen met betrekking tot bevrijde kinderen (die in mijn ogen verzonnen zijn) worden totaal niet bewezen. Er is nog niet eens een poging. Intussen heb ik contact met deze professor gehad, die door Oxfam Novib door zijn ouderdom als overleden werd beschouwd. De professor schrijft mij op 23 april 2009: ‘I was not required to make visits all over India to make spot checks. Nobody started with the assumption that child labourers were not being rescued and it was all a fake show, as it appeared to you.’ Kortom, hij mocht alles onderzoeken, behalve waar mijn kritiek juist op gebaseerd was. Oxfam Novib stelde in 1998 in alle dagbladen het tegenovergestelde, door stellig te beweren dat ze precies willen weten hoeveel kinderen er bevrijd zijn. De directie van 2009 dicteert mij dat ngo’s helemaal niet zelf mogen bevrijden, maar alleen tips kunnen geven aan de daarvoor bevoegde instanties en het is aan die instanties om besluiten te nemen tot maatregelen. Volgt u het nog? In 1954 is de <em>Code van Bordeaux</em> opgesteld, waar iedere journalist zich aan dient te houden. Het eerste artikel luidt: ‘Eerbied voor waarheid en voor het recht van het publiek op waarheid is de eerste plicht van de journalist.’ Omdat journalistiek een vrij beroep is (westerse ngo’s zien zichzelf maar al te graag als hun eigen persbureau), is in 1995 tevens de <em>Code voor de Journalistiek</em> opgesteld. In de alinea <em>Waarheidsvinding</em> staat: ‘De journalist controleert de feiten in zijn berichtgeving en maakt die feiten waar mogelijk controleerbaar.’ Een feit controleerbaar maken zie ik een journalist (en al helemaal een westerse ngo) zelden doen, omdat journalisten niet getraind zijn om een hypothese op waarheidsvinding te testen. Een journalist neemt statistiek van een westerse ngo of een ngo in het zuiden te snel over als waarheid zodat hij z’n verhaal maar hebben. Getuigen zijn van tevoren suggestief bewerkt door westerse ngo’s. Wanneer een journalist in een vluchtelingenkamp in Afrika wordt ontvangen door bijvoorbeeld het Rode Kruis, dan wordt de betreffende journalist gekoppeld aan vluchtelingen die al hun verhaal hebben gedaan aan het Rode Kruis. Deze getuigen zijn voorgebakken en hebben een verhaal dat suggestief, gekleurd en geredigeerd is. De vluchteling weet, zeker na meerdere interviews, (on)bewust precies wat de westerling wil horen. Een journalist ziet dit getuigenverslag als waarheidsvinding. De verkapte persbureaus van voornamelijk grote westerse ngo’s, die niet getraind zijn op waarheidsvinding, ondervragingstechnieken en het archiveren daarvan, vormen een groot struikelblok voor de juistheid van beeldvorming. Zij gebruiken journalisten als een verlengstuk. Dit wordt verder vertroebeld door het niet openstaan voor reflectie en spiegelen. Er is een desinteresse in vragen die ingaan op een eenmaal bevestigde hypothese ten aanzien van output. Bij al mijn vragen over output straalt bij overheden en ngo’s het ‘geen zin’-humeur of ‘moet dat nou’-humeur af. Medewerkers van westerse actanten kunnen heilig in hun eigen ontkenning geloven. De stelling komt overeen met een passage van Wouter Hart: ‘het is niet meer jouw inzicht dat bepaalt wat er gebeurt – jij bent slechts een uitvoerder van de intelligente oplossing die in regels vastgelegd is’.<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[5]</a> Hart schrijft dat mensen de bedoeling van hun keuzes verliezen door het systeemdenken te prevaleren. In onze hersenen, zo stelt hij, zijn allerlei verbindingen tussen de verschillende hersendelen. Indien de informatie van het systeemdenken een positief effect heeft, gebruiken mensen deze verbinding de volgende keer weer. Dit is tevens een bekende redenering bij de ontwikkeling van het zogenaamde puberbrein. De verbindingen die niet gebruikt worden of niet meer nodig zijn worden dunner. Als kenmerkend voorbeeld gebruikt auteur Hart een wedstrijd schaatsen op de 1000 meter. De scheidsrechter verklaart met de finishfoto in zijn hand dat de schaatser die het laatst over de streep komt heeft gewonnen. Hij verzint allerlei argumenten om de werkelijkheid op de foto te ontkennen. Hart: ‘Welke logica heeft daar aan de vergadertafel de werkelijkheid van de foto kunnen overrulen?’ Indien je net als de finishfoto hard bewijs op tafel legt dat iets fake is, dan nog geloven medewerkers bij voorkeur de tegenovergestelde weg. In 2009 schrijf ik een artikel met de titel ‘PR-shoppen met KidsRights’. Ik heb de directie van KidsRights in een lang gesprek panklare bewijsvoering gegeven die het tegendeel aantoonde van output die ze ondersteunden. De directie was urenlang open, vriendelijk en nieuwsgierig. Klaarblijkelijk was de mediamachine belangrijker dan mijn vervelende ‘finishfoto’, want in de weken erna heb ik per mail meerdere keren gevraagd wat ze nu gingen doen, maar ik heb nimmer een antwoord ontvangen. Zelfs geen schrijven in de richting van: we hebben alles intern onderzocht en uw kritiekpunten de aandacht gegeven zodat het in de toekomst niet meer voor zal komen. Nee, gewoon geen antwoord. De mediamachine ten aanzien van de betreffende output is nog jaren doorgegaan. Tot op de dag van vandaag wacht ik op één tegenbewijs om mijn verhaal te falsificeren, zoals dit binnen de wetenschap hoort. Negeren is geen vorm van een weerleggingspoging.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Een van de meest gemaakte fout die gemaakt wordt is dat mensen die werken binnen ontwikkelingssamenwerking weliswaar meerdere hypothese naast elkaar leggen maar dat ze de minst waarschijnlijke wegstrepen en de meest waarschijnlijke aannemen.</strong></p>
</div>Een vijfde dwaling is dat redeneringen van waarschijnlijkheid veelal inductieve redeneringen zijn. Zoals ik eerder uiteen heb gezet, betekent <em>inductief</em> dat je met waarnemingen uit het verleden generaliseert naar de toekomst. Een van de meest gemaakte fouten is dat mensen die werken binnen ontwikkelingssamenwerking weliswaar meerdere hypotheses naast elkaar leggen, maar dat ze de minst waarschijnlijke wegstrepen en de meest waarschijnlijke aannemen. Dit is vreemd, want wellicht hebben de minst waarschijnlijke aannames een waarschijnlijkheidskans van 1 op 1000 en de meest waarschijnlijke aannames nog steeds een waarschijnlijkheidskans van 1 op 10. Het gegeven dat de aanname van een bepaalde hypothese waarschijnlijk is zegt helemaal niets over de waarschijnlijkheid van die hypothese zelf. Voeg daaraan toe dat mensen die werken binnen ontwikkelingssamenwerking voornamelijk een menukaart aan hypothesen onderzoeken die op voorhand de waarschijnlijkheid van bepaalde output bevestigen. Dus de antithese die de waarschijnlijkheid van bepaalde output onderuit halen zal dan niet snel worden aangenomen.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Waarheidsvinding vindt dan plaats op basis van kwantiteit: ‘indien maar genoeg ambtenaren de output waarmerken, dan zal (of moet) de output wel waar zijn’. Echter, we moeten goed voor ogen houden dat kwantitatieve </strong><em><strong>aannemelijkheid</strong></em><strong> (binnen de statistiek ook wel </strong><em><strong>likelihood</strong></em><strong> genoemd) niks zegt over de waarschijnlijkheid van een hypothese (lees: output/statistiek).</strong></p>
</div>Een zesde hardnekkige dwaling binnen het ontwikkelingsdenken is dat er niet uitgegaan wordt om vast te stellen wat er nu ‘echt’ gebeurd is. Westerse actanten schrijven niet over iets dat niet waar is. Ze werken voornamelijk samen met ngo´s in het zuiden, waarmee ze een zekerheid inkopen. Vervolgens worden ze, wetenschappelijk gezien, slordig. Het gevolg van een onzuiver beeld is dat de burgers een wetenschappelijke waarschijnlijkheid ten onrechte voor een deugdelijke waarheid gaat aanzien. Dit is het nadeel van bewijs dat gestoeld is op louter emotionele perceptie en papieren tijgers die door ambtenaren en ngo’s worden gewaarmerkt. Waarheidsvinding vindt dan plaats op basis van kwantiteit: indien maar genoeg ambtenaren de output waarmerken, dan zal (of moet) de output wel waar zijn. Echter, we moeten goed voor ogen houden dat kwantitatieve <em>aannemelijkheid</em> (binnen de statistiek ook wel <em>likelihood</em> genoemd) niks zegt over de waarschijnlijkheid van een hypothese (lees: output/statistiek).</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Een betrouwbare getuige dient volledige onafhankelijk te zijn. Dat is meteen al een probleem. Er is een groot verschil tussen de geloofwaardigheid van de getuige als persoon aan één kant en een afgelegde verklaring van die getuige aan de andere kant. Dit verschil kent ontwikkelingssamenwerking niet.</strong></p>
</div>Een zevende dwaling is dat de waarheidsvinding vertroebeld wordt door het ideaal. De goede bedoeling en de slachtoffers staan zo centraal dat de algehele waarheid niet zo nauw komt. Deze vorm van ruis is flink besprenkeld door de goedgelovigheid van westerse onderzoekers. Wat je krijgt is dat zij te makkelijk bevestigen wat men wil bevestigen. En indien het pad van een bepaalde hypothese niet toereikend is, dan verzint men een andere hypothese die het gewenste wel bevestigt. Dit betreft <em>accusatoire</em> waarheidsvinding. Actanten bepalen de bewijsvoering. Dit bergt het gevaar in zich dat er een selectief en gekleurd beeld voorgeschoteld wordt. Wat not done is binnen het ontwikkelingsdenken is <em>inquisitoire</em> waarheidsvinding, waarbij een overheid gaat onderzoeken wat wel of niet waar is. Helaas spelen overheden als actant mee als een van de jaknikkers, niet als waarheidsvinders. Terug naar Terre des Hommes en hun bewering dat 20.000 kinderen in India werken in micamijnen. In juni 2016 heb ik over dit aantal met hen regelmatig e-mailverkeer. Ze schrijven mij dat een lokale ngo momenteel aan het tellen is. Dus ik schrijf dat ze overal in de media al pretenderen dat er ten minste 20.000 kinderen zijn, dat deze in mijn ogen al geteld of wetenschappelijk geschat moeten zijn en dat ik geen vragen heb over een toekomstige vastlegging maar over die uit het verleden. Ze verwijzen mij naar een rapport ´Beauty and a beast, Child labour in mica mining in India for sparkling cars and cosmetics´ van maart 2016. Daarin staat alleen dat diezelfde lokale organisatie geteld en geschat heeft. Ik vraag Terre des Hommes nogmaals hoe er geschat is en ik wijs hen op de wetenschappelijke wetten van betrouwbaarheid bij schattingen. Vervolgens schrijft de contactpersoon mij de onwaarschijnlijke zin: ‘Momenteel heb ik niet direct paraat hoe destijds schattingen zijn gedaan’, en vervolgens word ik doorverwezen naar andere actanten. Dit geloof je toch niet? Op zo’n moment ga ik zelf maar redeneren. Deze keer draai ik de zaak om. Indien er 20.000 kinderen in de micamijnen werken, hoe waarschijnlijk is het dan dat westerse onderzoekers toegang hebben tot een representatieve steekproef? Volgens mij zeer waarschijnlijk, want het betreft een fors aantal. Indien Terre des Hommes dit aantal niet kan aantonen, dan is de waarschijnlijkheid van deze hypothese van 20.000 werkende kinderen dus niet aannemelijk. Dit betreft een typisch voorbeeld van <em>accusatoire</em> waarheidsvinding, bij een gebrek aan <em>inquisitoire</em> waarheidsvinding. Naar aanleiding van het genoemde rapport zijn Nederlandse multinationals door Terre des Hommes aan de schandpaal genageld. Het is sowieso opvallend dat de kern van ontwikkelingsdenken, te weten het feitelijke getuigenonderzoek, nooit beschreven staat in onderzoeksrapporten.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Hoeveel getuigen heb je in de huidige situatie nodig om de waarschijnlijkheid van </strong><em><strong>een ongelijk</strong></em><strong> kleiner te doen lijken dan de waarschijnlijkheid van </strong><em><strong>een gelijk</strong></em><strong>? Dit heet met een term het </strong><em><strong>bewijsminimum</strong></em><strong>.</strong></p>
</div>Ten slotte noem ik de meest onderschatte vorm van dwaling en dat is dat getuigenverslagen binnen ontwikkelingssamenwerking juridisch gezien problematisch zijn. Een betrouwbare getuige dient volledig onafhankelijk te zijn. Dat is meteen al een probleem. In de juridische wereld kan een getuige geloofwaardig zijn maar zijn of haar getuigenverklaring niet omdat ze rekening houden met onkunde of ruis. Bij een betrouwbare getuige dient de verklaring losgekoppeld te worden van enige vorm van voordeel dat de getuige haalt uit een positieve verklaring. Dit verschil kent ontwikkelingssamenwerking niet. Bij de meeste misdrijven heb je te maken met toevallige getuigen. Dit is meteen al aselect. Binnen ontwikkelingssamenwerking is een westers getuigenverslag een geplande situatie, of dat nou een audit-, journalistiek of relatiebezoek is. Dit verschil dient al gecompenseerd te worden. Westerlingen hebben baat bij een goed verhaal of een samenwerking. Ze zijn vatbaar voor een bepaalde richting. Voor een onafhankelijk getuigenverslag dient een westerling vooraf en tijdens een bezoek aan het zuiden op geen enkele manier te communiceren met plaatselijke ngo’s die afhankelijke relaties hebben met een gewenste output. Dit is funest voor een neutrale observatie. Het bezoeken van projectoutput die geleid wordt door een plaatselijke ngo heeft eigenlijk geen waarde. Als een plaatselijke ngo je meeneemt naar projectoutput x of slachtoffer y, ben je toch meer een onderdeel van een theatervoorstelling. Voor een totale onafhankelijkheid is het zelfs beter dat de plaatselijke ngo, waarmee je eventueel een relatie hebt, niet eens weet dat je aselect verrassingsbezoeken aflegt. Het is handig om je eigen vertaler mee te nemen. Soms staan deze ter plaatse al klaar en dan weet je al voldoende. Daarnaast dient een getuige integer en belangeloos te zijn. De belangen van westerse en lokale ngo’s zijn vooraf al eenduidig. De een wil geld uitgeven en de ander wil geld ontvangen. Voor deze relatie hebben ze een verhaal nodig dat goed verkoopt. Zogenaamde onafhankelijke onderzoekinstanties zoals Deloitte zijn commerciële organisaties en hebben niet, zoals een universiteit, een commerciële neutraliteit. Deloitte leeft van uurtje-factuurtje en wil graag ook een volgende keer de opdracht binnenhengelen. Ze voeren een opdracht met name goed uit in de ogen van hun westerse opdrachtgever, niet in de ogen van de zogenaamde neutrale toeschouwers. Dit blijft een vorm van <em>accusatoire</em> waarheidsvinding en hier wordt <em>inquisitoire</em> waarheidsvinding, wat een commerciële organisatie ook nimmer kan bieden, dan ook node gemist. Ten slotte stijgt de betrouwbaarheid met het aantal getuigen, met name indien deze geen relatie met elkaar hebben. Helaas lijkt dit binnen ontwikkelingssamenwerking een onoverbrugbaar probleem. Dit kan alleen indien westerse overheden inquisitoir zijn en meerdere landen toevallig dezelfde aselecte steekproef uitvoeren. Dan zou dit elkaar verstevigen. Irreëel. Een vraag. Hoeveel getuigen heb je nodig om de waarschijnlijkheid van <em>een ongelijk</em> kleiner te doen lijken dan de waarschijnlijkheid van <em>een gelijk</em>? Dit heet met een term het <em>bewijsminimum</em>. Volgens mij is het antwoord schrikbarend hoog. Dit leg ik uit. Mr. M.J. Dubelaar zet vraagtekens bij het significante nut van misdrijfgetuigen: ‘Amerikaans onderzoek naar afgesloten strafzaken met behulp van moderne DNA-technieken (het <em>Innocence project</em>)<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[6]</a> laat zien dat in 75% van de geconstateerde gerechtelijke dwalingen foutief ooggetuigenbewijs een rol heeft gespeeld.’<a href="#_ftn6" name="_ftnref6">[7]</a> Deze uitspraak gaat over getuigen die toevallige passanten zijn, volledig onafhankelijk en volkomen belangeloos. Wat zegt deze uitspraak over getuigen binnen ontwikkelingssamenwerking die niet volledig onafhankelijk en belangeloos zijn? En hoeveel van dergelijke getuigen heb je dan dus nodig om de waarschijnlijkheid van bepaalde output te legitimeren? Kortom: wat is het bewijsminimum?</p>
<p>Er zijn nog vele vormen van dwalingen, maar het is niet mijn bedoeling om een bijsluiter van alle mogelijkheden uiteen te zetten. De juridische dwalingen die binnen het ontwikkelingsdenken voor mij herkenbaar waren heb ik een platform willen geven.</p>
<p>Op de website van <em>rechtspraak in opspraak</em><a href="#_ftn7" name="_ftnref7">[8]</a> valt het volgende te lezen: ‘Bij een onderzoek naar 32 <em>aselect</em> gekozen verkrachtingszaken bleek dat 4 van de 32 verdachten onterecht waren veroordeeld. Dat is meer dan 10%.’ In het hoofdstuk <em>Imaginair: onderzoekers gaan discreet met ons belastinggeld om</em> beargumenteer ik dat Nederland tussen de jaren 2000 en 2050 € 450,4 miljard aan ontwikkelingssamenwerking uit zal geven. Als 10% van ontwikkelingssamenwerking naar verhulde projecten zou gaan, dan betekent dit dat Nederland € 45 miljard heeft verkwanseld. Echter, in de rechtspraak staat waarheidsvinding voortdurend centraal. Het is aannemelijker dat dit percentage van 10 hoger moet zijn, omdat ontwikkelingsdenkers niet aan waarheidsvinding of geheugentheorie doen. Omdat ik gedurende het schrijven van dit boek nergens bewijslast heb mogen ontvangen, schrik ik nu al van de waarschijnlijke <em>potentie</em> van dit percentage. Dat is wat dit boek in ieder geval hard heeft gemaakt: deze potentie.</p>
<p>Hoe je het ook wendt of keert, het imago van een rorschachvlek is niet de status die deze nobele sector verdient. Helaas ben ik binnen de sector ontwikkelingssamenwerking nooit een persoon tegengekomen met een neutrale wetenschappelijke blik. De sector is mega-indoctrinerend en maar weinigen zijn hiertegen bestand, zelf niet als je de titel <em>professor</em> voor je naam hebt staan.</p>
<p><strong><span style="color: #000000;"><em>Resumerend</em></span></strong></p>
<ul>
<li><strong><span style="color: #000000;">bij waarheidsvinding zegt een aannemelijkheid niks over de waarschijnlijkheid van output</span></strong></li>
</ul>
<p><strong><span style="color: #ff0000;">Dit artikel is onderdeel van het boek</span> <a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" title="Waarheidsvinding en ontwikkelingssamenwerking"  target="_blank">Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a>. </strong></p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> Mica is een doorzichtig mineraal dat bestand is tegen een hoge temperatuur tot 1250 °C.</p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> Bevestiging door ten minste 3 onafhankelijke harde waarnemingen.</p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> Leon Festinger, <em>A Theory of Cognitive Dissonance</em>, 1957.</p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> Professor dr. W.A. Wagenaar, <em>Vincent plast op de grond: Nachtmerries in het Nederlands recht</em>, 2006.</p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[5]</a> Wouter Hart, <em>Verdraaide organisaties: terug naar de bedoeling,</em> p. 59</p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[6]</a> http://www.innocenceproject.org.</p>
<p><a href="#_ftnref6" name="_ftn6">[7]</a> M.J. Dubelaar, <em>Betrouwbaar getuigenbewijs: totstandkoming en waardering van strafrechtelijke getuigenverklaringen in perspectief</em>, Universiteit Leiden, p. 2.</p>
<p><a href="#_ftnref7" name="_ftn7">[8]</a> http://rechtspraakinopspraak.nl/430/Cijfers.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-westerse-motieven-voor-ontwikkelingshulp-zijn-onberispelijk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Imaginair: de status van ontw.samenw. is eenduidig</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-status-van-ontwikkelingssamenwerking-is-eenduidig/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-status-van-ontwikkelingssamenwerking-is-eenduidig/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 09 Aug 2016 14:54:58 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Boek]]></category>
		<category><![CDATA[absolute]]></category>
		<category><![CDATA[Afrika]]></category>
		<category><![CDATA[armoede]]></category>
		<category><![CDATA[causaal verband]]></category>
		<category><![CDATA[causaliteit]]></category>
		<category><![CDATA[China]]></category>
		<category><![CDATA[dwalingen]]></category>
		<category><![CDATA[Farah Karimi]]></category>
		<category><![CDATA[feitelijkheid]]></category>
		<category><![CDATA[GDP]]></category>
		<category><![CDATA[India]]></category>
		<category><![CDATA[Karimi]]></category>
		<category><![CDATA[Karimiredenatie]]></category>
		<category><![CDATA[Latijns-Amerika]]></category>
		<category><![CDATA[Niet Doorschuiven maar Aanpakken]]></category>
		<category><![CDATA[objectief]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingslanden]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingssamenwerking]]></category>
		<category><![CDATA[orderpicking]]></category>
		<category><![CDATA[Oxfam Novib]]></category>
		<category><![CDATA[percentage]]></category>
		<category><![CDATA[schuldaflossingen]]></category>
		<category><![CDATA[Sub-Sahara Afrika]]></category>
		<category><![CDATA[The Guardian]]></category>
		<category><![CDATA[The Wall Street Journal]]></category>
		<category><![CDATA[verdwenen]]></category>
		<category><![CDATA[VVD]]></category>
		<category><![CDATA[waarheid]]></category>
		<category><![CDATA[World Bank]]></category>
		<category><![CDATA[WRR]]></category>
		<category><![CDATA[Zuid-Azië]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16862</guid>
		<description><![CDATA[‘Truth never damages a cause that is just’ Mohandas Karamchand Gandhi, Nonviolence in Peace and War Op 24 augustus 2012 ageert Farah Karimi op de website van Oxfam Novib tegen het ontwerpprogramma van de VVD om voor €3 miljard te bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking. Haar reactie heeft ze naar de VVD-fractie gestuurd, het bestuur en alle [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong><a href="/wp-content/uploads/2016/08/Karimi.png" ><img class="alignleft size-full wp-image-16863" src="/wp-content/uploads/2016/08/Karimi.png" alt="Karimi" width="320" height="212" /></a>‘Truth never damages a cause that is just’<br />
</strong><em>Mohandas Karamchand Gandhi, Nonviolence in Peace and War</em></p>
<p>Op 24 augustus 2012 ageert Farah Karimi op de website van Oxfam Novib tegen het ontwerpprogramma van de VVD om voor €3 miljard te bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking. Haar reactie heeft ze naar de VVD-fractie gestuurd, het bestuur en alle afdelingen van de VVD in het land. Karimi: ‘De kritiek van de VVD op ontwikkelingssamenwerking is onzin. De aantijgingen stroken niet met de realiteit. Zo zou ontwikkelingssamenwerking geen bijdrage leveren aan de economische, sociale of humanitaire situatie in ontwikkelingslanden. Dit is aantoonbaar onjuist.’<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> Haar motieven zet ze uiteen in het document ‘Niet Doorschuiven maar Aanpakken: VVD-argumentatie over ontwikkelingssamenwerking weerlegd’.</p>
<p>Ik citeer: ‘De veronderstelling dat een groot deel van ontwikkelingshulp terechtkomt bij corrupte regeringen, is onjuist. (…) Ook het argument van hulpverslaving wordt onterecht aangewend: Afrikaanse landen hebben bijvoorbeeld de afgelopen jaren hun belastinginkomsten verdubbeld. (…) Wie zegt dat ontwikkelingshulp geen resultaten heeft bereikt, is slecht geïnformeerd. Bijvoorbeeld, in vergelijking met 1990 is het percentage van mensen dat in ontwikkelingslanden in extreme armoede leeft gehalveerd van 52% naar 22%, ondanks het feit dat de wereldbevolking in die periode snel is gegroeid van 5,264 miljard naar 7 miljard in 2011.’ Ze staaft dit met internationale erkende bronnen, waaronder de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Uit het WRR-rapport ‘Minder pretentie, meer ambitie, ontwikkelingshulp die verschil maakt’ citeert Karimi een zin van pagina 28: ‘De belastingopbrengsten in Afrika zijn de laatste zes jaar in absolute getallen verdubbeld, en in 2008 waren de belastingopbrengsten in Afrika voor het eerst in de geschiedenis hoger dan de omvang van de officiële hulp, een teken dat dit deel van de wereld voorzichtig bezig is om voor zichzelf te kunnen zorgen.’</p>
<p>Indien Karimi gelijk heeft, hoe is dan de verdeling van welvaart? Volgens The Guardian is in 2015 het aantal dollarmiljonairs in Afrika sinds 2000 verdubbeld naar 160.000, goed voor US$ 660 miljard. Het aantal mensen dat in Afrika moet leven van US$ 1,25 of minder per dag is toegenomen van 411,3 miljoen in 2010 naar 415,8 miljoen in 2011. In 2024 wordt een toename van het aantal miljonairs in Afrika verwacht van 45%, zo’n 234.000 mensen.<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a> Dit bewijst het tegenovergestelde van wat Karimi beweert, want er gaat meer geld naar de rijken en minder naar de armen. De hulpafhankelijkheid is alleen maar groter geworden. Nog een understatement, deze keer ten aanzien van het aantal mensen dat moet leven van maximaal US$ 1,25 per dag. Karimi kijkt naar de jaartallen van de World Bank die haar het meest begunstigen, namelijk 1981 en 2008. The Guardian (toch een stuk onpartijdiger) vergelijkt de jaren 2010 met 2011 en komt uit op een andere waarheid. Dit bewijst dat je naar je eigen voordeel kunnen ‘shoppen’ in de wirwar van data, rapporten en onderzoeken. Dat doe ik en dat doet Karimi ook. Klaarblijkelijk is er geen neutrale waarheid en dat toont aan dat ontwikkelingssamenwerking niet eenduidig</p>
<p>Nog een bevestiging. 21 maart 2009, The Wall Street Journal. De krant beschrijft met ‘Why Foreign Aid Is Hurting Africa’ de littekens van Afrika. De laatste 60 jaar heeft Afrika US$ 1 biljoen aan hulp ontvangen, terwijl de Per Capita Income lager is dan voor 1970 en meer dan 50%, circa 350 miljoen mensen, leeft van minder dan een US-dollar per dag. Laatstgenoemde statistiek is in twee decennnia verdubbeld. De hulp blijkt tevens niet gratis, want het continent betaalt jaarlijks US$ 20 miljard aan schuldaflossingen. Afrika blijft het meest instabiele continent ter wereld, geteisterd door burgeroorlog en oorlog. Sinds 1996 zijn 11 landen verwikkeld in burgeroorlogen. Volgens het Stockholm International Peace Research Institute had Afrika in de jaren 90 meer oorlogen dan de rest van de wereld bij elkaar. Overigens schrijft de krant dit voornamelijk toe aan ontwikkelingshulp.<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a></p>
<p>Als derde valt op dat het westen vergeleken met Afrika rijker wordt, zodat het verschil groter wordt. Ik vergelijk het GDP per capita tussen 1970 en 2010. De 30 westerse Europese landen scoorden in 1970 GK$ 10.108<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a> en in 2010 GK 20.889. Afrika scoorde in 1970 GK$ 1335 en in 2010 GK$ 2034. Het verschil in 1970 betreft GK$ 8773 en in 2010 GK$ 18.855. Een toename van de welvaartsverdeling van 215%.<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[5]</a> Dit is heel andere</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Volgens de Karimiredenatie mag ik deze uitkomst verbinden aan ontwikkelingshulp. Zij zou dan concluderen dat het overgrote gedeelte van de circa €100 miljard die wereldwijd jaarlijks tussen 1981 en 2010 voor ontwikkelingssamenwerking voor deze gebieden wordt begroot (totaal circa €2 biljoen), voor een </strong><em><strong>afname</strong></em><strong> in de armoede heeft gezorgd van 6 miljoen mensen.</strong></p>
</div>In het vorige hoofdstuk beschrijf ik een aantal dwalingen. Ook binnen de statistiek zijn er dwalingen. Ik heb al beschreven dat politici en onderzoekers een getal of cijfer te snel als een bewijs aanvaarden, terwijl het dikwijls een bewering betreft, omdat de oorsprong van het getal veelal niet bestaat of verdwenen is. Maar de meest cruciale dwaling is dat men een statistische correlatie als een causaal verband ziet. Toevalligheden hebben niet direct een relatie met elkaar. De afname van armoede terwijl de wereldbevolking is gestegen (aldus Karimi) zegt helemaal niks over een correlatie met ontwikkelingshulp. Dit betreft een redenatiefout. Op internet zijn veel drogcausaliteiten te vinden bij significante correlaties. Hilarisch. Ik noem er drie. Er is een correlatie tussen de echtscheidingen in de Amerikaanse staat Maine en de consumptie van margarine per hoofd van de bevolking (i), de leeftijd van Miss America en moorden door middel van hete objecten (ii) en de verdrinkingen van mensen die uit een vissersboot vallen en het huwelijkscijfer in Kentucky (iii). Om meer balans in het geheel te krijgen illustreer ik een dwaling die lastiger te ontrafelen is. De hypothese betreft: indien de kinderen in het voortgezet onderwijs ontbijten, dan leidt dit tot betere cognitieve prestaties. Logisch toch? De stofwisseling komt op gang en dat zorgt voor een gezond lichaam en een gezonde geest. Je bent beter in staat om te leren. Is dat zo? Het kan best zijn dat de <em>ouders van kinderen die ontbijten</em> meer geld hebben en beter opgeleid zijn, waardoor in de thuissituatie meer nadruk op school gelegd wordt vergeleken bij <em>ouders van kinderen die niet ontbijten</em>. Indien de kinderen die niet ontbijten vaker te laat op school komen, dan kan dit een causale conclusie tussen <em>niet ontbijten</em> en <em>slecht presteren</em> verstevigen. Echter, kinderen die ontbijten zijn eerder wakker en komen daardoor minder vaak te laat. Dit leidt weer tot betere resultaten en gemotiveerdere leerlingen. Binnen de sociale wetenschap is er vaak niet één factor die leidt tot een causaliteit, maar een bundel van factoren die vaak niet makkelijk bloot te leggen en aan te wijzen zijn. Je moet ze stuk voor stuk volledig objectief bewijzen. Intuïtie kan mensen daarbij op een dwaalspoor zetten. In het geval van Karimi kan ik derhalve concluderen dat ze maar wat doet. In het document ‘Niet Doorschuiven maar Aanpakken: VVD-argumentatie over ontwikkelingssamenwerking weerlegd’ zegt Karimi: ‘Wie zegt dat ontwikkelingshulp geen resultaten heeft bereikt, is slecht geïnformeerd.’ Hiermee probeert ze te voorkomen dat er afwijkende waarheden zijn. Ze verandert een <em>aangenomen causaliteit</em> in een <em>feitelijkheid</em>. Als u en ik dit niet aanvaarden, dan zijn wij dom.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Het ‘shoppen’ in het mondiale statistiekaanbod blijkt niets meer dan subjectieve </strong><em><strong>orderpicking</strong></em><strong>. ‘De waarheid’ is principieel onzeker.</strong></p>
</div>Daarnaast geven relatieve cijfers, in plaats van absolute cijfers, een vertekenend beeld. Een voorbeeld. Indien het aantal opgeloste misdrijven met 100% is gestegen dan lijkt dat veel, maar het kan betekenen dat dit jaar 10 misdrijven zijn opgelost tegen 5 misdrijven vorig jaar. Dit is nog steeds ontzettend weinig. Karimi werkt helaas met relatieve getallen zodat de getallen beter uitkomen om haar gewenste effect te benadrukken. Mijn vraag is: kan het zijn dat, juist door de toename van de wereldbevolking, het armoedepercentage is gezakt terwijl de armoede in absolute zin is gestegen? Interessant. De wereldwijde daling van armoede, waar Karimi over schrijft, blijkt met name te danken aan de cijfers in China, waar een afname te constateren is van 835 naar 156 miljoen tussen 1981 en 2010. Volgens de World Bank is de armoede in <em>Sub-Sahara Afrika</em> tussen 1981 en 2010 verdubbeld, te weten van 205 naar 414 miljoen (verschil 209 miljoen). Een triest contrast. Er is tussen deze jaren wel een afname te zien in <em>Latijns-Amerika</em> (van 43 naar 32 miljoen, verschil 11 miljoen), <em>Oost-Azië &amp; Pacific zonder China</em> (van 261 naar 90 miljoen, verschil 171 miljoen) en in <em>Zuid-Azië zonder India</em> (van 140 naar 107 miljoen, verschil 33 miljoen). Bij elkaar opgeteld is deze afname 11 plus 171 plus 33 miljoen is 215 miljoen. Dit lijkt goed. Welk getal blijft over indien ik alles met elkaar verreken? In de ontwikkelingscontinenten Sub-Sahara Afrika, Latijns-Amerika, Oost-Azië &amp; Pacific zonder China en Zuid-Azië zonder India is een <em>afname</em> te constateren van 6 miljoen mensen (2015 &#8211; 209 = 6). <a href="#_ftn6" name="_ftnref6">[6]</a> Volgens de Karimi-redenatie mag ik deze uitkomst verbinden aan ontwikkelingshulp. Zij zou dan concluderen dat het overgrote gedeelte van de circa €100 miljard die wereldwijd jaarlijks tussen 1981 en 2010 voor ontwikkelingssamenwerking voor deze gebieden werd begroot (totaal circa € 2 biljoen), voor een <em>afname</em> van de armoede heeft gezorgd van 6 miljoen mensen. India staat voor een afname van nog eens 29 miljoen extra, China voor 679 miljoen. Met deze twee landen erbij kom je uit op een totale afname van 714 miljoen. Echter, de lage-inkomenslanden (beter bekend als LIC’s, Low Income Countries) herbergen de grootste groep <em>extreme armoede</em>, te weten 29% van de wereld in 2010 tegen 13% in 1981.<a href="#_ftn7" name="_ftnref7">[7]</a> Volgens de Karimi-redenatie mag ik deze toename wederom verbinden aan ontwikkelingshulp. U ziet, je kuname van ij kom je uit op worden dan mag u k niemand getroffen die alleen maart met getallen zowel iets positief als negatief</p>
<p>Ik ben toch benieuwd hoe Karimi met dergelijke tegengestelde berichten een waterpas maakt. En wat zegt mijn Karimi-steekproef over beweringen van (inter)nationale politici en andere stafmedewerkers van westerse ngo’s en multilaterale organisaties? Wat zegt dit over de daadwerkelijke status van ontwikkelingssamenwerking? Het ‘shoppen’ in het mondiale statistiekaanbod blijkt niets meer dan subjectieve <em>orderpicking</em>. ‘De waarheid’ is principieel onzeker.</p>
<p><strong><em>Resumerend</em></strong></p>
<ul>
<li><strong>Er zijn geen eenduidige statistieken over de status van ontwikkelingssamenwerking, waardoor elke denkbare waarheid aan te tonen is met statistieken van erkende internationale instellingen en organen.</strong></li>
</ul>
<p><strong><span style="color: #ff0000;">Dit artikel is onderdeel van het boek</span> <a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" title="Waarheidsvinding en ontwikkelingssamenwerking"  target="_blank">Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a>. </strong></p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> Oxfam Novib, <em>http://www.oxfamnovib.nl/vvd-kritiek-op-hulp-is-onzin.html</em></p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> Ami Sedghi and Mark Anderson, <em>Africa</em><em> wealth report 2015: rich get richer even as poverty and inequality deepen, </em>The Guardian, 31 juli 2015.</p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> Dambisa Moyo, <em>Why Foreign Aid Is Hurting Africa</em>, The Wall Street Journal, 21 maart 2009</p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> GK$ betreft de Geary Khamis Dollar. Het is een benchmark van de koopkracht van de Amerikaanse dollar op een bepaald punt in de tijd. 1990 en 2000 worden vaak als ijkpunt genomen.</p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[5]</a> GDP per capita (1990 Int. GK$). Bron: Maddison Project</p>
<p><a href="#_ftnref6" name="_ftn6">[6]</a> The World Bank, <em>State Of The Poor</em>, p. 2, http://www.worldbank.org/content/dam/Worldbank/document/State_of_the_poor_paper_April17.pdf.</p>
<p><a href="#_ftnref7" name="_ftn7">[7]</a> Pedro Olinto, Kathleen Beegle, Carlos Sobrado, and Hiroki Uematsu, <em>The State of the Poor: Where Are The Poor, Where Is Extreme Poverty Harder to End, and What Is the Current Profile of the World’s Poor?</em>, The World Bank Economic Premise, October 2013</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-status-van-ontwikkelingssamenwerking-is-eenduidig/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Imaginair: de archiefwet voor goede doelen is waterdicht</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-archiefwet-voor-goede-doelen-is-waterdicht/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-archiefwet-voor-goede-doelen-is-waterdicht/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 09 Aug 2016 14:36:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Boek]]></category>
		<category><![CDATA[Adam Smith]]></category>
		<category><![CDATA[ANBI]]></category>
		<category><![CDATA[Archiefwet]]></category>
		<category><![CDATA[AWR]]></category>
		<category><![CDATA[Baruch Spinoza]]></category>
		<category><![CDATA[Charity Commission]]></category>
		<category><![CDATA[Charles Darwin]]></category>
		<category><![CDATA[Chronicles of Philanthrophy]]></category>
		<category><![CDATA[civil law]]></category>
		<category><![CDATA[Code Civil]]></category>
		<category><![CDATA[Code Napoléon]]></category>
		<category><![CDATA[common law]]></category>
		<category><![CDATA[Freedom of Information Act]]></category>
		<category><![CDATA[goededoelenstichtingen]]></category>
		<category><![CDATA[Handelsregister]]></category>
		<category><![CDATA[Immanuel Kant]]></category>
		<category><![CDATA[Jean Jacques Rousseau]]></category>
		<category><![CDATA[Johannes Calvijn]]></category>
		<category><![CDATA[John Locke]]></category>
		<category><![CDATA[kamer van Koophandel]]></category>
		<category><![CDATA[L’Esprit Des Lois]]></category>
		<category><![CDATA[Montesquieu]]></category>
		<category><![CDATA[National Center for Charity Statistics]]></category>
		<category><![CDATA[NCCS]]></category>
		<category><![CDATA[Newton]]></category>
		<category><![CDATA[Ombudsman]]></category>
		<category><![CDATA[padstelling]]></category>
		<category><![CDATA[Privaatrecht]]></category>
		<category><![CDATA[publiekrecht]]></category>
		<category><![CDATA[rechtsvorm]]></category>
		<category><![CDATA[Rene Descartes]]></category>
		<category><![CDATA[Stichting]]></category>
		<category><![CDATA[The Guardian]]></category>
		<category><![CDATA[Voltaire]]></category>
		<category><![CDATA[WNo]]></category>
		<category><![CDATA[WOB]]></category>
		<category><![CDATA[ZBO]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16850</guid>
		<description><![CDATA[“Let us save what remains: not by vaults and locks which fence them from the public eye and use in consigning them to the waste of time, but by such a multiplication of copies, as shall place them beyond the reach of accident” Thomas Jefferson (1743 – 1826), The Letters 1743-1826, aan Ebenezer Hazard Philadelphia, [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_160" style="width: 272px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2015/04/REFDAG.jpeg" ><img class=" wp-image-16054" src="/wp-content/uploads/2015/04/REFDAG.jpeg" alt="Geredigeerde publicatie in Ref.Dag." width="262" height="292" /></a><p class="wp-caption-text">Geredigeerde publicatie in Ref.Dag.</p></div>
<p><strong>“Let us save what remains: not by vaults and locks which fence them from the public eye and use in consigning them to the waste of time, but by such a multiplication of copies, as shall place them beyond the reach of accident”</strong><br />
<em>Thomas Jefferson (1743 – 1826), The Letters 1743-1826, aan Ebenezer Hazard Philadelphia, 18 februari 1791</em></p>
<p>18 januari 1689. Het geboortejaar van Charles de Secondat, baron de La Brède et de Montesquieu, in de volksmond gelimiteerd tot Charles de Montesquieu.</p>
<p>In 1748 publiceert hij zijn levenswerk De l’esprit des lois (Over de geest van de wetten), de kiem van onze moderne rechtsstaat. Montesquieu is slechts een van de verlichte vrijdenkers die beschavingen die geordend zijn op religie, filosofie en zelfs Romeinse ethiek, kon herroepen. Montesquieu vond dit ignorante beschavingen. Verlichte denkers geven kritische rede prioriteit boven moraal. De autonomie van het individu heeft prioriteit boven religie als massabeheersing. Vrijdenken komt voort uit de drang om te willen weten zonder geketend te zijn door politieke of religieuze correctheid, gezag of sociale druk. Derhalve prevaleert de vrijheid van meningsuiting boven religieuze vrijheid. In een <em>hall of fame</em> zou Montesquieu’s portret hangen naast verlichters zoals John Locke, Jean-Jacques Rousseau, Baruch Spinoza, Voltaire, Adam Smith, Johannes Calvijn, René Descartes, Immanuel Kant, Charles Darwin en Sir Isaac Newton.</p>
<p>Montesquieu waarschuwt voor despotische regimes waarbij een vorst, die boven de wet staat, kan regeren als een tiran. Hij keert zich definitief tegen de Romeinse wettekst ‘princeps legibus solutus’, analoog aan ‘l&#8217;état, c&#8217;est moi’, die dicteert dat een vorst boven de wet staat. Zelfs een vorst dient ondergeschikt aan de wet te zijn en deze te belijden.</p>
<p>Als oplossing bedacht Montesquieu een machtsevenwicht. Een maatschappelijk middenveld, ook wel de bemiddelende krachten, moest de burgers behoeden voor ontaarde vorsten en hun schrikbewind. Deze bemiddelende krachten kennen wij als de juridische structuur trias politica, de spreiding der machten in de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht.</p>
<p>1789. Precies honderd jaar na Montesquieu’s geboorte doet de Franse Revolutie haar intrede, waarbij ideeën van absolutisme, aristocratie, monarchie en theocratie worden geketend door constitutionele en ideologische hervormingen. Montesquieu’s overtuiging vindt gretig aftrek, niet alleen in Frankrijk maar over het hele continent, mede doordat deze gratis mee kan liften aan de zijde van Napoleon Bonaparte. Zijn Burgerlijk Wetboek de <em>Code civil</em> uit 1804 (beter bekend als <em>Code Napoléon</em>) wordt geëxporteerd naar veroverde gebieden. De <em>Code Napoléon</em> betreft een privaatrechtelijk wetboek.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Waar het op neer komt is dat, hoe je het ook bekijkt, goededoelenstichtingen een vrije hand hebben ten aanzien van wat ze vastleggen en hoe of wat ze bewaren.</strong></p>
</div>Ik sla een heel stuk geschiedenis over. Terug naar het heden. Uit de as van de verlichting zijn mede door Montesquieu twee partijen ontstaan, te weten de overheid en particulieren. De wettelijke regels zijn ingedeeld in twee rechtsgebieden.</p>
<p>Publiekrecht betreft de relatie tussen natuurlijke en rechtspersonen en de overheid (als zodanig). Dit zijn de zogenaamde verticale relaties. Burgers kunnen overheidsorganen met een archiefplicht om inzage van stukken vragen op basis van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) met als toezichthouder de Wet Nationale ombudsman (WNo).</p>
<p>Privaatrecht betreft de relatie tussen natuurlijke en rechtspersonen onderling. Dit betreffen de zogenaamde horizontale relaties.</p>
<p>Rechtspersonen zoals goededoelenstichtingen mogen als rechtssubject deelnemen aan het rechtsverkeer, maar zij mogen geen rechten uitoefenen die behoren tot het publiekrecht omdat zij geen overheidsorganen zijn. Om deze reden zijn de Wob, de WNo en de Archiefwet niet rechtsgeldig binnen het privaatrecht. We ontwarren hier een eerste conflictueuze patstelling die vanuit haar fundament verkeerd is gerijpt. Om dit te verklaren dwaal ik met u af in de</p>
<p>In landen met een ‘<em>civil law</em>’-traditie – dit zijn Nederland en alle andere landen in West-Europa, met uitzondering van Engeland, Ierland en Scandinavië – komt deze voort uit particulier initiatief. In de laat-Romeinse tijd en in de middeleeuwen richtten vooral burgers en kerken scholen, ziekenhuizen en weeshuizen op. In die tijd was de overheid minder aanwezig dan nu. Ook bestond toentertijd geen publiekrecht, althans niet zoals we dat nu kennen. Voor de door particulieren gestichte inrichtingen golden dan ook nauwelijks regels. Toen Duitse juristen de stichting (als rechtspersoon) in de negentiende eeuw verder ontwikkelden, lag het dus voor de hand haar onder te brengen in het privaatrecht. Ook toen ging het vooral om particuliere initiatieven en ook toen was het publiekrecht, waaronder de Archiefwet en de Wob, nog niet tot ontwikkeling gekomen. Tot 1976 moest men een stichting registreren bij het ministerie van Justitie, erna bij de Kamer van Koophandel.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Per 1 december 2015 stonden er 210.117 stichtingen ingeschreven in het Handelsregister, per 80 inwoners is er één stichting</strong></p>
</div>Er zijn ook landen met een andere rechtstraditie dan een ‘<em>civil law</em>’-traditie. Ook in de <em>common law</em> komen foundations (waaronder de trust) voort uit het particuliere initiatief, zodat overheidstoezicht historisch gezien met argwaan wordt bezien.<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a></p>
<p>Kortom: dat de stichting privaatrechtelijk is, komt historisch gezien voort uit het idee dat de stichting bedoeld is voor particuliere initiatieven. Regels die voor de overheid gelden (het publiekrecht), gelden daarom niet voor stichtingen. Van oudsher stonden maatschappelijke organisaties (vooral kerkelijke instellingen) bovendien afkerig tegenover overheidstoezicht op stichtingen, vanuit het idee dat de overheid zich terughoudend moest opstellen in het maatschappelijke en religieuze leven.</p>
<p>De situatie anno nu. Een tweede conflictueuze patstelling laat zich zien.</p>
<p>Kenmerkend voor de hedendaagse stichtingen is het ledenverbod. Hierdoor kan het bestuursbeleid niet beïnvloed worden door een ander onafhankelijk orgaan, zoals een ledenvergadering binnen een vereniging het beleid kan beïnvloeden. Het ledenverbod tekent in mijn ogen het autocratisch karakter van een maatschappelijk stichting.</p>
<p>Met het oog op rechtszekerheid is het van belang deze spanning te elimineren, met dien verstande dat een oplossing als interne toezichthouders met sanctioneringsmogelijkheden de essentie van het autocratische karakter niet aanpakt.</p>
<p>Een betere oplossing is om het ledenverbod van goededoelenstichtingen op te heffen.<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a></p>
<p>Om een derde conflictueuze patstelling in te leiden anatomiseer ik de Archiefwet voor u. De Archiefwet regelt het beheer van en de toegang tot overheidsinformatie en in principe de wijze waarop overheidsinstanties met hun archief dienen om te gaan. De archiefbescheiden die in een archiefbewaarplaats berusten, zijn openbaar. Eenieder is bevoegd om archiefbescheiden kosteloos te raadplegen en om kopieën van afbeeldingen, afschriften, uittreksels te maken. Er zijn juridische redenen om de openbaarheid te beperken, zoals privacy, staatsveiligheid of de staat van de stukken.</p>
<p>Een stichting is administratieplichtig op grond van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr). Deze plicht geldt ongeacht de vraag of er sprake is van belastingplicht ten aanzien van de omzet of vennootschapsbelasting (of van bijvoorbeeld de anbi-status). Als stichting ben je dus gehouden om een goede administratie bij te houden en te bewaren. Er dient inzicht te zijn in de rechten en verplichtingen van de stichting. Er geldt ook een bewaarplicht van zeven jaar (van bankafschriften tot inkoopfacturen).</p>
<p>Een vereniging of stichting met een onderneming die in twee opeenvolgende boekjaren minimaal € 4,4 miljoen per jaar omzet, moet haar jaarstukken deponeren bij de Kamer van Koophandel.</p>
<p>Algemeen nut beogende instellingen (anbi’s) moeten sinds 1 januari 2014 bepaalde gegevens op een internetsite publiceren. De Archiefwet schrijft niet voor wat goede doelen wel of niet moeten archiveren. Pas zodra stichtingen hun (oude) archief overdragen aan een openbare archiefbewaarplaats, wordt de Archiefwet daarop van toepassing.</p>
<p>Het kan zijn dat sommige organisaties vanuit de overheid worden gesubsidieerd en onder sterke overheidsinvloed staan, zodat de Archiefwet toch van toepassing is. De meeste goededoelenstichtingen zullen niet hieronder vallen, maar de mogelijkheid bestaat wel degelijk. Indien iemand hierover procedeert, prikt de rechter als het ware door de rechtsvorm heen, zodat een stichting plotseling onder het bestuursrecht valt. En laat het bestuursrecht nu net een van de rechtsgebieden tussen burger en overheid betreffen, zodat het publiekrecht van kracht wordt. Een goededoelenstichting zou dan alsnog onder de Wob, de WNo en de Archiefwet vallen.<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a></p>
<p>Deze situatie komt overeen met de status van b-organen zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht.<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a> Dergelijke organisaties worden genoemd in het zbo-register. Een zelfstandig bestuursorgaan (zbo) is een bestuursorgaan op het niveau van de centrale overheid dat niet hiërarchisch ondergeschikt is aan een minister. Denk daarbij bijvoorbeeld aan schoolbesturen voor bijzonder onderwijs, de Stichting Bloembollenkeuringsdienst, Erkenninghouders Algemene Periodieke Keuring (APK) en de Stichting Leger des Heils. De Erfgoedinspectie doet onderzoek bij stichtingen met een openbaargezagtaak. Er worden in het zbo-register geen goede doelen genoemd die bekend zijn binnen ontwikkelingssamenwerking.</p>
<p>Waar gaat het dan mis? Om tot bestuursorgaan te worden aangemerkt moet een goededoelenstichting aan drie toetsstenen voldoen:</p>
<ol>
<li>Het gaat om subsidie, uitkeringen of andere op geld waardeerbare rechten, en de rechtspersoon fungeert als een soort doorgeefluik tussen overheid en burger.</li>
<li>De overheid verschaft het geld waarmee de rechtspersoon de op geld waardeerbare rechten in overwegende mate, in beginsel voor ten minste twee derden.</li>
<li>De overheid bepaalt de criteria volgens welke de subsidies of uitkeringen worden verdeeld in beslissende mate.</li>
</ol>
<p>Op het laatste punt gaat het mis. Goededoelenstichtingen stellen de toekenningscriteria vast. Dus niet wie betaalt, maar wie bepaalt geeft in dit geval de juridische doorslag.</p>
<p>Waar het op neerkomt is dat, hoe je het ook bekijkt, goededoelenstichtingen de vrije hand hebben ten aanzien van wat ze vastleggen en hoe of wat ze bewaren. Een gemiste kans.</p>
<p>Hoe is dit in het buitenland geregeld? Net als de Wob geeft de <em>freedom of information act</em> burgers het recht om binnen publiekrecht de overheid ter verantwoording te roepen. Maar vallen goededoelenstichtingen in het buitenland, net als in Nederland, binnen het privaatrecht? Bij organisaties in 9 onderzochte landen<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[5]</a>, landen die bekendstaan als grote geldgevende actoren binnen het internationale ontwikkelingsveld, moesten de autoriteiten bevestigen dat dit het geval is. In 2013 bedraagt de officiële ontwikkelingshulp van deze landen tezamen € 91 miljard.<a href="#_ftn6" name="_ftnref6">[6]</a></p>
<p>We ontsluieren hier een vierde conflictueuze patstelling. In tien landen (inclusief Nederland) zijn de afzonderlijke Wob’s, WNo’s en Archiefwetten niet rechtsgeldig binnen het privaatrecht. Daarmee heeft de archivering door goededoelenstichtingen zich wereldwijd tot een ‘statenloos’ begrip verworven en dientengevolge mogen goededoelenstichtingen maar wat doen. Burgers hebben geen handvatten om deze statenloosheid aan te pakken en als gevolg daarvan zijn in de praktijk nauwelijks voorbeelden te vinden van bestuurders die aansprakelijk worden gesteld.</p>
<p>Per 1 december 2015 stonden er 210.117 stichtingen ingeschreven in het Handelsregister, per 80 inwoners is er één stichting. De Kamer van Koophandel kan niet aangeven hoeveel van deze stichtingen fondsenwervende stichtingen zijn. Dit blijkt ook in andere landen lastig vast te stellen.</p>
<p>In Duitsland is een stichting geen legale definitie. Ze spreken van een ‘rechtsfähige Stiftung des bürgerlichen Rechts’, waarvan er op 31 december 2015 20.784 geregistreerd staan. ‘These are the only foundations that need to be approved officially by the foundation regulatory authorities. Besides, there are other types of foundations of which the existing number in Germany is not exactly known. For example, there are <em>trust foundations</em> (Treuhandstiftungen) which are not legal entities. We estimate that at least 20.000 of them exist in Germany. Another large group are the c<em>hurch foundations</em> (Kirchenstiftungen) with an estimated number of approximately 20.000. Other forms are foundations with <em>limited liability</em> (Stiftung GmbHs), <em>foundation associations </em>(Stiftungsvereine) or <em>foundation corporations</em> (Stiftungs-Aktiengesellschaften). <em>Public foundations</em> are established by a state-supported foundation deed – often by the passing of a law – and follow objectives of particular public interest. Of these latter forms we cannot give you any estimations.’<a href="#_ftn7" name="_ftnref7">[7]</a> De term ‘Entwicklungsorganisationen’ kan dus meerdere juridische vormen hebben. Ieder land heeft zijn juridische complexiteit.</p>
<p>De Belgische Kamer van Koophandel kan helemaal geen data leveren. Bij de Britse Charity Commission staan 165.188 stichtingen ingeschreven. Dat is een stuk minder dan in Nederland. Volgens The Guardian komen daar jaarlijks 5000 nieuwe bij.<a href="#_ftn8" name="_ftnref8">[8]</a> The Chronicle of Philanthrophy publiceert over het jaar 2009 een getal van 1,2 miljoen goededoelenstichtingen in de USA<a href="#_ftn9" name="_ftnref9">[9]</a>, terwijl in 2015 de National Center for Charity Statistics (NCCS) op hetzelfde continent 1.548.644 non-profitorganisaties telt met een omzet van US$ 1,74 biljoen.<a href="#_ftn10" name="_ftnref10">[10]</a></p>
<p>De ultieme kans die voorhanden ligt is om in ieder geval in Nederland te beginnen om goededoelenstichtingen onder publiekrecht te laten vallen, waardoor de Wob, de WNo en de Archiefwet als zelfreinigende systemen van toepassing worden. Is dat mogelijk? Hier zal ik later een antwoord op geven.</p>
<p>Eerst terug naar 1748. De kraamkamer van het moderne publiek- en het privaatrecht.</p>
<p>Montesquieu schrijft in De l’esprit des lois: ‘Il y a cette différence entre la nature du gouvernement et son principe, que sa nature est ce qui le fait être tel; et son principe, ce qui le fait agir. L’une est sa structure particulière, et l’autre les passions humaines qui le font mouvoir.’<a href="#_ftn11" name="_ftnref11">[11]</a></p>
<p>Vrij vertaald: ‘Er is een verschil tussen de aard van de overheid en haar principes: de aard is dat wat een regering maakt tot wat zij is, het principe zorgt voor haar handelen. Het ene is haar bijzondere structuur, de andere zijn de menselijke hartstochten die haar in beweging brengen.’</p>
<p>Montesquieu ontwikkelde zijn trias politica als medicijn tegen despotische regimes, maar het groeiproces van (goededoelen)stichtingen heeft geleid tot despotische patstellingen.</p>
<p><strong><em>Resumerend</em></strong></p>
<ul>
<li><strong>de juridische structuur van goededoelenstichtingen zorgt er voor dat ze geen informatieplicht en geen archiefplicht hebben</strong></li>
</ul>
<p><strong><span style="color: #ff0000;">Dit artikel is onderdeel van het boek</span> <a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" title="Waarheidsvinding en ontwikkelingssamenwerking"  target="_blank">Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a>. </strong></p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> C.R.M. Versteegh, De Goede Doelenstichting. Naar een systeem van overheidstoezicht?</p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> Bastiaan Kemp en Kid Schwarz, Het ledenverbod, de governance van stichtingen en het wetsvoorstel ´Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting’.</p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> Ibid, lid 3.1.</p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> Raad Van State, Uitspraak 201304908/3/A2 en 201307828/2/A2, lid 1.4.</p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[5]</a> Australië (Youth Law Centre ACT), Canada (Justice Laws Website), Duitsland (Bundesministerium des Justiz und für Verbraucherschutz), Oostenrijk (Büro Landesvolksanwalt), Spanje (Chamber of Commerce, ICC Spain), Zweden (Regeringskansliet), UK (House of Commons Information Office), USA (U.S. Department of State), Zwitserland (Bundesamt für Justiz BJ).</p>
<p><a href="#_ftnref6" name="_ftn6">[6]</a> Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), ODA 2013 Tables and Charts, Net Official Development Assistance from DAC and other donors in 2013.</p>
<p><a href="#_ftnref7" name="_ftn7">[7]</a> Stiftungen.org.</p>
<p><a href="#_ftnref8" name="_ftn8">[8]</a> The Guardian, <em>Too many cooks</em>, 8 november 2000.</p>
<p><a href="#_ftnref9" name="_ftn9">[9]</a> Grant Williams, <em>Number of Charities and Foundations Passes 1.2 Million</em>, Chronicles of Philanthrophy, 15 maart 2010.</p>
<p><a href="#_ftnref10" name="_ftn10">[10]</a> NCCS, <em>Quick Facts About Nonprofits</em>, http://www.nccs.urban.org/statistics/quickfacts.cfm.</p>
<p><a href="#_ftnref11" name="_ftn11">[11]</a> Montesquieu, <em>L’Esprit Des Lois</em>, p. 37</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/imaginair-de-archiefwet-voor-goede-doelen-is-waterdicht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Imaginair: onderzoekers gaan discreet met ons belastinggeld om</title>
		<link>http://www.nl-aid.org/imaginair-onderzoekers-gaan-discreet-met-ons-belastinggeld-om/</link>
		<comments>http://www.nl-aid.org/imaginair-onderzoekers-gaan-discreet-met-ons-belastinggeld-om/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 09 Aug 2016 14:31:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[admin]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Boek]]></category>
		<category><![CDATA[afhankelijkheidsrelatie]]></category>
		<category><![CDATA[Anand Nagar]]></category>
		<category><![CDATA[Artsen Zonder Grenzen]]></category>
		<category><![CDATA[Bart Romijn]]></category>
		<category><![CDATA[Bijker]]></category>
		<category><![CDATA[Calcutta]]></category>
		<category><![CDATA[City Of Joy]]></category>
		<category><![CDATA[Dambisa Moyo]]></category>
		<category><![CDATA[Descartes]]></category>
		<category><![CDATA[evaluaties]]></category>
		<category><![CDATA[gedachte-experiment]]></category>
		<category><![CDATA[La Cité De La Joie]]></category>
		<category><![CDATA[Lapierre]]></category>
		<category><![CDATA[Medefinanciering]]></category>
		<category><![CDATA[MFS II]]></category>
		<category><![CDATA[ODA]]></category>
		<category><![CDATA[OECD]]></category>
		<category><![CDATA[ontwikkelingssamenwerking]]></category>
		<category><![CDATA[peer reviews]]></category>
		<category><![CDATA[Pilkhana]]></category>
		<category><![CDATA[salarissen]]></category>
		<category><![CDATA[schuldcultuur]]></category>
		<category><![CDATA[slum]]></category>
		<category><![CDATA[Statistiek]]></category>
		<category><![CDATA[Universiteit Maastricht]]></category>
		<category><![CDATA[Wiebe Bijker]]></category>
		<category><![CDATA[zuiden]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.nl-aid.org/?p=16852</guid>
		<description><![CDATA[‘I think in life a person really has three choices: to run, to spectate or to commit’ City Of Joy, Frans-Britse dramafilm uit 1992, gebaseerd op de roman La Cité De La Joie van de Franse auteur Dominique Lapierre Een rekensom. Sinds het jaar 2000 is de gemiddelde Nederlandse begroting ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking € 4 miljard. Indien ik [&#8230;]]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_16853" style="width: 220px" class="wp-caption alignleft"><a href="/wp-content/uploads/2016/07/Wiebe-Bijker.png" ><img class=" wp-image-16853" src="/wp-content/uploads/2016/07/Wiebe-Bijker.png" alt="Professor Wiebe Bijker" width="210" height="225" /></a><p class="wp-caption-text">Professor Wiebe Bijker</p></div>
<p><strong>‘I think in life a person really has three choices: </strong><strong style="line-height: 1.5;">to run, to spectate or to commit’</strong></p>
<p><em>City Of Joy, Frans-Britse dramafilm uit 1992, gebaseerd op de roman La Cité De La Joie van de Franse auteur Dominique Lapierre</em></p>
<p>Een rekensom. Sinds het jaar 2000 is de gemiddelde Nederlandse begroting ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking € 4 miljard. Indien ik dit bedrag verdeel over het gemiddelde bevolkingsaantal van 16,6<a href="#_ftn1" name="_ftnref1">[1]</a> miljoen mensen, dan betaalt iedere burger per jaar € 241 aan belastinggeld voor ontwikkelingssamenwerking. Had u dit geld niet af hoeven staan maar u zou dit op een bankrekening storten tegen een spaarrente van 2,8%<a href="#_ftn2" name="_ftnref2">[2]</a>, dan had u in 50 jaar € 26.349 gespaard. Heeft u een gezin met 2 kinderen waar u tot hun 25e financieel verantwoordelijk voor bent, dan spaart u voor 4 personen in 25 jaar met 2,8% spaarrente € 35.196. Indien u de kostwinner van het gezin bent, uw 2 kinderen blijven 25 jaar bij u en u spaart nog 25 jaar door voor u en uw partner, dan heeft u met 2,8% spaarrente € 87.798 op uw rekening</p>
<p>De Nederlandse huishoudens geven sinds 2000 gemiddeld € 150 aan collectes en donaties.<a href="#_ftn3" name="_ftnref3">[3]</a> Indien u 50 jaar lang in uw eentje een huishouden vormt, dan heeft u, inclusief de vorige rekensom, € 42.784 opzijgelegd. Indien u de kostwinner van het gezin bent, uw 2 kinderen blijven 25 jaar bij u en u spaart nog 25 jaar door voor u en uw partner, dan heeft u, inclusief de vorige rekensom, € 115.151 opgepot.</p>
<p>De wereldwijde ontwikkelingshulp bereikt volgens de Organisation for Economic Cooperation and Development (OECD) in 2013 zijn hoogtepunt met US$ 134,8 miljard<a href="#_ftn4" name="_ftnref4">[4]</a>. Nederland doneert in dat jaar US$ 5,44 miljard, Duitsland US$ 14,23 miljard en de USA US$ 31,5 miljard. In 2013 geeft Nederland € 14.794.521 per dag uit, € 616.438 per uur, € 10.274 per minuut, € 171 per seconde.</p>
<p>In verhouding tot het bnp, ook wel <em>ODA as per cent of GNI</em>, geeft Nederland in 2013 0,67%, Duitsland 0,38% en USA 0,18%. Volgens de OECD: ‘In 1970, the 0.7% ODA/GNI target was first agreed and has been repeatedly re-endorsed at the highest level at international aid and development conferences. (…) The 0.7% target was formally recognised in October 1970 when the UN General Assembly adopted a Resolution including the goal that “Each economically advanced country will progressively increase its official development assistance to the developing countries and will exert its best efforts to reach a minimum net amount of 0.7% of its gross national product at market prices by the middle of the Decade.”’<a href="#_ftn5" name="_ftnref5">[5]</a> Nederland heeft een goede naam, omdat het in de jaren tachtig gemiddeld op 1,0 procent zat en sinds de herijking van het buitenlands beleid in 1995 op 0,8. Noorwegen, Zweden, Denemarken en sinds 2000 Luxemburg kunnen zich bij Nederland scharen en samen vormen zij een groep van getrouwen die zich langdurig boven het maaiveld van de 0,7% bevinden. Sinds 2013 zit Nederland onder de</p>
<p>Stel, een collectant haalt op een avond € 50 op. De directeur van het betreffende goede doel heeft een brutosalaris van € 178.000<a href="#_ftn6" name="_ftnref6">[6]</a> (betreft jaarinkomen, belaste vergoedingen/bijtellingen, de werkgeversbijdrage pensioen en de overige beloningen op termijn, maar exclusief sociale lasten). Dan moet de collectant 3560 avonden collecteren om het salaris van één directeur te bekostigen, exclusief sociale vaste lasten. De zeskoppige directie van Artsen zonder Grenzen tikt tezamen bijna de 5 ton aan. Dat zou bijna 10.000 avondjes collecteren</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Indien een telling niet is afgenomen dan kun je spreken van een artificiële omgeving met imaginaire verzinsels. Door te beweren bestaat iets niet. Door het keer op keer te citeren, wordt iets dat onwaar is, niet beetje bij beetje meer </strong><em><strong>waar</strong></em><strong>.</strong></p>
</div>De salarissen van directeuren van goede doelen lopen uiteen. Het jaarsalaris van een goededoelendirecteur varieerde in 2013 van gemiddeld € 85.463 bij kleine organisaties tot gemiddeld € 119.242 bij grote organisaties. De directeur van Stichting AAP verdient met € 61.831 veruit het laagste salaris van de algemeen directeuren. Natuurmonumenten telde in 2013 € 379.000 neer voor zijn 3 directeuren, terwijl Cordaid € 265.822 naar zijn tweekoppige directie overmaakte. Ter vergelijking: het inkomen van een Tweede Kamerlid bedraagt ruim € 104.000, inclusief 8% vakantiegeld en 8,3% eindejaarsuitkering, exclusief € 2652,25 jaarlijkse onkostenvergoeding.</p>
<p>Indien de begroting van de Nederlandse ontwikkelingshulp sinds 2000 tegen 2,8% spaarrente op een bank zou zijn gezet, dan was de inleg € 67,7 miljard geweest en de waarde ruim € 88 miljard. In het jaar 2050 zal het met deze curve een waarde vertolken van € 450,4 miljard.<a href="#_ftn7" name="_ftnref7">[7]</a> Indien je dit bedrag uitgeeft in briefjes van 1000 en je legt ze op elkaar, waarbij 10 briefjes in 1 millimeter passen, dan heb je tot in de stratosfeer een stapel van 45 kilometer</p>
<p>‘More than US$ 2 trillion of foreign aid has been transferred from countries to poor over the past fifty years Africa the biggest recipient, by far’, aldus Dambisa Moyo.<a href="#_ftn8" name="_ftnref8">[8]</a> Dit getal, dat hij in zijn boek in 2009 publiceert, wordt heden ten dage (2016) geschat op US$ 2,3 biljoen, ook wel US$ 2.300.000.000.000. Om u een idee te geven van de omvang van dit cijfer: u kunt met dit bedrag 30 jaar lang elke seconde US$ 2431 uitgeven. Indien u elke seconde één dollar uitgeeft, dan doet u daar 72.933 jaar</p>
<p>De opening van dit hoofdstuk is opsommerig, maar ik heb er één hamvraag mee willen introduceren: zorgen onderzoekers goed voor uw belastinggelden?</p>
<p>Ik leg u een gedachte-experiment voor. Stel u mag één keer in uw leven € 115.151 aan een goed doel schenken. Wilt u dan weten hoe uw geld besteed wordt? Is uw antwoord <em>ja</em>, welke vragen zou u dan willen stellen aan de uitvoerder van uw donatie om er zeker van te zijn dat deze goed is aangekomen? Is uw antwoord <em>nee</em>, wat is uw motief dat u uw goede geloof zomaar in handen van vreemden legt?</p>
<p>De Engelse Joan runt in Calcutta een lokale kliniek in de Pilkhana-slum. De erbarmelijke omstandigheden zijn ongekend zwaar. Toch kunnen de mensen zich vasthouden aan de overtuiging dat het leven de moeite waard is. Derhalve noemen ze hun slum <em>Anand Nagar</em>, ook wel City of Joy. Joan ontmoet Max, een ontgoochelde arts uit Amerika, die naar India is vertrokken voor zijn persoonlijke zoektocht naar zingeving. Max heeft duidelijk moeite om zijn cultuurshock een plaats te geven en zijn westerse waarden te herdefiniëren. Midden in het tumult van het straatbeeld van Anand Nagar zegt Joan tegen Max: ‘Ik denk dat een persoon in zijn leven eigenlijk maar drie keuzes heeft: wegrennen, toekijken of participeren.’</p>
<p>Ik leg deze stelling aan u voor. U heeft van de Nederlandse overheid € 115.151 aan belastinggeld gekregen en u mag ermee doen wat u wilt, maar indien u het aan een goed doel geeft, volgt er een controle door de overheid. In dit gedachte-experiment zit u met een smak geld in uw achterzak samen met Joan in Anand Nagar. Wat kiest</p>
<p>Mocht u kiezen voor <em>wegrennen,</em> dan kan ik mij twee drijfveren bedenken. Wat u niet ziet, bestaat niet. U gelooft wel dat er plekken op de wereld zijn zoals Anand Nagar, maar u wilt het niet daadwerkelijk weten. Om bij te blijven volgt u af en toe wel het journaal. Een andere drijfveer is dat u het geld wilt houden voor eigen genot. U bent egoïstisch en ik doe bij deze een beroep op uw schuldgevoel. Wilt u nou echt € 115.151 zelf houden? Kom op, ik verwacht meer van</p>
<p>U zou ook kunnen <em>toekijken,</em> omdat u niet als een lafaard voor de waarheid wilt vluchten. Af en toe geeft u geld aan Joan en van een afstand neemt u waar hoe ze uw geld uitgeeft. Zij is immers ervaren en kent alle kneepjes. De relatie tussen u en Anand Nagar is als een infuus. Jullie houden elkaar een beetje in leven, omdat jullie elkaar niet los kunnen laten zonder een duidelijk motief. Enerzijds wilt u deze relatie loslaten, maar anderzijds knaagt uw geweten.</p>
<p>Stel u kiest voor <em>participeren</em> en u gaat met het complete bedrag in Anand Nagar allerlei zaken ondernemen voor het goede en algemene nut. U komt na een jaar thuis en de Nederlandse overheid vraagt: ‘Wat heeft u met het geld gedaan?’ Nu heeft u de volgende opties.</p>
<ol>
<li>U geeft de overheid een schoenendoos met bonnetjes ter waarde van € 115.151. Deze bonnetjes heeft een plaatselijke bewoner van Anand Nagar voor enkele honderden euro’s voor u bij notoire handelaren verzameld, soms door valse druk. Helaas heeft u geen benul van de zwendel, maar het totaal klopt wel en daarmee voldoet u aan de eis van de Nederlandse overheid. U had namelijk geen tijd om bij elke handeling persoonlijk om een bonnetje te vragen. Het was een hectische situatie, de chaos was ongekend. Dit leek u gewoon een zinvolle oplossing. Ze moeten er maar op vertrouwen dat het geld door u juist is besteed.</li>
<li>U geeft de overheid een rapport met getallen en bedragen. Een onafhankelijke Brit, gemakshalve noem ik haar Eva (afgekort van <em>EVA-luation</em>), is ter plaatse op bezoek geweest en heeft de statistiek in de administratie gecontroleerd. Eva was onder de indruk. Om haar beeld te bevestigen kreeg ze een rondleiding in Anand Nagar en in het contact met de lokale bevolking werd het beeld dat zij uit de administratie kreeg bevestigd. Wat u niet weet, is dat achter de rug van u en Eva om de mensen zijn afgekocht om artificieel te zijn. De grootste stroom geld komt namelijk in handen van een plaatselijke charlatan. U heeft geen tijd om de artificiële wereld om u heen te doorbreken, omdat de verzonnen output om u heen het beeld schept van de verwachtingen die u vooraf heeft vastgesteld. De overheid moet maar geloven dat het geld juist is besteed.</li>
<li>U geeft de overheid een schoenendoos met bonnetjes ter waarde van € 115.151 of een rapport met getallen en bedragen. Wat u overhandigt is eerlijk en oprecht verzameld en geeft een realistisch beeld van de output. Deze administratie heeft u enorm veel tijd en 14% van uw budget gekost, bijna € 16.121. U raadt anderen met € 115.151 aan om naar Anand Nagar te gaan.</li>
</ol>
<p>Waarschijnlijk kiest u optie iii. Er is echter één probleem. In dit gedachte-experiment weet u niet of u zich in optie i, ii of iii begeeft. Welke vragen gaat u stellen om erachter te komen of u in i, ii dan wel in iii zit? Vindt u deze opgave lastig? Iemand die dit ook lastig heeft gevonden is professor Wiebe Bijker.</p>
<p>Zijn verhaal leid ik in met de filosofie van de Fransman René Descartes (1596-1650). Hij woonde in Nederland omdat hij in zijn moederland waarschijnlijk op de brandstapel was gekomen door zijn vernieuwde inzichten. Hij werd bekend door de methodische twijfel, een manier om te zoeken naar waarheid door systematisch aan alles waar je aan kunt twijfelen ook daadwerkelijk te twijfelen. We kennen Descartes door zijn zegswijze ‘ik denk, dus ik besta’. Dit komt voort uit zijn logica dat mensen bedrogen worden door zintuigen en denkbeelden. ‘Wát ik denk is in de meeste gevallen niet waar, maar dát ik denk wel.’<a href="#_ftn9" name="_ftnref9">[9]</a> Het brein is een kleine dictator die heel autoritair denkfouten, drogredenen, misverstanden en illusies in laat sluipen. Deze filosofie van Descartes betreft de bril waarmee in dit boek naar ontwikkelingssamenwerking is</p>
<p>Wiebe Bijker is een voorbeeld van de onafhankelijke Eva. In het kader van het Nederlandse subsidiestelsel (Medefinanciering II – MFS II) hebben 200 wetenschappers 8000 pagina’s geschreven waarmee ze 200 Nederlandse ontwikkelingsprojecten evalueerden die werden uitgevoerd door 19 allianties van 64 ontwikkelingsorganisaties. Op 2 september 2015 overhandigde Partos-directeur Bart Romijn, als voorzitter van de Stichting Gezamenlijke Evaluaties, officieel de rapporten op het ministerie van Buitenlandse Zaken aan Christiaan Rebergen, directeur-generaal Internationale Samenwerking. De supervisie lag bij Wiebe Bijker, hoogleraar technologie en maatschappij aan de Universiteit Maastricht.</p>
<p>In het zuiden zijn ngo’s extreem hulpafhankelijk, waardoor je een gekunstelde relatie krijgt. In veel ontwikkelingslanden verdienen overheidsfunctionarissen op een ministerie circa € 200,- per maand. Kleine bedragen van enkele duizenden tot honderdduizenden euro’s aan ontwikkelingshulp zouden verhoudingsgewijs in Nederland dezelfde omvang hebben indien wij gratis hulp zouden krijgen van honderden miljoenen. De afhankelijkheidsrelatie wordt hiermee heel intens. Veel ngo’s verzinnen een trackrecord dat iedereen gaat napraten en overnemen. Verzonnen tabellen rollen uit vergaderingen en verschijnen in allerlei flyers waardoor ze plotseling als waarheid worden aanvaard. Hoe vaker een imaginair verzinsel ergens wordt geciteerd &#8211; met name een citaat in het westen heeft een hoge geldigheid &#8211; hoe meer het gaat renderen en waarde krijgt, totdat mensen het als een waarheid gaan zien. Op een gegeven moment is het zo ver gekomen dat een ngo het niet meer hoeft te bewijzen, maar dat je als criticaster het tegendeel moet bewijzen. De mensen in het zuiden weten heel goed wat westerse journalisten en onderzoekers willen zien en horen. Ze zijn meesters in het creëren van tableaux vivants, waarbij soms hele scholen worden gemobiliseerd om zaken in scène te zetten. Veel mensen worden afgekocht om verhalen te vertellen over hoe fantastisch het is. Voor weinig geld (weinig vanuit westers perspectief) wordt een artificiële omgeving gecreëerd met imaginaire verzinsels. Kortom, het bestaat niet.</p>
<p>Alles dat wordt beweerd, van het trackrecord van een ngo tot aan de output van een project, moet worden bewezen. Ten eerste moeten onderzoekers een blokkade opwerpen bij peerreviews. Het is namelijk helemaal niet interessant wat mensen beweren. Een goede wetenschapper twijfelt te allen tijde. Een goede wetenschapper is niet vriendelijk voor statistiek. Een goede wetenschapper heeft geen interesse in een ‘leuke’ of ‘vriendschappelijke’ binding met de doelgroep die hij/zij onderzoekt. Op het moment dat er maar enigszins een binding is met een actor, verdwijnt de wetenschappelijke neutraliteit als sneeuw voor de zon en wordt de gunfactor groter.</p>
<p>Ten tweede kun je data bewijzen door telling, al dan niet steekproefsgewijs. Mijn twijfel zit in beweringen. Wordt data zomaar overgenomen? Worden trainingen geteld (welke persoon heeft op welke data een training bijgewoond, zijn hier lijsten van en zijn middels een steekproef enkele personen bezocht?) Worden hardware geteld (en zo ja, is er een lijst van bezochte hardware?) De 8000 pagina’s laten nergens een telling zien en we kunnen ons ernstig afvragen of alles wat door de ngo’s beweerd wordt niet slaafs is overgenomen.</p>
<p><div class="simplePullQuote right"><p><strong>Het overnemen van statistiek of het overnemen van beweerde statistiek zonder een wetenschappelijke proeve heeft geen waarde. Wetenschappelijk krijgt het dan de indicatie </strong><em><strong>onwaar</strong></em><strong>.</strong></p>
</div>Ik geef een voorbeeld uit het Country Report Bangladesh. ‘Our qualitative interviews confirmed our quantitative analysis in that there was a strong endorsement of the effectiveness and comprehensiveness of the different trainings and awareness raising activities around health and sexual and reproductive rights’ (pagina 39). Wie is wanneer naar deze training geweest? Ik kan dit nergens vinden.</p>
<p>Nog een voorbeeld: ‘An increase in the number of children with disability being enrolled in schools’ (pagina 142). Is er een lijst van kindernamen gezien en gecontroleerd? Zijn dit verzonnen namen of bestaande personen? Hoe is dit gecontroleerd? Kan ik deze lijsten inzien voor een check? Op deze manier kan ik honderden voorbeelden noemen met steeds dezelfde vraag die ontspruit uit het begrip ‘telling’.</p>
<p>Indien een telling niet is afgenomen, kun je spreken van een artificiële omgeving met imaginaire verzinsels. Door iets te beweren bestaat iets niet. Door het keer op keer te citeren, wordt iets dat <em>onwaar</em> is, niet beetje bij beetje meer <em>waar</em>. Niet het tegendeel van een bewering moet worden bewezen, een bewering moet worden bewezen. Het overnemen van statistiek of het overnemen van beweerde statistiek zonder een wetenschappelijke proeve heeft geen waarde. Wetenschappelijk krijgt het dan de indicatie <em>onwaar</em>.</p>
<p>Evaluaties gebaseerd op <em>peerreviews</em> houden niets minder in dan het reproduceren van datgene dat beweerd wordt. Daarbij meent een westerling te leunen op het waarheidsgehalte binnen een rechtschapen en vertrouwelijke vriendschapsrelatie. Dit is dé bottleneck van dit onderzoek, want het strookt totaal niet met de geschetste afhankelijkheidsrelatie en het cultuurgoed in het zuiden. Ik heb contact gezocht met Bijker en hij schrijft mij: ‘Een zorgvuldige peerreview door de beste internationale experts heeft de wetenschappelijke kwaliteit van de evaluaties vastgesteld en die evaluaties zijn genuanceerd positief over de Nederlandse ontwikkelingsinterventies.’ Hoe goed je mensen ook zijn, als je methode onjuist is, dan ben je wetenschappelijk gezien doelloos en ondienstig.</p>
<p>Zelf heb ik het vermoeden dat westerse onderzoekers ‘lastige vragen’ gewoonweg niet durven te stellen. Ze kiezen liever voor een vriendschappelijke relatie waarbij actoren in het zuiden bereidwillig zijn om mee te werken. Ik heb vele onderzoekers met elkaar enthousiast horen praten, niet over de resultaten, maar over het feit dat er een amicale vertrouwensband is opgebouwd zodat de bereidwilligheid om informatie te geven of rapporten in te laten zien hoger is geworden. Hoe lastiger de vragen die een onderzoeker stelt, hoe stroever de vertrouwensband wordt. Echter, een stroeve en bureaucratische houding is slechts een van de wapens die mensen in het zuiden gebruiken als inruilfiche. Daarnaast maken actoren in het zuiden met een amicale binding de wetenschappelijke neutraliteit kapot, zodat hun artificiële houding en imaginaire verzinsels geloofwaardiger worden. Kortom, het is een spel. Westerse onderzoekers detecteren totaal niet dat ze onderdeel zijn van een spel en dat ze dientengevolge worden</p>
<p>De impact van onderzoekers als <em>Eva</em> (in dit geval Bijker) is een bottleneck van ontwikkelingssamenwerking, omdat zij denkbeelden verstevigen vol met aannames en zonder bewijslast. De mensen in het zuiden zijn meesters in het bedriegen van zintuigen die ons op het verkeerde been zetten, omdat zij weten dat Westerlingen ervan uitgaan te zien wat ze willen zien, te horen wat ze willen horen. Ik zal in de boek meerdere voorbeelden hiervan noemen.</p>
<p>Dit hoofdstuk begon met getallen en bedragen van ontwikkelingssamenwerking en mijn advies is om deze te vergeten. Over enkele jaren is het <em>old school </em>en staan de accenten weer een heel andere kant op. De getallen en bedragen in de introductie en het verhaal van Bijker maken wel iets duidelijk. Ze leggen namelijk drie problemen bloot. Eén: we stellen niet de juiste controlevragen over output. Twee: de Nederlander is, naast het beste jongetje van de klas, goedgelovig. Drie: de schuldcultuur tiert welig in Nederland.</p>
<p>Zittend naast Joan in Anand Nagar zou ik antwoorden met een stelling waar ze zelf over mag nadenken.</p>
<p><em>“I think in life a person really has three choices: </em><em>loyal to your job, loyal to your target audience, loyal to your output.</em></p>
<p><strong><em>Resumerend</em></strong></p>
<ul>
<li><strong>De geldgevende landen twijfelen te weinig aan de juistheid van getallen en bedragen.</strong></li>
</ul>
<p><strong><span style="color: #ff0000;">Dit artikel is onderdeel van het boek</span> <a href="/wp-content/uploads/2016/08/Waarheidsvinding-en-ontwikkelingssamenwerking.pdf" title="Waarheidsvinding en ontwikkelingssamenwerking"  target="_blank">Waarheidsvinding en Ontwikkelingssamenwerking</a>.</strong></p>
<p><a href="#_ftnref1" name="_ftn1">[1]</a> CBS.</p>
<p><a href="#_ftnref2" name="_ftn2">[2]</a> Ibid.</p>
<p><a href="#_ftnref3" name="_ftn3">[3]</a> Ibid.</p>
<p><a href="#_ftnref4" name="_ftn4">[4]</a> Let op: bedrag in USD.</p>
<p><a href="#_ftnref5" name="_ftn5">[5]</a> OECD, citaat website en <em>History of the DAC 0,7% ODA-Target</em>, DAC Journal 2002, Vol 3 No 4, pages III-9 –III-11.</p>
<p><a href="#_ftnref6" name="_ftn6">[6]</a> https://www.parlement.com.</p>
<p><a href="#_ftnref7" name="_ftn7">[7]</a> Ter vergelijking: in 2016 is de Nederlandse overheidsschuld €.466 miljard, €.27.000 per Nederlander.</p>
<p><a href="#_ftnref8" name="_ftn8">[8]</a> Dambisa Moyo, <em>Dead Aid: Why aid is not working and how there is a better way for Africa</em>, p. 28.</p>
<p><a href="#_ftnref9" name="_ftn9">[9]</a> René Descartes en Elisabeth van de Palts, <em>Briefwisseling</em>, p. 12.</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.nl-aid.org/imaginair-onderzoekers-gaan-discreet-met-ons-belastinggeld-om/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
