De Nederlandse Dansdagen draaiden dit jaar om culturele identiteit en de positie van vrouwen. Voor het eerst onder leiding van het tweetal Claudia Laenen en Lobke Nabuurs, dat enkele duidelijke wijzigingen doorvoerde. De ‘Staat van de dans’ werd geen traditioneel debat maar een ‘in beweging’ samenkomst, speeches kregen de vorm van spoken word en het gala plaatste makers en uitvoerders centraal. Het nationale festival in Maastricht koos bewust voor een traject dat kwetsbaarheid en menselijkheid benadrukt.

Toespraak door Junadry Leocaria, foto Sjoerd Derine

Danseres en maker Junadry Leocaria trapte het festival af op vrijdag 2 oktober met de ‘Staat van de Nederlandse Dans – in Beweging’. Ze schetste wat er van haar werd verwacht binnen de danswereld als vrouw en als vrouw van kleur: de oproep om ‘authentiek’ te zijn, maar wel op een manier die acceptabel gevonden wordt. Ze vertelde hoe ze zichzelf in categorieën moest duwen om geaccepteerd te raken. Over haar opleiding zei ze dat ze leerde ‘naar de tellen te luisteren, maar ook naar de blikken’. Leocaria maakte duidelijk dat cultuur niet iets is dat je tijdelijk aan- of uittrekt. ‘Je kunt het niet even aantrekken voor applaus en daarna wegleggen’, stelde ze. Haar pleidooi was helder: stel minder vragen over het uiterlijk van een danser en richt je meer op wat diegene te vertellen heeft.

‘Wie bepaalt waar jij mag staan?’, stelden Claudia Laenen en Lobke Nabuurs aansluitend aan het publiek in de Sint Janskerk. Een beeldende vraag die tegelijk letterlijk naar positie op het podium verwijst en de machtsstructuren in het vak en daarbuiten aan de kaak stelt. Moderator Lene Grooten bouwde verder op de indrukken die de eerste sprekers hadden achtergelaten. ‘Wanneer voelde je je gezien, maar niet gehoord?’, vroeg zij.

Na korte uitwisselingen met aanwezigen nam danseres Tara Salahshor het podium. Op een opname van haar grootmoeder die een Perzisch lied zingt, danste Salahshor met ingetogen blik en ronde, zachte bewegingen het verlangen naar iets of iemand uit — iets dat onbereikbaar of verloren is. Het werk is een solo uit LÍX van Mohamed Yusuf Boss, een voorstelling die onderzoekt hoe we ons verhouden tot onszelf en tot de geschiedenis die in ons voortleeft. 

Tara Salahshor danst ingetogen bij opname van familielied
Tara Salahshor danst met ingetogen bewegingen op een opname van haar grootmoeder.

Choreografe Cecilia Moisio bracht vier dansers in rode kledij, onder wie Beppie Blankert en Louise Frankenhuis. Met bollen rood garen in de hand liepen ze tussen het publiek en weefden draden, die vastgehouden werden tot er een netwerk van rood ontstond. Dit is een voorproefje van een nieuw stuk over (peri)menopauze en ouder wordende vrouwen, dat in 2028 te zien zal zijn. Frankenhuis benadrukte: ‘Het gaat niet om wat je nog allemaal kunt, maar om wat je te geven hebt.’ De ‘Staat’ riep daarmee een sfeer op van verbondenheid, openheid en kwetsbaarheid — een veelbelovend begin van het festival. 

LEES  62% podiumkunstproducenten onder druk: ervaren censuur en stress door subsidies
Dansers in rode kleding weven rood garen tussen publiek
Vier dansers weven rood garen tussen het publiek als netwerkbeeld.

Een gala in beweging
Traditioneel hoort bij de Dansdagen ook een Gala. Dit jaar werden vijf uiteenlopende dansvoorstellingen gekoppeld aan de uitreiking van de VSCD Dansprijzen. Met de ‘Zwanen’ en ‘Jonge Zwanen’ worden ensembles, choreografen en uitvoerenden in het zonnetje gezet die het afgelopen seizoen de jury bijzonder troffen.

Winnaars Zwanen en innovatieprijs, foto Sjoerd Derine

Het gala opende met Kalpanarts, het gezelschap van choreografe Kalpana Raghuraman, die tevens creative associate bij Het Nationale Ballet is. Een fragment uit haar nieuwe productie Winged toonde thema’s rondom menselijke verbinding. Het live slagwerk, een coproductie met HIIIT, en een ingrijpende lichtscenografie voegden een extra dimensie aan de choreografie toe. 

Vervolgens liet Gaia Gonnelli’s Dadodans een passage uit LiCHT zien, waarbij een danser en een luchtacrobaat het jonge publiek (2+) meenamen in een zintuiglijke ervaring met reflecties en licht door middel van spiegelsequenties. Deze productie won de Jonge Zwaan voor meest indrukwekkende jeugddansproductie. 

De Innovatieprijs ondersteunt makers die met hun werk actuele ontwikkelingen en bijzonder talent zichtbaar maken. Ditmaal lag de focus op makers die dans verbinden met culturele identiteit. Cheroney Pelupessy won de prijs vanwege de maatschappelijke ambitie van haar projecten, de betekenisvolle samenwerking met danseres Melisa Diktaş en haar aandacht voor Nederlands‑Indonesisch erfgoed. De prijs omvat een bedrag van 25.000 euro voor nieuw werk, dat tijdens de Nederlandse Dansdagen 2027 in première moet gaan. 

Het gezelschap Oxygen liet tijdens het gala het precieze samenspel zien in THE RISE, een choreografie van Jennifer Romen, waarin de dansers golven, canons en patronen uitvoeren. Een opvallend element was de inzet van een camera die live op een scherm toonde hoe de dansers in razend tempo geometrische en organische vormen creëerden en telkens transformeerden. 

In het aangrijpende Xanuun van Mohamed Yusuf Boss staat het leed van Somalische migrantjongeren centraal. De in Groningen werkende choreograaf behandelt afkomst, macht, identiteit, herinnering en verzet en weet met zijn verhalende benadering diepe indruk te maken. 

LEES  Belegerd Oekraïens Theater: Dag 1 van een Historische Zelfvertelling!

De Junior Company van Het Nationale Ballet sloot de avond af. Choreograaf en creative associate Mthuthuzeli November onderzoekt in In Your Footsteps spiritualiteit; de dansers bewegen op muziek die November zelf componeerde. In zijn werk vermengt hij klassieke ballettechniek met moderne en Afrikaans‑geïnspireerde bewegingen om zo een nieuw bewegingsidioom te vormen en veelzijdige verhalen te vertellen. 

Als hoogtepunt van het gala werd ook De Gouden Zwaan uitgereikt — een prijs die niet jaarlijks wordt toegekend en waarvoor niet genomineerd wordt. Dit jaar ging de onderscheiding naar Peggy Olislaegers vanwege haar decennialange rol als vernieuwer binnen het dansveld. De jury prees haar omdat haar werk laat zien hoe vernieuwing kan ontstaan door het vanzelfsprekende ter discussie te stellen. 

Drie fijngevoelige duetten
De volgende dag programmeerde de Sint Janskerk een triple bill met drie subtiele duetten. De dansen gingen over ruimte opeisen, het hunkeren naar menselijke nabijheid en het streven zacht te blijven in een lijf dat verzet biedt. Het choreografenduo Aya Misaki en Kai Tomioka openden met Shokunin. Het decor werd gevormd door een groot vierkant op de vloer, opgebouwd uit liggende bamboestokken. De dramaturgie volgt de bewegingen van die stokken en hoe zij de dansers sturen en soms zelfs lijken te beheersen. Door de stokken voortdurend te verplaatsen creëren de uitvoerders paden, blokkades en wisselende geometrische patronen, waarbij ze af en toe geïsoleerd raken en soms de ruimte delen — een metafoor voor de ups en downs van het leven: van contemplatie en verdriet tot vreugde en beklemming.

Even the Edges van Claire Hermans en Tijmen Teunissen, still uit trailer

In Even the Edges zoeken makers en dansers Claire Hermans en Tijmen Teunissen naar contact. In spijkerbroek en met ontbloot bovenlichaam rennen ze met uptempo muziek het podium op. Ze willen elkaar naderen maar weten niet precies hoe. Zo probeert het paar een appel samen, zonder handen, in hun monden te houden en te eten; het sap loopt over kin en borst. 

Ze schuiven en rollen over elkaars lichamen. Een poging tot intimiteit mondt uit in het elkaar vinden van de mond — aanvankelijk lijk je een kus te verwachten, maar dat verandert in echoënde, zeeleeuw‑achtige geluiden doordat ze met open monden fysiek contact blijven maken. Het is zowel grappig als ontroerend, omdat het wanhopige verlangen naar verbinding voelbaar en bijna pijnlijk wordt. 

LEES  Bekende Acteur Frits Jansma (74) Overleden: Een Verlies Voor De Theaterwereld

Als laatste liet het programma een fragment zien uit Tender Resistance van Faizah Grootens, uitgevoerd door Evelien Jansen en Amber Veltman. De dansers kijken verwonderd de wereld in, alsof iedere beweging hen zelf verrast. Ze trekken elkaar aan en stoten elkaar af als magneten en verbeelden zo de uitdaging om zacht te blijven in een harde omgeving. Met tekst van Nathania Engelhardt en de stem van Elia Isenia wordt gesproken woord in het Papiaments toegevoegd, waarmee de onderdrukking van vrouwen wordt aangeraakt. Grootens benadert kwetsbaarheid als een andere, krachtige vorm van verzet. 

De triple bill bood drie verschillende stijlen, maar verbond ze door een gemeenschappelijke aandacht voor menselijkheid en verbinding. Wel ontbrak er soms tijd om tussen de stukken door te laten bezinken wat er zojuist gezien, gehoord en gevoeld was. Gezien de diepgang van elk stuk zou elk werk meer recht gedaan worden als het afzonderlijk en in zijn volle lengte te zien was. 

Leocaria zette in het begin van de ‘Staat’ een toon die als fluisteringen door de gangen en zalen bleef hangen. Dat riep vragen op zoals: Wie zie je? Hoe kijk je naar iemand? En: door welke lens word jij gezien? Culturele identiteit bleek niet enkelvoudig aanwezig maar veelvoudig en dynamisch — eerder iets dat voortdurend in beweging is dan een vaststaand gegeven. Dit jaar bood het festival ruimte aan tastbare kwetsbaarheid; een menselijke kwaliteit die hopelijk bijdraagt aan een compacter, meer meelevend professioneel veld waarin we elkaar wellicht écht beter gaan zien.