Food for Skin verovert Europa: Huidverzorging uit groenteresten ondanks sceptici!

september 27, 2025

food for skin angela ursem

Na een periode van vijf jaar waarin het merk zelfvoorzienend was, trekt het duurzame huidverzorgingsbedrijf Food for Skin nu investeerders aan, waaronder Tony’s Chocolonely ondernemer Henk Jan Beltman. Nu de startup winst maakt, is het volgens medeoprichter Angela Ursem tijd om te groeien. Hun eerste doel is om hun klantenbestand in Nederland te verdubbelen.

Kon hij haar introduceren bij enkele durfkapitalisten uit zijn netwerk? Dat vroeg Angela Ursem ongeveer een half jaar geleden aan Henk Jan Beltman, voormalig CEO en mede-eigenaar van Tony’s Chocolonely. Zijn antwoord was een duidelijke nee. ‘Dat schrok me af’, herinnert ze zich. ‘Maar toen zei hij dat hij het zelf wilde financieren.’

Ursem is medeoprichter en CEO van Food for Skin, een duurzame huidverzorgings-startup. Recentelijk heeft het bedrijf bekendgemaakt dat ze in totaal 810.000 euro hebben opgehaald bij Doen Participaties en Rabo Foundation, en bij Genuine Business, het investeringsvehikel van Beltman. Genuine en Doen Participaties krijgen aandelen in handen, terwijl Rabo Foundation een langdurige lening verstrekt.

Ursem deelt niet hoe groot het aandelenbelang precies is. Wel vertelt ze dat zij, samen met mede-eigenaren Cathy Molenaar-Ursem, de COO en haar zus, en Manon Fennis, de CCO, een ruime meerderheid van de aandelen behouden. ‘We willen controle over het bedrijf behouden. Dat vinden onze investeerders ook belangrijk,’ zegt ze.

Onlangs is het team van drie uitgebreid met een (deeltijd) CFO: Laurie Lancee, oprichter van Vini Mini.

Huidverzorging uit groenten

Food for Skin produceert huidverzorgingsproducten die veganistisch zijn en volledig uit natuurlijke materialen bestaan. Hoewel dat niet uniek is, is de oorsprong van de ingrediënten dat wel. De crèmes en serums van het merk bestaan gemiddeld voor bijna 40 procent uit reststromen van de voedselindustrie.

Bijvoorbeeld de druivenpulp die overblijft na wijnproductie, of de pitten van pompoenen die verwerkt worden tot blokjes of soep. Ook gebruiken ze de schillen van biologische tomaten uit een Italiaanse pastasausfabriek, waaruit oliën en andere extracten worden gewonnen voor de productie van hun producten.

Dit lijkt misschien een ongebruikelijke lijst van ingrediënten, maar volgens Ursem worden dergelijke groente- en fruitextracten al ‘ongelooflijk veel’ gebruikt in de cosmetica-industrie, vooral vanwege de antioxidanten die ze bevatten.

‘Wat goed is voor je lichaam, is ook goed voor je huid’, zegt ze lachend. ‘Je herkent de namen op de verpakking alleen niet. Ook dat willen wij anders doen: duidelijkheid bieden over wat je nu eigenlijk op je huid smeert. We communiceren heel helder over de ingrediënten in onze producten, in begrijpelijk Nederlands.’

Toegevoegde waarde voor de economie

Food for Skin verzamelt niet zelf het voedselafval, maar koopt deze ‘cosmetische ingrediënten’ in bij gespecialiseerde leveranciers. In Europa, om het aantal transportkilometers te minimaliseren en daarmee de CO2-uitstoot zo laag mogelijk te houden. Zoals het Italiaanse biochemiebedrijf Phenbiox, dat 100 procent lokaal inkoopt en zoveel mogelijk circulair werkt.

Op een spreekwoordelijk bierviltje brainstormden Ursem en haar zus over het gebruik van zoveel mogelijk ‘geupcyclede’ ingrediënten. Neem die tomatenschillen – die worden normaal gesproken verwerkt tot veevoer.

LEES  Rombout Swanborn investeert €60 miljoen in revolutionair zonnefoliebedrijf: Potentie voor massaproductie!

‘Wij verwerken dit in een product dat veel meer waarde toevoegt aan de economie’, vertelt Ursem. ‘En zolang mensen tomatensaus blijven kopen, hebben wij een continue aanvoer.’

Badkamer vol microplastics

Het is al zo’n acht jaar geleden dat Ursem de Beat the Microbead-app van de Plastic Soup Foundation installeerde en besloot om haar badkamerproducten te controleren. Ze schrok van het aantal producten dat microplastics bevatte, kunststoffen die bepaalde eigenschappen aan cosmetica en verzorgingsproducten geven.

Haar zus Cathy, een schoonheidsspecialiste, merkte dat de huid van haar klanten slecht reageerde op al die synthetische stoffen en wilde een alternatief bieden. ‘Er was gewoon geen merk dat aan onze criteria voldeed’, zegt Ursem. ‘Dus zijn we zelf begonnen met de hulp van een cosmetisch wetenschapper, in de avonden en weekenden, naast onze banen.

Toen Ursem net was begonnen als hoofd van wereldwijde marketingcommunicatie bij Tony’s Chocolonely, kende ze mede-eigenaar Henk Jan Beltman al van hun studietijd. ‘We waren geen vrienden, maar wisten van elkaar af. Pas bij Tony’s klikte het echt.’

Kennismaking met impactondernemerschap

Voor Tony’s had Ursem leidinggevende marketing- en communicatierollen bij grote bedrijven zoals Heineken, G-Star Raw, Nike en Ahold. Hoewel dit prachtige bedrijven waren waar ze veel leerde, begon ze tegelijkertijd te realiseren dat ze producten promootte die mensen misschien helemaal niet nodig hadden.

‘Marketing draait in wezen om meer en meer te verkopen’, zegt ze. ‘Ik dacht: moet ik dit op deze manier blijven doen? Daarom ging ik bij Tony’s werken. Dat was een keerpunt in mijn carrière.’

Bij het chocoladebedrijf zag Ursem van dichtbij wat impactondernemen inhield: ondernemen met een missie die verder gaat dan alleen winst maken. Een wereld van verschil met haar eerdere werkgevers, merkt ze op. ‘Alleen al hoe er werd vergaderd. Elke vergadering begon met de waarden van Tony’s. Waarom zijn we hier? Waarom doen we dit? Dat was altijd het uitgangspunt bij elke beslissing.’

Ondertussen werden na tweeënhalf jaar ook de verzorgingsproducten die ze in haar vrije tijd met Cathy ontwikkelde, goedgekeurd door het laboratorium voor productie en verkoop. Daarmee stonden de zussen Ursem voor een keuze: gaan ze ervoor of niet? ‘Een week later kwam covid en ging Nederland in lockdown’, lacht Ursem. ‘Ik dacht: de wereld staat toch al op zijn kop, ik kan dit risico wel nemen. Al heb ik mijn baan bij Tony’s met pijn in mijn hart opgezegd. Maar ik wilde dit gewoon doen.’

Vijf jaar bootstrappen

Food for Skin is de eerste vijf jaar gebootstrapt, ofwel gefinancierd uit eigen zak en eigen cashflow. Voor hun startkapitaal braken de zussen hun pensioenspaarpot aan.

‘Voor de ontwikkeling van een nieuw verzorgingsproduct heb je minimaal 10.000 euro nodig, en wij hadden er vijf’, zegt Ursem. ‘Vervolgens moesten we ook een webshop bouwen en daar voorraad achter zetten. We kopen zes tot negen maanden van tevoren in, zo gaat dat in deze industrie, en nemen altijd voor een half jaar aan producten op voorraad. Daar ging dus ook best wat geld inzitten. Verder kun je best kostenefficiënt een nieuwe business runnen. We zijn gewoon gestart in de kelder, met een paar computers.’

LEES  Twitter Had Hem Bijna: Nu Leidt Martijn de Kuijper Een Kledingzaak

Het was desondanks geen vetpot. ‘Het eerste jaar konden we onszelf geen salaris uitbetalen. Ik leefde met name van mijn spaargeld.’

Inmiddels heeft het merk naast de webshop ook veertig verkooppunten, maar bij de start koos Food for Skin bewust voor directe (online) verkoop aan de consument. Naar de retail gaan had op dat moment geen zin, vertelt Ursem. ‘De winkels waren toch dicht.’

Maar hoe bereik je als startend online merk je doelgroep? Daarvoor kon ze putten uit de lessen die ze bij Tony’s leerde. De belangrijkste: mensen kopen een product niet vanwege het mooie verhaal, maar omdat het een goed product is. ‘Duurzaamheid is meer een hygiënefactor.’

Dat geldt zeker voor producten die consumenten dagelijks gebruiken en waarvoor ze moeten worden weggelokt van hun vaste merken. ‘Daarom hameren we ook zo op kwaliteit’, zegt Ursem. ‘In de eerste plaats brengen wij verzorgingsproducten die de huid steviger en sterker maken. Daarvoor heb je maar drie producten nodig: een voor reiniging, een voor voeding en een voor bescherming.’

Zo gaat het verhaal van Food for Skin rondzingen: klanten zijn blij met de producten. Het bedrijf doet ook campagnes met influencers, maar uiteindelijk gaat er volgens Ursem niets boven mond-tot-mond-reclame.

Kleinere marges dan de industrie

Naast het product moest de prijs-kwaliteitverhouding op orde zijn. Een potje dagcrème (50 ml) kost 39,50 euro: dat lijkt best aan de prijs, maar daarmee zit Food for Skin volgens Ursem onder het marktgemiddelde van ongeveer 45 euro. Nog steeds geen bedrag dat elke consument kan of wil betalen, weet ze. ‘Maar het is wel een eerlijke prijs. Met de keuze voor geupcyclede ingrediënten is onze inkoop ook duurder. Daarom kiezen we er bewust voor om zelf genoegen te nemen met kleinere marges. Die zijn niet te vergelijken met die van de traditionele skincare-industrie.’

Omzetcijfers deelt het bedrijf niet. Ursem: ‘We hebben nu 15.000 klanten, waarvan de meesten meerdere keren per jaar bij ons bestellen, voor een gemiddeld bedrag van 50 à 60 euro per keer. Dat geeft een beeld.’

Inmiddels hoeven de zussen niet meer op hun reserves te teren. Na twee jaar kunnen ze zichzelf salaris uitkeren – wat helpt, is dat Ursem thuis niet de enige kostwinner is en haar zus haar werk in de beautysalon heeft. Recent volgde een nieuwe mijlpaal: sinds deze zomer draait Food for Skin break-even.

Klantenbestand verdubbelen

Voor Ursem is dat hét bewijs dat het businessmodel werkt. ‘Maar het was echt bikkelen. Hoe vaak we wel niet te horen hebben gekregen dat het niet kon, dat het niet haalbaar was of te duur. Wacht maar, dacht ik dan.’ Neemt niet weg dat het allemaal best wel pittig was. ‘Als ik het over zou kunnen doen, zou ik veel eerder om hulp hebben gevraagd. We probeerden het allemaal zelf uit te vinden. Terwijl er zoveel mensen zijn die willen helpen.’

LEES  Startups Zien Grote Investeringen in Juni: Philips-veteraan Van Houten Investeert in Aquablu

Nu Food for Skin zwarte cijfers schrijft, is het tijd voor de volgende fase. Ursem: ‘Het afgelopen jaar hebben we de achterkant van het bedrijf – productie, logistiek en fulfilment – zo ingericht dat we de komende vijf jaar snel kunnen gaan opschalen.’ Het verse groeigeld investeert de startup onder meer in de zichtbaarheid en naamsbekendheid van het merk.

Eind 2026 moet het klantenbestand van 15.000 adressen in Nederland ten minste zijn verdubbeld. Verder start Food for Skin volgend jaar met de voorbereidingen voor uitrol naar België en Duitsland. De marktintroductie staat gepland voor 2027.

Vraag aanjagen

Stap voor stap moeten andere Europese landen volgen. Ursem: ‘Over vijf jaar willen we in de top 10 van duurzame cosmeticamerken in Europa staan. We willen een koploper worden in de breedste zin van het woord, want we hopen dat andere bedrijven onze werkwijze volgen.’

Dat betekent dat achter de schermen aan het vergroten van de impact wordt gesleuteld. Food for Skin werkt al samen met de sociale werkplaats Boro Atelier, waar de wasdoekjes van het merk worden gemaakt, en zoekt een partner voor het samenstellen van de nieuw te introduceren cadeaupakketten.

Met recyclewinkel Droppie werkt het bedrijf aan een statiegeldsysteem voor de glazen potjes en flesjes en met een subsidie van de RVO wordt onderzocht of de ‘virgin’ pompoenzaadolie die het bedrijf nu gebruikt, in plaats daarvan uit de pitten van Nederlandse pompoenenrestanten kan worden gehaald.

Idealiter bestaan de skincareproducten straks voor 100 procent uit grondstoffen die anders als veevoer of biomassa waren geëindigd, zegt Ursem. ‘Daarvoor is het aanbod, en de kwaliteit ervan, nu nog niet groot genoeg. Wij proberen die vraag aan te jagen.’ Want eigenlijk vindt ze het te idioot voor woorden dat er pompoenen en tomaten speciaal voor de cosmetica-industrie worden gekweekt. ‘Kom op zeg. Die groente is bedoeld om monden te voeden.’

Vergelijkbare berichten

Beoordeel dit post

Plaats een reactie

Share to...