Europese startups bloeien: waarom blijven echte wereldspelers uit?

februari 27, 2026

De Europese startupmachine draait als nooit tevoren, maar echte wereldspelers blijven uit

Terwijl Amerikaanse startende ondernemingen uitgroeien tot grote internationale spelers, lijken hun Europese tegenhangers te stagneren halverwege de route naar succes. Nieuw onderzoek toont een onaangename realiteit, zoals geanalyseerd door Mustafa Torun, een senior datawetenschapper bij Invest-NL. Hoewel Europa niet tekortschiet in het aantal startups, schiet het tekort in het bieden van groeimogelijkheden aan deze bedrijven.

De discussie rond het tekort aan venture capital in Europa wordt vaak gekenmerkt door twee tegenstrijdige visies.

Een groep beweert dat het probleem aan het begin van de startup reis begint: Europa investeert gewoonweg niet genoeg in startups in hun beginfase, en overheidsbeleid zou zich moeten richten op het vergroten van het aanvangskapitaal, netwerken en angel-investeerders ecosystemen. De andere groep meent dat de problemen zich later voordoen in de levenscyclus van de bedrijven. Niet bij de oprichting van startups of de initiële investeringen, maar in de fase waarin bedrijven proberen te groeien naar het niveau van wereldspelers.

Stakeholders in het ecosysteem benadrukken een toenemende scaleup kloof, waarbij het gebrek aan kapitaal voor later stadia en gefragmenteerde markten het Europese startup ondernemers moeilijker maken om financiering voor groei te verkrijgen en de concurrentie met Amerikaanse bedrijven aan te gaan.

Analyse van startups in drie levensfasen

Beide standpunten hebben geldige argumenten. De financiering voor de vroege fase in Europa toont een voortdurende groei en krijgt aandacht van beleidsmakers, maar onafhankelijke analyses tonen ook aan dat er een bottleneck blijft zodra bedrijven proberen te schalen van validatie naar echte groei. Het gaat er niet alleen om of Europa startups financiert, maar wat er gebeurt na de eerste investeringen – en dit onderscheid is cruciaal voor investeerders, oprichters en beleidsmakers.

Aan de hand van gegevens verzameld door Dealroom over Amerikaanse en Europese bedrijven opgericht tussen 2010 en 2025, heb ik de levenscyclus van bedrijven in drie fasen onderzocht: van lancering tot eerste financiering, van vroege financiering tot Series A, en van validatie tot groeifinanciering. De bevindingen wijzen op een nogal ongemakkelijke conclusie: Europa’s zwakte ligt niet zozeer in het starten van bedrijven, maar in het laten groeien ervan.

LEES  Startups Zien Grote Investeringen in Juni: Philips-veteraan Van Houten Investeert in Aquablu

Beperkte kloof tot de eerste financieringsronde

De eerste fase in de levenscyclus—van oprichting naar een eerste institutionele ronde—laat wel een kloof zien. Amerikaanse startups blijken vaker vroege financiering aan te trekken dan Europese. Dit ondersteunt de lang bestaande visie dat toegang tot kapitaal in de VS makkelijker is, vooral voor experimentele of risicovolle projecten.

Maar deze kloof is beperkt. Sterker nog, sinds midden jaren ’10 is het percentage Europese startups dat succesvol hun eerste financiering ophaalt gestaag verbeterd. Als het probleem van Europa alleen bij het starten van bedrijven zou liggen, zou het verhaal hier stoppen. Maar dat doet het niet.

Startups blijven achter in de groeifinanciering

Het echte verschil tussen de VS en Europa wordt zichtbaar in de volgende twee fasen. Zodra startups hun eerste financiering hebben afgerond, hebben Amerikaanse bedrijven veel meer kans om door te groeien naar een Series A-financiering en nog grotere kans om de fase van Series B en verder te bereiken.

Europese startups blijven significant achter. Tegen de tijd dat ze de groeifinancieringsrondes bereiken, zijn de Europese conversieratio’s ongeveer de helft van die in de VS:

Later, minder en moeilijker kapitaal

Dit is niet alleen een kwestie van geduld of verschillende groeifilosofieën. De gegevens laten zien dat Europese startups langer nodig hebben om van financieringsronde naar financieringsronde te gaan, zelfs als ze uiteindelijk slagen. Ze krijgen later kapitaal, in kleinere bedragen, en het kost ze meer moeite.

De daling van de conversieratio richting 2025 kan vertekend zijn door right censoring bias, een fenomeen dat de uitkomst van statistisch onderzoek omtrent overlevingsanalyses beïnvloedt doordat gegevens over uitvallers ontbreken. Daarom heb ik de Kaplan-Meier survival rate-metriek toegepast om dit te controleren. En die toont een duidelijker beeld.

LEES  Boskalis, Coolblue, VolkerWessels: Hoe één rijke familie stilletjes Nederlandse topbedrijven overneemt

De Kaplan-Meier-curves tonen voor elk cohort de kans dat een bedrijf nog niet naar de volgende fase is overgegaan in de loop van de tijd; een steilere daling betekent snellere progressie, terwijl een hogere, vlakkere curve langzamere of minder frequente vooruitgang aangeeft, zelfs na correctie voor right-censoring.

Europese startups worstelen in de latere fasen

De grafieken tonen dat het verschil tussen regio’s duidelijker is in de groeifase (de fase van series A-rondes naar groeikapitaal). De Europese curves dalen langzamer en blijven langer hoger, wat erop wijst dat bedrijven overleven, maar langer nodig hebben om verder te komen —als ze dat ooit bereiken.

Die strijd is zichtbaar in de omvang van de rondes. De eerste rondes zijn in Europa kleiner, maar het echte verschil doet zich voor bij de fasen van validatie en groei. Terwijl de groeirondes in de VS snel escaleren, vlakken die in Europa al vroeg af. Het resultaat is voorspelbaar: minder bedrijven bouwen het momentum op dat nodig is om wereldmarkten te domineren.

Minder kans om te schalen

Als we de uitkomsten controleren voor financieringsomvang in 4 kwartielen—waarbij we Europese en Amerikaanse startups met vergelijkbare begin- of validatierondes naast elkaar leggen—blijft de VS het beter doen, waarbij het voordeel aan de top zelfs groter is. Met andere woorden, zelfs Europa’s best gefinancierde startups hebben minder kans om te schalen dan hun Amerikaanse tegenhangers.

Dit patroon komt overeen met wat sectorrapporten al jaren waarschuwen. De Europese Investeringsbank heeft herhaaldelijk een ‘scaleup gap‘ geïdentificeerd, waarbij veelbelovende bedrijven moeite hebben om toegang te krijgen tot later stage-kapitaal in eigen land en daarop ofwel vertragen of besluiten te verhuizen. Ondertussen opereren Amerikaanse fondsen in diepere, beter geïntegreerde markten die agressieve vervolginvesteringen belonen.

LEES  Europa Sterker Dan Ooit: Ontdek Verhalen uit Dossier Re:Europe Die Het Bewijzen!

Meer aandacht nodig voor minder startups

Dat alles betekent nog niet dat Europa een gebrek aan talent of ideeën heeft. Integendeel. Europa brengt nu meer startups voort dan ooit. Maar het ecosysteem blijft structureel conservatief, juist op het moment dat overtuiging en kapitaal het belangrijkst zijn.

De conclusie is ongemakkelijk maar duidelijk. Europa lijdt niet primair of alleen aan een tekort aan startups, het gaat gebukt onder een tekort aan scaleups die een grotere omvang weten te bereiken. Om dit te verhelpen, moeten we minder focussen op het creëren van meer bedrijven, en meer aandacht richten op het met meer kracht ondersteunen van minder bedrijven.

  • Publieke investeerders krijgen steeds meer invloed en connecties in de Nederlandse vc-wereld
  • Het AI Deltaplan is vooral een plan om ooit een plan te maken
  • De paradox van regionale financiering: hoe hulp voor startups juist beperkend kan werken
  • Datagedreven werken vanaf dag één: een beknopte gids voor startup-founders

Vergelijkbare berichten

Beoordeel dit post

Plaats een reactie

Share to...