Ruud Smulders, Lisa Ostermann en het duo Yentl en de Boer gingen er gisteravond met Poelifinario’s vandoor, de prijzen voor de meest indrukwekkende cabaretprogramma’s van het afgelopen seizoen. De uitreiking vond plaats tijdens het Cabaretgala in Theater Diligentia in Den Haag. De Neerlands Hoop, voor aanstormend cabarettalent, was dit jaar voor David Linszen.
De VSCD (Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties) stelde deze onderscheidingen in 2003 in. De Neerlands Hoop is bedoeld voor de cabaretier met het meeste beloftevolle talent; de Poelifinario, toegekend aan de meest imposante voorstelling van het seizoen, wordt sinds 2018 uitgereikt in drie smaken: kleinkunst, engagement en entertainment.
De Neerlands Hoop werd toegekend aan David Linszen voor zijn voorstelling Striptease van de dood. De jury roemde zijn onverwachte koerswisselingen, waarmee hij absurdisme nieuw leven inblaast, rare wendingen creëert en persoonlijke ervaringen organisch in het stuk weet te verwerken. De jury sprak van een verfrissend nieuw geluid uit een nieuwe generatie, een combinatie van intimiderende kracht en kwetsbare breekbaarheid.
In de categorie kleinkunst won het duo Yentl en de Boer met Rekhalzen — de tweede keer dat zij deze onderscheiding in ontvangst mogen nemen. Volgens de jury knallen hun liedjes van het podium in een perfecte mix van humor, diepgang en relativering van zichzelf. Waar veel artiesten in tijden van voorspoed misschien inspiratie missen, slagen Christine de Boer en Yentl Schieman er juist in om alles wat hen meezit om te zetten in een voorstelling die nergens vaart verliest, aldus het juryrapport.
De Poelifinario voor entertainment ging naar Ruud Smulders voor zijn programma Rüdsichtlos. De jury prees de wijze waarop vorm en inhoud in zijn show elkaar versterken en hoe Smulders de stand-upvorm inzet om zijn kijk op de wereld steeds gelaagder en scherper te maken.
De Poelifinario Engagement werd uitgereikt aan Lisa Ostermann, die net als Yentl en De Boer voor de tweede keer de prijs won. In De Baas onderzoekt ze hoe je zacht kunt blijven in een wereld die dat al lang niet meer is, en hoe je omgaat met innerlijke angst. De jury waardeerde haar persoonlijke toon en de onweerstaanbare mix van oprechte openheid met speelse, heerlijke absurditeit. In haar vurig en betekenisvol dankwoord riep ze beginnende vrouwelijke cabaretiers op — ook zij die twijfelen — tóch het podium te betreden en zich niet te laten afschrikken door luide boosheid van mensen die vaak om andere redenen kwaad zijn. Ze sprak ook over haar eigen poging om niet te verharden door de boze reacties die ze soms op social media krijgt.
Het werd een zwoele avond, grotendeels bevolkt door collega-theatermakers, waarin het vak luid en uitbundig gevierd werd en het belang van cabaret in deze tijd in meerdere speeches werd benadrukt.
De Staat van het Cabaret werd aan het begin van de avond uitgesproken door Volkskrant-recensent Joris Henquet — een gewaagde zet, gezien het publiek vol cabaretiers dat hij als recensent wel eens scherp bekritiseert. Henquet deed het echter royaal en positief: hij sprak over een uitzonderlijk sterk seizoen vol vernieuwing en originaliteit dat hem als doorgewinterde recensent vaak verraste. “Je hoopt altijd op iets nieuws”, zei hij, en in 2026 zag hij het cabaret meerstemmig en diverser dan ooit tevoren.
Presentatieduo Rosa da Silva en Derek Otte leidde de avond soepel door het programma. Da Silva leverde vocale hoogstandjes met de Groover Bigband en Otte vertaalde de juryrapporten op een vlotte manier naar korte, rijmende samenvattingen die het publiek amuseerden.
Uitreikingen en dankwoorden werden soms bijna podiumnummers op zichzelf. Jan Beuving hield een klein college over hoe cabaretiers alledaagse ervaring omzetten in kunst — een ontroerend pleidooi voor het kleinkunstlied. David Linszen hield een dankwoord dat even absurd en grappig was als zijn voorstelling; hij vertelde over een show rond het overlijden van zijn vader en dat zijn volgende voorstelling zich op zijn moeder zal richten. Smulders maakte in zijn ontwijkende dankwoord een grap over te gaan genieten van zijn prijs… totdat er een aflevering van Boos komt die alles voorgoed zal veranderen. In vrijwel alle dankwoorden werd expliciet aandacht besteed aan technici, muzikanten, regisseurs en andere medewerkers — herkenbaar en terecht, want in persberichten is het soms zoeken naar wie er allemaal aan een voorstelling hebben meegewerkt.
De vorig jaar overleden Paulien Cornelisse hing als het ware boven de avond. Haar naam werd meerdere keren genoemd. Henquet citeerde haar gedachte dat het beter is om met verwondering dan met boosheid naar de wereld te kijken. Yentl en de Boer openden het gala zittend voor het gordijn met een klein liedje over een kwal die, als hij ziek is, overleeft door met een andere kwal samen te smelten — geïnspireerd op een van Cornelisses Volkskrant-columns. Een sober, ontroerend en passend eerbetoon.
Vergelijkbare berichten
- Wessel Meijering verovert alle prijzen: Triomf op Springplank Cabaretfestival!
- Jochem Myjer, Soundos El Ahmadi en Jan Beuving: Winnaars van de Poelifinario!
- Ontdek de beste dankspeeches van 2025: Een jaar vol inspiratie!
- Annelies Verbeke triomfeert: wint Toneelschrijfprijs 2025!
- Ontdek Nu: Keuzes van Nederlandse Toneeljury & Cabaret Commissie Onthuld!

Loes Bakker is onderwijsspecialist met jarenlange ervaring in beleid en praktijk. Haar bijdragen gaan over vernieuwing, digitalisering en pedagogische kwesties in het onderwijs. Ze legt onderwijsontwikkelingen kritisch bloot, altijd met een hart voor leerlingen, leerkrachten én een toekomstgericht onderwijssysteem dat iedereen gelijke kansen biedt.