Twee afnemers van Afas zegden onlangs een onderdeel van hun abonnement op, omdat ze dat gedeelte met AI zelf willen ontwikkelen. Jammer zou je denken, maar ceo Bas van der Veldt ziet het positief: een sterke tegenstander houdt je scherp, zo betoogt hij.
‘Sorry, maar we gaan dit onderdeel van jullie software zelf met AI bouwen, dus we stappen eruit voor dat stukje van het abonnement.’ Zo kondigden twee klanten laatst hun vertrek aan.
Het was een mededeling die je wel had zien aankomen.
En ik begrijp het wel. Het betrof beide kleinere ondernemingen en bouwen met AI was aanvankelijk gewoon goedkoper. Bovendien hadden die organisaties zelf iets leuks in elkaar gezet.
Raar misschien, maar ik vond het zelfs een beetje verfrissend. Concurrentie heeft namelijk een functie: een geduchte tegenstander geeft je energie. Die zorgt dat je alert blijft en voorkomt dat je achterover gaat leunen — mijn grootste nachtmerrie.
Terug naar het verleden
Een paar maanden terug voelde ik me een paar dagen zorgenlijk. Onze grootste concurrent (Exact) had de Nederlandse divisie van de op één na grootste concurrent (Unit4) overgenomen. Wéér een partij minder om dag in dag uit tegen te strijden. Ik schreef daar een keer over: Roadrunner heeft altijd een Coyote nodig.
Nu fungeert AI als onze Coyote: de belangrijkste uitdager. Het opvallende is dat deze nieuwe tegenstander ons op sommige punten bekend voorkomt. De situatie doet denken aan 1996, toen Afas net van start ging. Destijds was onze grootste concurrent geen ander groot softwarehuis, maar maatwerkoplossingen.
Een familielid of vriend van de directeur knutselde vaak, doorgaans met Excel als basis, een administratiepakket in elkaar. Dat was goedkoop, sloot precies aan op de eigenaardigheden van het bedrijf en werkte in het begin prima.
Het houtje-touwtje-systeem
Wij doken er pas in zodra die ‘knutselaar’ het onderhoud niet meer aan kon, met pensioen ging of wegliep na een conflict. Wat we dan aantroffen, was vaak een organisatie die draaide op een fragiel systeem vol ad hoc-oplossingen.

Dat waren doorgaans geen lastige verkoopgesprekken, kun je je voorstellen.
Juist daaruit ontstond het fundament van onze aanpak: standaardiseren. Maatwerk klinkt aantrekkelijk, maar het weerspiegelt vooral hoe je nu werkt, inclusief alle onhandigheden. Door te standaardiseren ga je nadenken over hoe processen idealiter zouden moeten lopen om je ambities te realiseren. Daarnaast profiteer je van kennis die al in andere organisaties aanwezig is.
Meer een black box
Tot zover de parallellen. De huidige situatie verschilt vooral doordat tegenwoordig vrijwel iedereen dankzij AI die handige neef kan worden. Tegelijkertijd is AI veel meer een black box dan Excel ooit was: die neef begreep meestal nog wat hij deed; AI is veel lastiger te doorgronden.

En er zijn vanzelfsprekend privacyvragen. Wie krijgt toegang tot je data? Wat gebeurt ermee? Dat is cruciaal wanneer je de persoonsgegevens van al je medewerkers in het systeem stopt. Ik denk dat wij op dat vlak gunstig gepositioneerd zijn. Onze software en data blijven binnen een Europese infrastructuur en we weten precies welke partijen bij wat betrokken zijn.
Wat levert dan de echte uitdaging op? Waar prikkelt deze nieuwe concurrent ons?
Een serieuze uitdager
Het antwoord zit in het enorme potentieel van AI. Wij zetten AI al in voor bepaalde taken en daarmee klaren we in dagen wat vroeger weken of zelfs maanden kostte. Andere softwareleveranciers en klanten kunnen precies hetzelfde doen. AI is dus absoluut een Heel Serieuze Concurrent.
Dat voelt spannend. Ik kan er bijna niet over schrijven zonder dat het lijkt alsof ik nerveus begin te worden.
Natuurlijk voel ik wel enige kriebels. Ik denk dat iedereen dat heeft. Er zit iets razendsnel en enorms in AI dat ontzag afdwingt. Wij waren altijd de Roadrunner, maar verliezen we scherpte, dan kunnen we zomaar de Coyote worden.
Heerlijk gedwongen
AI dwingt ons — en dat is juist het mooie — om helder te krijgen wat onze echte toegevoegde waarde is, welke onderdelen we willen behouden en waarin we willen investeren.
Bovendien zet het ons aan om nóg meer te investeren in onze kernkracht: onze cultuur als familiebedrijf. We denken in kwaliteit en op de lange termijn, maken eigen strategische keuzes en zijn direct bereikbaar. We zijn mensen; je kunt ons ontmoeten.
En ja, je kunt ons zelfs weer gewoon opbellen. Waar we de laatste jaren veel online oplosten (en dat nog steeds doen), hebben we aanvullend onze telefoonlijn weer geopend. Dat is mede te danken aan onze droomconcurrent.
Lees ook deze columns van Bas van der Veldt:
- Waarom werken ze niet zo hard als ik, vraagt Afas-ceo Bas van der Veldt zich af
- Afas-ceo Bas van der Veldt vraagt zich af: hoe word je digitaal soeverein?
- Afas-ceo: ‘Als iedereen straks zelf kan programmeren, waarom bestaan we dan nog?’
Vergelijkbare berichten
- Europese auto-CEO weigert te bezuinigen: AI ‘droomconcurrent’ en datingapps onder druk (week 43)
- AFAS’ Bas van der Veldt: Niet de Slimste, Wel de Leukste Leider!
- Week 8 Must Reads: Vliegende Taxi’s en Kweekvlees volgens Klaas Dijkhoff: Van Front tot Druipend Vlees!
- Topverhalen week 26: Ontmoet de nieuwe Heineken-baas & Max Welling: Wordt Nearfield de volgende ASML?
- Rob onthult alles: de uit de hand gelopen grap met Wilfred Genee!

Anika schrijft over tuinieren, natuur en ecologie. Ze deelt praktische tips en seizoensgebonden inspiratie voor elke tuinliefhebber. Haar stukken combineren vakkennis en passie, met oog voor biodiversiteit, duurzaamheid en welzijn. Ze moedigt lezers aan om bewuster en groener te leven, te starten in eigen tuin.