Innovatiefonds Nadi zet in op lange termijn: successen pas over 10–15 jaar

oktober 13, 2026

Handen werken aan een circuitbord met vage schetsen en laptop op een werkbank

NADI, het pas opgerichte Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie, maakte direct een snelle entree met een eerste challenge. Oprichters Jelle Prins en Beau-Anne Chilla zijn ondertussen hard bezig met het opzetten van de organisatie die doorbraaktechnologieën moet stimuleren. ‘De vraag is: hoe snel kunnen we programma’s opzetten voor de grote kansen die we zien?’

Het kan snel gaan – zelfs binnen de Haagse politiek. Afgelopen zomer introduceerde de toenmalige minister van Economische Zaken, Vincent Karremans, het ‘3% R&D-actieplan’ om te zorgen dat Nederland meer in innovatie investeert. Eén van de maatregelen was de start van een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI), geïnspireerd op instellingen als Darpa in de VS, Aria in het VK en Sprind in Duitsland.

Doorbraken stimuleren met maatschappelijke impact

Het idee is een ondernemende organisatie neer te zetten die radicale innovaties ondersteunt die zowel dringende maatschappelijke kwesties aanpakken als de concurrentiekracht van Nederland versterken. Weg van de traditionele bureaucratie en lobbyprocessen waarin innovatie-euro’s vaak verwateren. Kabinet-Jetten nam Nadi op in het regeerakkoord, tijdens Prinsjesdag werd het aangekondigd en in de Miljoenennota stond al een eerste budget. En een week later konden oprichters Jelle Prins en Beau-Anne Chilla al de eerste challenge lanceren.

Team in innovatie-lab werkt samen aan prototype
Een ondernemend team in een innovatie-lab werkt aan een prototype dat maatschappelijke problemen moet oplossen.

Samen met de Duitse tegenhanger Sprind reserveert Nadi de komende anderhalf jaar 40 miljoen euro voor teams die met behulp van AI het ontwerp van energiezuinige chips kunnen versnellen. Zowel bedrijven als onderzoekers kunnen zich aanmelden; Nadi kiest uiteindelijk zeven teams die elk 2,6 miljoen euro ontvangen. Na acht maanden worden de drie best presterende teams geselecteerd, die elk nog eens 7 miljoen euro mogen inzetten. Het streven: chipontwerp verkorten van maanden naar weken met hulp van AI.

Vertrekken bij Forward.One en Cradle

Dit project is illustratief voor de ambitie van Nadi, en het is strategisch slim dat Prins en Chilla met Sprind samenwerken om meteen momentum te creëren. Tegelijk staat de organisatie feitelijk nog in de steigers. ‘Er moet nog een oprichtingswet komen, we zoeken programmadirecteuren, het is voor ons allebei inmiddels meer dan een fulltime baan’, aldus Chilla.

Chilla moest haar rol als partner bij deeptech-investeerder Forward One opgeven. ‘Ik zat daar op mijn plek, maar mijn loopbaan draait om investeren in oplossingen voor maatschappelijke problemen en steeds stuitte ik op hetzelfde: de veelbelovende innovaties die het meeste kunnen bijdragen, vinden moeilijk risicokapitaal. Doorbraakinnovatie vraagt nou eenmaal tijd en geld, vaak meer dan een traditionele durfkapitalist kan bieden.’

Prins, voorheen medeoprichter van Cradle, is ook niet meer betrokken bij de dagelijkse leiding van die AI-startup. ‘Het leiden van Nadi is een droom voor mij. Cradle is dat ook nog steeds, maar het is een scale-up geworden en ik haal het meeste plezier uit de allereerste fases van een startup.’

LEES  Adriaan Mol transformeert Mollie tot bank: “Voor schaalbaarheid moet ik loslaten”

Darpa, Sprind en Aria als voorbeelden

Het idee voor Nadi lag niet uit de lucht: Prins pleitte er al voor in het AI Deltaplan waar hij eerder aan meewerkte; ook het rapport-Wennink en de Tech Champions pleitten begin 2025 voor een dergelijk instituut. Er is geen ene duidelijke bedenker van de nieuwe innovatiemotor. ‘Kijk, Darpa bestaat al zestig jaar, en recentelijk zagen we hoe effectief Sprind en Aria zijn. Ook Frankrijk en Zweden werken aan vergelijkbaars: op een gegeven moment ontstaat brede consensus dat dit nuttig is,’ zegt hij.

Nederland blinkt uit in fundamenteel onderzoek, maar slaagt er te weinig in die kennis om te zetten in internationaal concurrerende bedrijven. Veel belovende vondsten blijven op de plank liggen omdat de transitie naar een product te lang, te risicovol of te onzeker is voor de markt. Nadi moet dat gat dichten met programma’s zoals die voor AI-ondersteund chipontwerp.

500 miljoen voor innovatieprogramma’s

Vooralsnog is er een pot van 500 miljoen beschikbaar om doorbraken te stimuleren. Voor welke periode precies? Prins: ‘De relevante vraag is: hoe snel kunnen we dat geld inzetten en programma’s opzetten voor de grote kansen die we signaleren?’

Stapels munten en notities symboliseren innovatiefinanciering
Het beschikbare budget van 500 miljoen moet door slimme programma’s goed besteed worden.

Er zijn immers genoeg urgente kwesties. Ministeries, kennisinstellingen, startups, gevestigde bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen uitdagingen aandragen die mogelijk met technologie zijn op te lossen. Chilla: ‘We staan open voor allerlei voorstellen. Vervolgens beoordelen wij: valt hier een programma omheen te bouwen? Is het probleem relevant voor Nederland, is de technologische ambitie hoog genoeg en is de maatschappelijke impact substantieel als het succes behaalt wordt?’

Topmensen als programmadirecteurs nodig

Een belangrijke opgave voor Nadi is niet alleen het kiezen van de juiste uitdagingen, maar ook het aantrekken van leiders voor die programma’s.

‘We zoeken absolute kopstukken: excellente, ondernemende mensen die niet per se zelf een bedrijf hoeven hebben gestart, maar wel een onmiskenbare drive en visie hebben. Vaak is er een stevige technische achtergrond; het kan ook een wetenschapper zijn die grote onderzoeksprogramma’s heeft opgezet. Zulke innovation directors vind je niet met een simpele LinkedIn-post,’ legt Prins uit.

Geen rechttoe-rechtaan technology push

De programma’s starten vanuit concrete problemen; welke technologieën ingezet worden, is de tweede stap. Wel blijven de projecten binnen de vier thema’s uit het rapport-Wennink: digitalisering en AI, veiligheid en weerbaarheid, energie- en klimaattechnologie en life sciences & biotechnologie — gebieden die economisch relevant zijn en geopolitiek gewicht hebben.

LEES  Koffiecrisis escaleert: JDE Peet’s in hevige strijd met supermarkten!

Prins: ‘Het is geen technologiepush waarbij we per se quantumprojecten gaan financieren. We formuleren een probleem: willen we meer weten over de Noordzeebodem, met alle onderzeese internetkabels, dan laten we onderzoekers met oplossingen komen. Of dat quantum, een autonome onderzeeër of getrainde zeehonden wordt, maakt ons minder uit. Sterker nog: als er al consensus is over de te gebruiken technologie, is het vaak iets dat klaar is voor venture capital.’

Focus op economische kansen voor Nederland

Hoewel de uitdagingen vooral groot en maatschappelijk van aard zijn, moeten de oplossingen die met Nadi-financiering ontstaan ook economische kansen voor Nederland scheppen. Prins: ‘Het energieverbruik van chips is een klimaatvraagstuk, maar tegelijk zijn we sterk afhankelijk van de VS voor AI. Dus zien we in onze eerste challenge ook een kans om het Europees chip-ecosysteem te versterken.’ Chilla voegt toe: ‘Bij een challenge wil je maximale impact, dat wegen we mee in het ontwerp. Sommige innovaties blijken zo fundamenteel dat ze in veel sectoren toepasbaar worden.’

Darpa is een bekend voorbeeld: uit die aanpak kwamen doorbraken als het internet en gps voort. Twintig jaar later rijden auto’s met bijna-autonome functies rustig door Nederland, een ontwikkeling die ooit begon met Darpa-challenges. Anders dan Darpa heeft Nadi echter geen eenduidige opdrachtgever zoals het Amerikaanse ministerie van Defensie.

Durven nee te zeggen tegen politiek

Hoe onafhankelijk kunnen Prins en Chilla opereren tegenover de politieke arena en ministeries die problemen aanleveren? Het antwoord is duidelijk: betalen is niet hetzelfde als bepalen. Prins: ‘Als financier wordt de richting vaak door een veelheid aan partijen gestuurd – dat leidt tot consensus voor de korte termijn. Wij willen juist programma’s ontwerpen met een langetermijnvisie.’ En als Nadi besluit dat iets niet geschikt is voor een programma, kunnen ze dat ook resoluut afwijzen, verzekeren de oprichters.

Tegelijk verwachten ze juist veel waardevolle input uit Den Haag. Chilla: ‘Het is goed dat ministeries problemen signaleren, maar wij bepalen hoe het programma eruitziet. Bijvoorbeeld: het onderhoud van bruggen is een groot probleem. Moet je een challenge uitschrijven voor beter onderhoud, of geef je prioriteit aan alternatieve brugconstructies die nauwelijks onderhoud vereisen? Wij ontwerpen programma’s zodat de overheid uiteindelijk optreedt als afnemer zodra er succes is.’

Overheid als launching customer

Want een vinding en een strak programma zijn niet genoeg als er geen markt of launching customer is om het product af te nemen. Dat aspect wordt meegenomen in de programmakeuze en -opzet. Het is aannemelijk dat de overheid vaak die eerste klant zal zijn, zeker bij vraagstukken die door ministeries worden ingebracht.

LEES  Recordinvestering van 330 miljoen: Wordt Nearfield Instruments de nieuwe ASML?

Prins put uit zijn ervaring bij Cradle: ‘We begonnen in 2020, toen vroeg geen enkele farmaceut om een AI-platform voor eiwitten. Maar zodra je aanbiedt het probleem op te lossen, wordt de interesse snel concreet.’

Succes meten vraagt geduld

Nadi zet in op fundamentele doorbraaktechnologie in een fase voordat afnemers of investeerders toeslaan. Hoe meet je het succes van zo’n agentschap? Chilla: ‘Dat voelt misschien ongemakkelijk, maar echte effecten worden vaak pas na jaren zichtbaar. Iedereen moet beseffen dat significante successen pas over tien tot vijftien jaar te herkennen zijn. Tegen die tijd willen we kunnen aantonen dat er grote bedrijven uit zijn voortgekomen die Nederland economisch en geopolitiek sterker hebben gemaakt.’

Er is ook politieke onzekerheid: innovatiefondsen kunnen in lastige tijden worden aangetast. Twee jaar geleden werd het Nationaal Groeifonds bijvoorbeeld deels aangesproken om belastingmaatregelen te bekostigen. Hoe zeker zijn de oprichters dat Nadi voldoende middelen behoudt?

‘Snelheid is essentieel’

Prins: ‘We moeten voortvarend starten, helder uitleggen waarom dit nodig is en vervolgens goede resultaten laten zien. Dat maakt het voor toekomstige kabinetten moeilijker om met die middelen te gaan schuiven. Gelukkig groeit in Nederland het draagvlak dat investeren in toekomstige capaciteit verstandiger is dan kortstondige consumptiestimulatie.’

Het is nog te vroeg om een tweede challenge aan te kondigen, zeggen Chilla en Prins. Chilla: ‘We hebben nog veel werk aan de organisatie en het prioriteren zal lastig zijn; er zijn zoveel urgente en prachtige uitdagingen. Maar we zijn binnen een week na het vrijmaken van het budget al met een eerste challenge live gegaan. Speed is of the essence — dat wilden we laten zien.’

Vergelijkbare berichten

Beoordeel dit post

Plaats een reactie

Share to...