Pascal Coppens waarschuwt dat Europa dure fouten maakt door verkeerde beeldvorming over China, zoals beschuldigingen van staatssteun en kopieergedrag. Hij benadrukt dat de strijd met China niet alleen gaat over prijzen, maar ook over kwaliteit.
Volgens Pascal Coppens, internationaal spreker en verbonden aan Nexxworks, zullen sectoren zoals chemie, auto-industrie en staalindustrie nog meer onder druk komen te staan door concurrentie uit China. Hij voorspelt een golf van concurrentie in alle belangrijke industriële sectoren van Europa.
Coppens, met 37 jaar ervaring in China en auteur van het boek ‘China’s Next Miracle’, benadrukt dat Europa zich slecht voorbereidt door een incorrect beeld van China te hebben. Dit terwijl China geen prominente publieke figuren heeft zoals Donald Trump om hun verhaal te vertellen, merkt hij op in een gesprek met MT/Sprout.
#1 Europa als dumpplaats voor goedkope producten
In China wordt voor elke sociale klasse geproduceerd, van de laagste tot de hoogste kwaliteit, legt Coppens uit. Een voorbeeld hiervan is de populariteit van winkels zoals Action in Nederland, waar consumenten minder betalen voor producten.
De lage prijzen van Chinese webshops zoals Shein en Temu worden vaak toegeschreven aan goedkope arbeid, maar dat is een misvatting. De lonen in China zijn gestegen, en de lage prijzen zijn vooral te danken aan grootschalige investeringen in automatisering en schaalvergroting.
Zelfs na een importbelasting van 17,5 procent blijft een Chinese autofabrikant zoals BYD meer winst maken dan Europese concurrenten, door hun schaalvoordeel en dominantie in de markt van elektrische voertuigen, legt Coppens uit.
Prijs- én kwaliteitsstrijd
Chinese bedrijven richten zich eerst op succes in hun eigen gigantische markt. Wanneer er een overcapaciteit is, zoeken ze, net als Nederlandse ondernemers, naar mogelijkheden in andere markten.
‘Europa is een aantrekkelijke markt omdat Chinese bedrijven nu de kwaliteit kunnen leveren die wij vereisen. Dit is ook een reden voor overcapaciteit en zogenaamde “dumping”. Als Europese consumenten deze producten niet zouden waarderen, dan zouden we niet in deze situatie zitten,’ stelt Coppens.
Hij voegt toe dat Chinese bedrijven nu ook concurreren met de topkwaliteit van Europese producten, waarmee de strijd niet alleen over prijs, maar ook over kwaliteit gaat.
#2 Concurrentievoordeel door staatssteun?
Er is een algemeen misverstand dat Chinese bedrijven zonder staatssteun niet zouden kunnen concurreren, wat zou wijzen op oneerlijke competitie. Coppens benadrukt echter dat de meeste producten die we gebruiken gemaakt zijn door bedrijven zonder staatssteun.
De Chinese overheid ondersteunt bedrijven voornamelijk om bepaalde transities en prioritaire sectoren te ontwikkelen, vergelijkbaar met hoe Europese bedrijven subsidies kunnen ontvangen voor duurzaamheidsinitiatieven.
De focus van de vijfjarenplannen van China ligt op specifieke industrieën, maar veel bedrijven en sectoren ontvangen geen steun omdat ze niet binnen deze plannen passen, legt Coppens uit.
Overlevingsstrijd
Subsidies zijn niet de hoofdreden voor het succes van deze bedrijven; het is de marktconcurrentie die innovatie en snelle ontwikkeling stimuleert. ‘De strijd is hevig; zonder te innoveren overleven deze bedrijven het niet,’ zegt Coppens.
Hij geeft het voorbeeld van BYD, die in het verleden subsidies ontving, maar benadrukt dat het overleven van het bedrijf niet afhankelijk was van deze subsidies. Het was andersom; door te overleven hebben ze subsidies kunnen veiligstellen.
#3 Voordeel door imitatie en kopieergedrag
Coppens schetst dat China’s reputatie als ‘copycat’ stamt uit de jaren tachtig en negentig, toen het land economisch wilde groeien door te imiteren. Toen Chinese bedrijven elkaar begonnen te kopiëren, werd dit minder effectief.
Vanaf dat moment is de bescherming van intellectueel eigendom aangescherpt. Chinese bedrijven zijn innovatiever geworden, niet vanuit een creatieve impuls, maar als reactie op marktcompetitie en -vraag.
Deze bedrijven starten vaak met goedkope producten en kopieën, maar verbeteren deze snel op basis van marktervaringen, zoals bij Huawei, BYD en DJI drones het geval was.
Innovatie als noodzaak
Innovatie wordt cruciaal zodra er concurrentie is, de markt erom vraagt, of het bedrijf internationaal wil gaan. Chinese bedrijven schakelen dan over van overleven naar innoveren, gedreven door hun ervaringen in de markt.
‘De impact die we in Europa voelen van bedrijven zoals Huawei of DJI komt doordat zij begonnen zijn met eenvoudige, goedkope producten en deze snel hebben verbeterd aan de hand van wat ze uit de markt hebben geleerd,’ legt Coppens uit.
#4 Achterstand van Chinese bedrijven
Een decennium geleden liepen veel Chinese sectoren nog achter, maar nu leidt China in 66 van de 74 kritieke technologieën, volgens een rapport van het Australische Strategische Beleidsinstituut (ASPI), met de VS die de overige acht leiden.
Chinese producten, diensten en kwaliteitsnormen zijn nu vergelijkbaar met die van het Westen, en in termen van productontwikkeling en snelheid van marktintroductie lopen Chinese bedrijven voorop. ‘Er zijn nog steeds productiviteitsverschillen, zoals in de Nederlandse landbouw, maar die worden nu ingehaald door automatisering en robotisatie,’ zegt Coppens.
Generatie Z in China
Wanneer men het heeft over achterstand, worden Chinese bedrijven vaak vergeleken met toptechnologische bedrijven in Europa zoals ASML. ‘Maar noem mij één ander bedrijf in de wereld dat niet achterloopt op ASML,’ zegt Coppens.
De Chinese generatie Z kan nog voor grote verrassingen zorgen, waarschuwt hij. Dit is de eerste generatie die de ruimte heeft gekregen om te creëren en is opgeleid om hard te werken. China wil laten zien dat het qua innovatie en creatie niet onderdoet voor westerse landen.
‘Je ziet dit al in de gaming- en filmindustrie. Dit wordt de trend voor de komende tien jaar die wij genegeerd hebben. Mijn voorspelling voor 2035 is dat we een wake-up call zullen krijgen, wanneer we inzien dat de Chinezen ons niet alleen hebben ingehaald qua hard werken, maar ook qua creativiteit,’ voorspelt Coppens.
#5 Bescherming van de Europese markt zal China schaden
Extra importheffingen zullen als een boemerang werken, voorspelt Coppens. ‘De Chinezen zullen hun fabrieken naar Europa brengen om heffingen te ontlopen, en zo zitten we met de Chinezen in onze achtertuin. Ze zullen nog harder concurreren en sneller innoveren omdat ze voor de lokale markt produceren.’
Het huidige protectionisme dwingt Chinese bedrijven om in Europa te investeren. ‘Dat lijkt positief, maar het zullen voornamelijk geautomatiseerde fabrieken zijn die weinig banen opleveren, hooguit een paar bij de toeleveranciers,’ legt hij uit.
Andere maatregelen om de markt of soevereiniteit te beschermen, zoals het openen van lithium-mijnen in Europa, vindt hij onzinnig. ‘Tegen de tijd dat we zelf onze batterijen kunnen maken, zijn de Chinezen al drie generaties verder zonder lithium.’
Gevaar voor de auto-industrie
Brussel maakt gevaarlijke keuzes door Europese autofabrikanten meer tijd te geven voor de overstap naar elektrische voertuigen, vindt Coppens. ‘Dit vermindert de druk, maar nodigt tegelijkertijd Chinese fabrikanten uit om hier hun fabrieken te vestigen. Deze combinatie is dodelijk.’
De Chinese bedrijven die nu actief zijn in Europa, vertegenwoordigen slechts het topje van de ijsberg. De reden dat er niet meer zijn, is dat de Chinese markt nog steeds te groot is, waardoor internationalisering wordt uitgesteld. ‘Maar op de dag dat ze allemaal globaal actief zijn, zullen ze hier allemaal staan,’ waarschuwt hij.
#6 Exportverbod op technologie zal China vertragen
Coppens begrijpt de strategie om de nieuwste technologieën niet naar China te exporteren vanwege nationale veiligheid en soevereiniteit, maar hij heeft hier gemengde gevoelens bij. De keerzijde is namelijk dat dit China meer redenen geeft om zelfvoorzienend te worden.
Door het blokkeren van bedrijven zoals Huawei in 2019, die geen chips meer kunnen kopen in de VS of Europa, wordt de innovatie en kwaliteit van Chinese chips gestimuleerd. ‘Dit heeft een hele chipindustrie in China gecreëerd. Het duurde vijf tot zes jaar voordat we dit merkten. Nu moet Europa zich heruitvinden om relevant te blijven,’ zegt hij.
Beste tijd om te investeren
Is het te laat voor Europa? ‘Nee, het is nu een van de beste momenten om in China te investeren. Dat betekent niet onze producten dumpen in China. Dat gaat niet meer werken,’ zegt Coppens.
Met investeren bedoelt hij samen met de Chinezen ontwikkelen voor zowel de Chinese als de wereldmarkt. ‘China moet je zien als een enorm uitdagende markt waar je veel kunt leren, veel talent kunt vinden en snel kunt schakelen,’ adviseert hij.
Europa moet tegelijkertijd duidelijke keuzes maken voor bepaalde sectoren en bedrijven. Prioriteiten stellen kan pijn doen, daarom moet er samen met alle landen in Europa worden gekeken naar waar de industrie sterk in is.
‘Een prachtig voorbeeld hiervan is Airbus. We hebben samengewerkt om de beste technologische producten van Europa te bouwen. Dat moeten we weer gaan doen. We moeten meer samenwerken, of we zullen meer lijden. Dat zijn de twee keuzes die we hebben,’ concludeert hij.
Vergelijkbare berichten
- Week 7 Must Reads: Chinese Tsunami: Adyen’s Oprichtersfabriek & Leiderschapscrisis Looms
- Europa Sterker Dan Ooit: Ontdek Verhalen uit Dossier Re:Europe Die Het Bewijzen!
- Brussel onthult revolutionair steunplan voor chemiesector: ‘Moeder van alle industrieën’
- Nederlandse scaleup speerpunt in Europese zonnepanelen, batterijen en chips industrie!
- Europese AI- en Defensiestartups: €30 Miljard Aan Investeringen in 2025!

Anika schrijft over tuinieren, natuur en ecologie. Ze deelt praktische tips en seizoensgebonden inspiratie voor elke tuinliefhebber. Haar stukken combineren vakkennis en passie, met oog voor biodiversiteit, duurzaamheid en welzijn. Ze moedigt lezers aan om bewuster en groener te leven, te starten in eigen tuin.